De laatste avond voor de Kerst werd er hard gestreden om felbegeerde punten. Het aantal deelnemers was in eerste instantie oneven en dat betekent dat er iemand zonder tegenstander zit. Maar Martijn Stam die niet ver van de club woont, was alsnog bereid te komen opdraven, zodat iedereen een tegenstander had. Hulde dus voor Martijn! Het duel tussen de nummers twee en één van de ranglijst stond deze avond op het menu. Gela Nikoladze was er op gebrand Jaco Vonk het vuur na aan de schenen te leggen. Voor het verslag doe ik een beroep op Jaco Vonk die schrijft: “De partij ging redelijk gelijk op, maar Gela had wel wat meer aanvalsmogelijkheden. Op zet 18 deed ik een ogenschijnlijk logische zet (combinatie tot afruil), maar het bleek een misser, omdat ik een paar zetten later in grote problemen zou komen met uiteindelijk stokverlies. Gela zag die variant ook niet en besloot tot een ander alternatief dat uiteindelijk leidde tot een soort van afruil, waarbij Gela twee paarden had en Jaco een toren en een pion. Er ontstond wel een lastige penning voor Gela, hij kon zijn paard op e7 niet verplaatsen. De stelling was nog licht in het voordeel van Gela, maar door een onnauwkeurigheid kon Jaco de druk op het paard op e7 zo groot maken dat Gela een dameruil moest toestaan met daarbij nog een pionverlies. Nu zat Jaco aan het stuur, omdat de toren een grootte reikwijdte had en de paarden van Gela nog in het gelid moesten worden gebracht. Na wat tactisch gemanoeuvreer kon Jaco een vrijpion creëren op de h-lijn, maar Gela had inmiddels eenzelfde troef op de a-lijn. Het was nu zeer moeilijk om de juiste zetten te vinden. De stelling was gek genoeg nog altijd in evenwicht tot de 50e zet (zie diagram na Tg8).
Gela besloot in tijdnood tot 50. Kxc6 waardoor de h-pion kon doorwandelen. Met 50. Pf1 was het nog altijd ongeveer gelijk, maar in tijdnood is dit heel lastig om te spelen. Ik voorzag een variant met twee paarden tegen drie losse vrijpionnen en een actieve koning. Hoe zou dat zijn afgelopen?
Henk Boot kruiste de degens met Eddy Korevaar, die Henk met zijn openingskeuze enigszins verraste. Maar goed, Henk was wel op bekend terreinen stond wat makkelijker in het centrum en op de koningsvleugel. Eddy zag zich “gedwongen” met b5 een pion te offeren (diagram na 18. … b5).
Henk had gewoon op b5 het pionoffer moeten aannemen en had dan een goede stelling gehad. Hij dacht echter zelf een pion op c4 te kunnen offeren en dat zijn eigen aanval wel eerder zou komen. Maar dat hij toch niet goed ingeschat en zo kwam Eddy steeds beter te staan. Henk kon het onheil niet meer keren en moest na nog wat gespartel de eer aan Eddy laten. Tja, opnieuw ging Eddy dus het meest adequaat met de geboden kansen om.
Hans Karelse pakte de zwarte openingsopzet van Elmar Bottema goed aan en kwam duidelijk beter te staan. Diagram na Td7.
Hij won met Td7 twee stukken tegen een toren, maar Elmar kreeg een goede kans toen Hans zich over het hoofd zag dat Elmar na Txb3 een naar schaakje met Dd1+ kon geven en daarna de toren op b3 ophaalde. Hierna was duidelijk dat de kansen gekeerd waren. Maar ook hier zaten er nog wat addertjes onder het gras. Hans blokkeerde de opmars van de zwarte a-pion met Da3. Vervolgens kon hij met de dame naar d6, zijn paard erbij halen en zo met remise ontsnappen. Diagram.
Kortom, een enerverende partij met wisselende kansen.
Ernst Delwel had Christian Boudewijn als tegenstander, net als een half jaar geleden toen remise het resultaat was. Ernst speelde nu met wit een voorzichtige opening, even saai en degelijk als Birkenstock sandalen. Christian volgde met gemak en na ruilen van meerdere stukken speelde Christian het logische en dwingende 23. Te8 -Te2 (diagram).
Ernst raakte van de wijs en speelde de passieve zet 24. Lb1. Na 24 Pg4 had hij dan noodgedwongen 25. Tf1 moeten spelen en vervolgens Kg2. Beter was overigens 24. Ld2 Pg4 25. Te1 waarbij de torens geruild moeten worden vanwege de dreiging 26. Te8 mat! In plaats van 25. Tf1 speelde Ernst de kamikaze-zet 25. Tf4 in de hoop een of twee pionnen te slaan op de damevleugel en daarbij de zwarte loper inactief te maken. Christian had nu gewoon met het paard moeten slaan op f2 gevolg door La6 met allerlei matdreigingen en in ieder geval eeuwig schaak. Christian speelde 25. … g5 en vervolgens de a-pionnen naar voren en trok de toren terug naar e7. Hierna kreeg Ernst het sterke veld c5 ter beschikking voor zijn loper. Het zwarte paard werd op e4 geruild tegen de loper en er ontstond een sterke witte vrijpion op d4 die verder kon oprukken. Wit kwam beter te staan en Christian ging met 43. … Tg7 (diagram) in de fout en gaf op vanwege Ld4+ en na of Tc7+ of Tg2+ valt de toren op g7.
Edwin Morks had naar zijn idee best een aardige stelling opgebouwd tegen Arjan Uittenbogaard, maar tenslotte trok toch Arjan aan het langste eind. Madelon Dane offerde tegen Gerard de Gans een stuk tegen een tweetal pionnen, maar kon Gerard niet van de wijs brengen en moest de eer aan hem laten. Michaël Houweling kreeg dus met Martijn Stam alsnog een tegenstander, maar Martijn kreeg geen voet aan de grond. Michaël kwam een stuk tegen een pion voor en kon daarmee zijn winst veilig stellen. Arnold van Es had het moeilijk tegen Egbert Meijer die een mooie aanval opbouwde. Hoewel sommigen de winst van Egbert al telden, bleek zijn aanval toch niet door te slaan en dan gaat nogal eens de ander er met de volle buit vandoor. Zo ook hier, Arnold won dus. Pieter Verdoorn en Martijn Koutstaal begonnen de partij rustig maar het werd een lang gevecht, waarin Martijn uiteindelijk de partij in zijn voordeel kon beslissen.
