Ronde 8 interne competitie

Ronde 8 interne competitie

Een aantal spelers van de top van de ranglijst was deze dinsdag niet aanwezig. Zo was het topduel de wedstrijd tussen Henk Boot en Hans Karelse. Al heel wat keren hebben zij inmiddels de degens gekruist en met de witte stukken trok Henk vrijwel steeds aan het langste eind, overigens enkele male met het nodige fortuin. Ook nu werd het een interessant gevecht, waarin Henk het betere van het spel had en Hans zich moest beperken tot verdedigen. Rond de 20e zet besloot Henk de stelling in het centrum te openen en kwamen er allerlei tactische motieven in de stelling. Henk had meerdere mooie mogelijkheden en dan wordt het juist extra moeilijk. Hij dacht en dacht, maar toch niet diep genoeg. Hij koos niet de allersterkste voortzetting en durfde geen pionwinst rond de 30e zet te accepteren, maar had niet goed ingeschat dat Hans stukken hem toch niet al te ernstig konden bedreigen. Hans repositeerde uiterst adequaat en als een duveltje uit een doosje kwamen zijn stukken uit de verdediging naar voren gestormd en moest Henk zelfs kwaliteitsverlies accepteren. Toen Henk niet de meest actieve verdediging vond, trok Hans de partij overtuigend naar zich toe. Hoewel de prestaties van Hans dit jaar misschien wat wisselvallig lijken is hij er toch in geslaagd zowel Jaco Vonk als Henk Boot een nederlaag toe te brengen!
Jeroen Brandsma kreeg mooie mogelijkheden tegen Henry Houweling, maar toen hij een tweetal zetten omdraaide, verloor hij een stuk tegen een pion. Jeroen had daarvoor zeker wel wat compensatie en speelde zo actief mogelijk, won op een gegeven moment een tweede pionnetje, maar Henry hield het hoofd koel en kon zo een mooie overwinning noteren.
Eddy Korevaar nam het op tegen Chris Tromp en kwam heel mooi te staan door een penning die hem een kwaliteit opleverde, terwijl hij eerder ook al een extra pionnetje had veroverd. Hoewel Chris probeerde met actief spel nog zand te strooien in Eddy’s machinerie, lukte dit niet echt en won Eddy.
Een bijzondere partij werd gespeeld door André van Wingerden en Henk van der Hoek. Hoewel de opening nogal rustig leek, is dat nu niet erg de stijl van André. Hij zette een mooi paard op e5 en drong zwart terug. Hoewel beide spelers volgens de computer achteraf wat eerder lichte stukken hadden moeten ruilen, zou dan het mooie vervolg van de partij niet mogelijk zijn geweest! Er werden door André heel wat stukken bij de aanval betrokken en uiteindelijk wist hij met een fraaie combinatie de buit binnen te halen (diagram 2x). Eerst vond André het fraaie 19. Pf5-h6+ en een paar zetten later Dc2xg6. De dame mag niet geslagen worden want dan volgt Pe5-g6 mat!

John Dessens en Robin Tenhunen speelden een evenwichtige partij, maar toen John uiteindelijk een pionnetje won, resteerde er slechts een remise-eindspel met ongelijke lopers.
Taco van der Poll kreeg een mooie stelling tegen Huig Visser en toen Huig probeerde met een grapje te vereenvoudigen, bleek dat slechts te leiden tot materiaalverlies en dus ook verlies van de partij.
Johan van der Heide kwam al snel na de opening in een hopeloze stelling terecht tegen Henk van Houweling. Zijn zwarte stukken sneden als een mes door de boter met een snelle overwinning als resultaat.
De langste partij was Bert van Hees tegen Rob van Driel. Hoewel Bert een mooie aanvalstelling opbouwde, lukte het hem niet goed door de verdediging van Rob heen te komen. Uiteindelijk ging Rob door zijn vlag en verloor daardoor, was het eerste idee dat het toen min of meer een emise-stelling was, maar in de analyse na afloop lieten de wijsneuzen aan de zijlijn dat de stelling van Bert nog steeds veel beter en misschien zelfs gewonnen was.
Arjan Uittenboogaard en Jan Post wonnen van Ton Lodder, respectievelijk Gijs Bos.

Ronde 7 interne competitie en KNSB-wedstrijd Rivierenland – De Giessen en Linge

Ronde 7 interne competitie en KNSB-wedstrijd Rivierenland – De Giessen en Linge

Afgelopen dinsdag was uw verslaggever niet lijfelijk aanwezig, omdat hij voor zijn andere team van Zukertort-Amstelveen een wedstrijd moest spelen. Er werd nipt gewonnen met 4,5-3,5 en zijn bijdrage was een soliede remise tegen een even sterke tegenstander. Grappig genoeg was dat zijn voorganger als voorzitter van de Schaakbond Groot Amsterdam, maar ze hadden nog nooit tegen elkaar gespeeld.
Maar goed, de interne competitie ging alweer de 7e ronde in. Jaco Vonk bestreed koploper Louis Rutgers op originele wijze. Een bekend gambietje in de opening leidde tot een flink aantal opeenvolgende pionzetten van wit, liefst 12 zetten achter elkaar! Het was niet onmiddellijk op internet na te gaan of we hiervan van een record mogen spreken. Curieus was dat hierna het eerst ontwikkelde stuk de witte koning was op zet 13! In ieder geval was het duidelijk een partij die niet volgens gebaande paden verliep. Louis voelde zich genoodzaakt een stuk tegen twee pionnen te offeren, maar kreeg daarvoor onvoldoende compensatie en verloor. Door deze overwinning nam Jaco de koppositie op de ranglijst weer over. Een verrassende uitslag was de winst van Ton Lodder op Hans Karelse. Het was een partij met wisselende kansen en wisselende materiaalverhoudingen. Hoewel Ton aan het eind via een vork materiaal verloor had hij als troef twee vrije randpionnen. Het bleek voor Hans niet mogelijk die beiden af te stoppen en Ton kon een mooie overwinning bijschrijven. Een tweede verassende uitslag was de winst van Henk van der Hoek op Eddy Korevaar. Hoewel Eddy eerst veel beter stond, raakte hij de draad kwijt en verloor.

Zaterdag 2 november was de 2e ronde in de KNSB en we trokken naar Rivierenland die hun speellokatie niet meer in Buren hadden, maar verhuisd zijn naar het Dorpshuis in Tricht. Teamcaptain Jeroen Brandsma kende heel wat van hun spelers en had ons wat algemeenheden ingefluisterd. In ieder geval bleken onze tegenstanders hun kopman te missen. En zoals verwacht, bleek dat zij hun opstelling verder behoorlijk hadden veranderd/aangepast in vergelijking met hun eerste wedstrijd die ze gewonnen hadden.
Het eerste resultaat werd geboekt door Louis Rutgers op bord 6 tegen hun speler met de op een na hoogste rating. Het leek er op dat wit na de opening wat makkelijker stond en Louis had een grappige, gedrongen, maar heel soliede pionnen formatie op de damevleugel. Er bleek voor wit geen voordeel te behalen en Louis boekte een keurige en soliede remise.
Datzelfde resultaat behaalde Tim Schakel op bord 4. Zoals bekend is Tim iemand van een rustige opbouw van de partij, goed nadenken, geen overhaaste beslissingen of manoeuvres, maar zijn tegenstander, die de hoogste rating aan hun kant had, dacht daar heel anders over. Reeds op zet 5 gooide hij alle remmen los en stormde in het centrum naar voren. Na lang denken koos Tim voor een agressief antwoord, waarop vervolgens zijn tegenstander ook flink wat tijd in de stelling investeerde, maar niet altijd de allerbeste keuzes maakte. Tim kwam daarop iets beter te staan, maar nu was hij degene die niet altijd de sterkste zet koos. Hoewel hij op een gegeven moment een pion verloor, bleek achteraf dat hij niet in verliesgevaar is geweest. Hij hield het hoofd koel en wikkelde af naar een remise.
Op de eerste twee borden hadden onze tegenstanders spelers met een wat lagere rating geplaatst. Zeker gold dat voor de tegenstander van Henk Boot op bord 2. De opening liep voor Henk naar wens, er werden wat stukken geruild waarna Henk een wat makkelijker pionnenstructuur had. Zijn tegenstander besloot tot een vroege dameuitval met 13. Dg4, maar speelde Henk hiermee eigenlijk in de kaart. Toen hij vervolgens kort rokeerde kon Henk twee pionnetjes tegelijk onder vuur nemen, waarvan hij er eentje won. Dat was na 15 zetten natuurlijk plezierig, temeer omdat, zoals al was voorspeld door Jeroen zijn tegenstander toen al ruim een uur had gedacht en Henk een tijdsvoordeel van 40 minuten had opgebouwd, altijd lekker. Wit had niet echt compensatie en maakte op zet 20 een fout door een penning van zijn loper op d4 toe te laten. Wit had overigens toen nog maar 10 minuutjes bedenktijd over. In plaats van de penning op te voeren en daarmee een tweede pion te veroveren (wel gezien door zijn “buren” Eddy en Jaco), ruilde Henk af naar een uitstekend toreneindspel en maakte daarin langzaam maar zeker vorderingen zonder zijn tegenstander tegenkansen te gunnen en bereikte een gewonnen stand. Het verzilveren van de buit kostte niet al teveel moeite en Henk bracht het team hiermee op voorsprong.
De voorsprong werd uitgebreid door Tony Else op bord 7. Tony speelde de opening rustig zoals we dat van hem kennen. Misschien stond hij wat makkelijker, maar de meest logische uitslag zou toch remise zijn geweest. Maar zijn tegenstander was blijkbaar met zijn gedachten al in de decembermaand aangeland en deed een Sinterklaas- of Kerstmanaanbod. Het verschil hiertussen was niet helemaal duidelijk, maar Tony pakte dit geschenk met beide handen aan en noteerde een overwinning. Vanaf dat moment, een 3-1 voorsprong, en de ontwikkelingen bij de anderen bekijkend, leek een overwinning zeker tot de mogelijkheden te behoren.
De volgende die daaraan een positieve bijdrage leverde was Eddy Korevaar op bord 3. Hij kwam lekker uit de opening en bouwde meerdere dreigingen in de stelling. Dit leidde tot winst van een pion waarna meerdere stukken van wit en zwart wat om elkaar heen draaiden op de damevleugel. Tenslotte kon door wit nog een pionnetje op de koningsvleugel worden veroverd en de damevleugel oogde vervolgens heel erg “opgeruimd”. Eddy zette op de koningsvleugel krachtig door en kreeg de vis keurig op het droge.
Op bord 1 had Jaco Vonk ogenschijnlijk een zwakkere tegenstander, maar daar bleek in de praktijk weinig van. Jaco koos een rustige partijopzet, maar dat leidde na ruil van stukken tot een tamelijk dichtgeschoven stelling waarbij zwart in ieder geval een “goede” witte loper had en Jaco een “slechte”. Het leek na ruil van de laatste zware stukken uit te draaien op een vrij bloedeloze remise en Jaco deed dan ook een begrijpelijk remiseaanbod (Eddy was toen nog niet klaar, maar stond al wel heel goed). In belang van het team en omdat hij nog een klein kiertje in Jaco’s stelling op de damevleugel zag speelde hij door. Achteraf had zwart eerde kansen dan wit vanwege een ver opgerukte g-pion, die niet zwak, maar eigenlijk heel sterk was. Jaco had overigens toen zwart zijn kansen niet waarnam, weinig moeite het kiertje te dichten en hiermee remise veilig te stellen en bovendien hiermee ook de winst van het team. De stand was dus inmiddels 4,5-1,5 in ons voordeel.
Echter bij Hans Karelse op bord 8 was de situatie erg zorgelijk. Hans stond na verloop van tijd erg gedrongen en had weliswaar zijn zware stukken op de g-lijn gepositioneerd, maar de f-lijn was het domein van wit met als doelwit een zwakker pion op f7. Maar wat in deze laatste fase van de partij wel echt belangrijk was, wit had inmiddels een stuk meer en begrijpelijkerwijze was het niet te houden.
Als laatste was teamcaptain Jeroen Brandsma hard aan het werk. Na zijn bekende opening waren er flink wat stukken geruild en had Jeroen een extra pionnetje buitgemaakt. Tenslotte ontstond een 4-toren eindspel met 2 vrijpionnen voor Jeroen op de koningsvleugel en een vervaarlijk ogende a-pion van zwart. Nadat Jeroen een schaakje had gegeven met zijn a-toren, was in de analyse na afloop een schaakje met de andere toren kansrijk geweest.

Maar of het echt iets was, zal analyse met hulp van de computer wel duidelijk maken. Hoewel uw verslaggever even vreesde dat de zwarte a-pion voor Jeroen moeilijk af te stoppen zou zijn, bleek zwart toch geen echt voordeel te hebben bereikt en was remise de einduitslag. Kortom een mooie en ook verdiende 5-3 overwinning, waarmee we op een gedeelde tweede plaats in de poule staan. Voor de volgende wedstrijd op 23-11 mogen we overigens onze borst wel nat maken, want dan treffen we het tweede team van de Arnhemse Schaakacademie, op dit moment de trotse koploper in onze poule.

Ronde 6 interne competitie en KNSB-bekerwedstrijd De Giessen en Linge – Rokado

Ronde 6 interne competitie en KNSB-bekerwedstrijd De Giessen en Linge – Rokado

De belangrijkste partij in de 6e ronde was het treffen tussen Louis Rutgers en Jeroen Brandsma. Jeroen speelde zijn eigen opening, maar kwam toch na een aantal zetten in een andere opening terecht, die Louis vaker speelt en die voelde zich ook duidelijk beter thuis in de stelling. Louis stelde zijn stukken goed op en na een mindere zet van Jeroen, was de dreigende pionopstoot e5-e6 een geduchte dreiging. In de hierna volgende strijd kwam Louis een pionnetje voor met nog steeds een betere stelling. Later werd het materiële voordeel vergroot, Louis kwam zelfs een stuk voor. In het eindspel bleef Louis rustig naar goede zetten zoeken en liet zich niet meeslepen door de tijdnoodperikelen van Jeroen. Met omzichtig manoeuvreren loodste Louis zijn vrije b-pion naar de overkant en besliste daarmee de partij. Omdat Henk Boot en Jaco Vonk een externe wedstrijd speelden, nam Louis door deze overwinning de koppositie van de ranglijst over van Henk Boot en is daarmee al de vijfde koploper na zes ronden!
Henk van der Hoek en Tony Else kwamen in een positioneel moeilijke stelling terecht. Op de damevleugel was de zaak redelijk dichtgeschoven. Terwijl Henk met een toren via de open d-lijn trachtte grip te krijgen op de stelling van zijn tegenstander, liet Tony zijn paarden op e4 en g4 snuffelen aan de pionnen van de witte koningsvleugel. De partij was redelijk in evenwicht, maar toen Henk koos voor dameruil, bleek dat niet goed. Hierna hield wit namelijk een opgesloten kreupele witte loper op de damevleugel over, terwijl Tony een krachtig exemplaar op d3 had staan. Hierna was het pleit in hogere zin beslecht, zoals door Tony overtuigend werd aangetoond.
Chris Tromp verschalkte John Dessens met een loperoffer en voerde even later de krachtzet d6-d7 uit waarmee hij een zwarte dame op c8 en ongedekte toren op e8 aanviel (er stond nog een paard op d8). Dat betekende natuurlijk het eind van de partij.
Robin Tenhunen stond op een gegeven moment tegen Bert van Hees weliswaar een pion voor, maar de strijd was zeker nog niet gestreden en Bert won uiteindelijk.
Henry Houweling nam het op tegen Arjan Uittenboogerd, die het ook deze avond niet zo goed met zijn dame kon vinden. Henry wist er wel raad mee en won vlot.
Rob van Driel kreeg van André van Wingerden één van diens bekende openingsvarianten te bestrijden, maar hij dat deed dat niet goed en André haalde de winst soepeltjes binnen.
Sebastiaan Visser kreeg te maken met de aanvallende bedoelingen van Taco van de Poll, die vervaarlijk zijn stukken naar de witte koningsvleugel dirigeerde. Toen de stofwolken waren opgetrokken had hij daarbij toch teveel materiaal verloren en Sebastiaan trok aan het langste eind.
Verder waren er overwinningen voor Wim Rietveld, Bert van Geldere, Huig Visser en Henk van Houweling.
Het KNSB-bekerteam moest aantreden tegen Rokado, een team dat in de tweede klasse speelt, terwijl wij in de vierde klasse spelen. Een zware dobber dus, zoals ook bleek uit het aanzienlijke ratingoverwicht dat onze tegenstanders aan alle borden hadden. Hans Karelse op bord 4 probeerde op de koningsvleugel een aanval van de grond te krijgen, maar had daarmee geen succes. Zijn tegenstander deed hetzelfde op de damevleugel en brak daar vrij eenvoudig door de verdediging van Hans heen. Ook Eddy Korevaar op bord 3 redde het niet. In het middenspel ontstond een grappige stelling met een wit-zwart-wit-zwart pionnenrijtje op de e-lijn. Eddy’s tegenstander zette energiek de aanval in richting zwarte koning en nadat de stelling geopend was bleef Eddy met een zwak pionnetje op e6 zitten. De zwarte stelling kraakte aan alle kanten en wit kon zijn aanval met een mooie combinatie bekronen. Beter ging het met Henk Boot op bord 2. Hij moest weliswaar een opening bestrijden die door hem niet zo plezierig wordt gevonden, maar deed dat rustig. Op een gegeven moment rond de 15e zet kreeg hij een mooi pionnencentrum met de mogelijkheid van een opstoot e4-e5 en zwart was gedwongen tot een passieve verdediging. Toen Henk deze opstoot voorbereide door zijn zware stukken achter de pionnen op de e- en f-lijn te plaatsen en zijn witte loper zelfs naar het veld e6 te dirigeren, zag het allemaal wel rooskleurig voor hem uit. Hoewel Henk dacht met de opstoot e5 en het ruilen van materiaal voordeel te krijgen, viel dat nogal tegen. Na een eerder remiseaanbod van zwart te hebben afgeslagen bood hij het zelf maar aan op de 39e zet. Overigens was zijn laatste zet van bedenkelijk allooi en had zwart toen voor het eerst kans op een fors voordeel, maar gelukkig voor Henk nam zwart het aanbod aan. Hiermee was de wedstrijd welsiwaar verloren, maar er viel mee te leven, temeer daar Jaco Vonk op bord 1 geen enkele winstkans in zijn partij heeft gehad. Een onnauwkeurigheid van Jaco kostte hem in de opening een pion en hoewel hij nog zeer langdurig en hardnekkig tegenstand bood, kwam hij in een heel lastig toreneindspel met een pion minder terecht. Een witte vrij b-pion kon ver oprukken tot b7 en een witte toren op b8. Toch had hij daarin nog wel remise kansjes, maar in het eindspel maakte Jaco een verkeerde keuze met de breekzet g5. Hij had beter voor een sluip-door kruip-door route met de koning kunnen kiezen om deze zo voor de eigen pionnen te krijgen en wit niet de mogelijkheid te geven om met de toren op b8 een tempo te winnen met een schaakje en dan te promoveren. Overigens een bekend thema in toreneindspelen, dat ook nog op de lustrumavond door Herman Grooten werd belicht. Maar na de breekzet g5 was het eindspel echt verloren, al was Jaco uiteindelijk als laatste klaar. Al met al een forse, maar niet geheel onverwachte nederlaag.

Verslag De Giessen en Linge 1 – De Rode Loper 2 en ronde 5 interne competitie

De eerste wedstrijd van het seizoen was een thuiswedstrijd tegen De Rode Loper 2 uit Utrecht, een wedstrijd die vorig seizoen nipt verloren ging. Het team was compleet, al moesten ook hier enkele hobbels worden genomen. Eerst kampte Tony met wat fysiek ongemak, maar dat belette hem niet toch achter het bord plaats te nemen en een goede partij te spelen. Het tweede probleem was de wel erg lange reistijd die Henk had door de vele files rond Utrecht. Altijd handig als je de binnenwegen kent (van het fietsen), maar ja, nogal wat anderen maken er ook gebruik van en of het nu achteraf tijdwinst heeft opgeleverd? Waarschijnlijk niet en Henk zette zich met een kwartiertje minder tijd achter bord twee. Er kwam een opening op het bord die Henk wat slapjes speelde en omdat zwart remise best vond wikkelde hij snel af en speelde ook behoorlijk snel. De partij vervlakte zodat Henk na een eerder remiseaanbod te hebben afgeslagen, zelf maar op de 36e zet remise aanbod. Ook in de analyse na afloop en hulp van de computer, was in deze saaie partij het evenwicht nergens verbroken geweest.
Vervolgens kregen we een tweetal dompers te verwerken. André van Wingerden op bord 6 had een tegenstander die er graag “vol” tegenaan wilde gaan en kreeg te maken met een stukoffer tegen een tweetal pionnen de witte koningstelling opblies. In de analyse na afloop bleek dat André toch wel te veel geïmponeerd was door de zwarte dadendrang en daarom waarschijnlijk niet lang genoeg op zoek ging naar een goede verdediging, die de stuurlui aan de wal na afloop wel konden vinden.
Ook bij Arjan Uittenboogerd was het misgegaan. Hij kwam actief uit de opening en had meer ruimte. Hij wilde de zwarte damevleugel blokkeren, maar merkte te laat dat zijn dame werd ingesloten. Als compensatie kreeg hij slechts een toren en pion, duidelijk te weinig. In de analyse na afloop bleek dat Arjan met een tijdige eenvoudige pionzet een blokkerend zwart paard had kunnen wegjagen en daarmee een ontsnappingsroute voor zijn dame kunnen veiligstellen.
We stonden dus met 2,5-0,5 achter, maar Tony Else op bord 4 had duidelijk voordeel weten te bereiken. Tony kwam in een voor hem wel bekend type stelling terecht. Een niet erg nauwkeurige zet van Tony werd door zijn tegenstander niet herkend en toen hij een zet te laat de opstoot f5 speelde, kostte dat materiaal. Zoals de tegenstander het deed niet alleen een pion, maar zelfs een stuk. In arren moede offerde hij later nog een stuk, maar hij kon geen dreigingen tegen Tony’s koning ontwikkelen. De nog niet geheel fitte Tony kon dus tijdig op huis aan na het produceren van deze “aansluitingstreffer”.
Vervolgens was het woord aan Jaco Vonk op bord 1. Na een symmetrische opening kon Jaco’s tegenstander een paard op b6 positioneren, wat Jaco wel problemen gaf op de damevleugel los te komen. Toch kwam er daarna een pionnetje in de aanbieding op c4 dat door Jaco’s dame werd ingerekend. Hoewel de dame daar wat op de tocht stond was direct voordeel er voor wit niet, al moest Jaco wel nauwkeurig spelen. Wit won het pionnetje terug op a7, maar dat opende juist de a-lijn ten gunste van zwart. Een poosje later kon Jaco met zijn toren een witte pion op a2 meenemen en even later b2, toen was ook voor de omstanders Jaco’s voordeel duidelijk. Geduldig wachtte hij zijn verdere kansen af en kon uiteindelijk twee stukken voor een toren veroveren. Toen hij vervolgens aan een pionnenopmars in het centrum begon en daarmee ook nog een wit stuk de toegang tot het strijdtoneel ontnam, gaf de tegenstander maar op: de “gelijkmaker” dus!
Maar aan de resterende borden was de situatie toch wel redelijk zorgelijk. Hans Karelse op bord 3 had zich in het vroege middenspel vergist en was niet één pionnetje achter gekomen, maar twee. Ook bij Jeroen Brandsma op bord 5 was de situatie zorgelijk, terwijl er bij Louis Rutgers een stelling op het bord stond waarin het nog alle kanten op kon gaan.
Maar Louis speelde het goed op bord 7. Na een rustige opening ontbrandde de strijd nadat tegengesteld was gerokeerd. Wit voerde de aanval alleen met zijn stukken en besloot geen pionnenstorm op de zwarte koningstelling te organiseren. Een mooie zwarte loper op de a1-h8 diagonaal, opgerukte zwarte pionnen op de damevleugel en mooie torens van zwart gaven Louis een prettige stelling. Toen wit herhaling van zetten uit de weg ging, speelde hij een verloren partij. Louis kon een toren de witte stelling inwurmen en uiteindelijk de laatste pionnen op de koningsvleugel van wit oppeuzelen, terwijl wit op de damevleugel geen duidelijke vorderingen kon maken. Een mooie overwinning van Louis na stevige strijd.
Ook op bord 5 had Jeroen zich herpakt. Jeroen had op een stelling aangestuurd, die slechter bleek dan hij tevoren had ingeschat, zoals de computer dat thuis nog eens zo fijntjes kan laten zien. Jeroen kwam een pionnetje achter en zijn tegenstander stond heel mooi. Bovendien had Jeroen weer lekker zijn klok laten lopen, maar inmiddels weten wij dat hij daar zelf in het geheel niet zenuwachtig van wordt. Waarschijnlijk door de vele fraaie mogelijkheden en misschien met een scheef oog naar de klok van Jeroen, kon wit de juiste (winnende) voortzetting niet vinden. Jeroen leefde dus nog en toen zijn tegenstander een stuk tegen twee pionnen kwijtraakte in het eindspel was het Jeroen die winstkansen had. Maar het eindspel was niet eenvoudig te winnen, zodat Jeroen maar koos voor remise. Daarmee stonden we 4-3 voor en was het de vraag of Hans Karelse zijn stelling kon keepen. Na zijn ongelukkige eerdere manoeuvre was Hans er toch eens goed voor gaan zitten om zijn huid zo duur mogelijk te verkopen. Dat lukte, zij het niet zonder pijn en moeite. Langzaam vorderde de strijd, verdwenen de laatste torens van het bord en resteerde een eindspel met ongelijke lopers en twee extra pionnen voor wit. Op de koningsvleugel was het 4 tegen 3 en op de damevleugel 2 tegen 1, waarvan er eentje een vrije a-pion was met een witte loper voor wit. Wit koos de koningsvleugel voor zijn aanvallende bedoelingen. Hans stelde zich handig op, zodat het voor de tegenstander heel moeilijk was vorderingen te maken. Wit offerde hiervoor zijn a-pion op en had toen een vrije f- en h-pion gekregen, maar de koning van Hans en zijn zwarte loper werkten op dat moment voortreffelijk samen. In het verre eindspel met weinig tijd voor beiden op de klok, werden de zetten enkele malen herhaald en claimde Hans begrijpelijk remise. Maar ja, met zo weinig tijd hoef je niet meer te noteren en dan is het bewijs dat de claim terecht is niet te controleren. Doorspelen dus! Op een gegeven moment kon Hans de materiële achterstand tot één pion terugbrengen en toen wit nog maar één pionnetje had kon Hans natuurlijk eenvoudig voorkomen dat wit zou promoveren, dus een zwaarbevochten remise, waarmee de teamoverwinning werd veiliggesteld.
Bij de laatste twee partijen was er dus hetzelfde verschijnsel. Indien er minder dan 5 minuten tijd overblijft, vervalt de notatieplicht. Maar bij het claimen van remise, bijvoorbeeld driemaal dezelfde stelling op het bord ( de claimende partij schrijft de zet op, waarmee hij voor de derde keer dezelfde stelling op het bord gaat brengen, claimt, zet de klok stil en waarschuwt de wedstrijdleider) of de vijftig zetten regel (geen pion verzet of stuk geslagen), moet via het notatieformulier bewezen kunnen worden dat de claim terecht is.

Door deze wedstrijd werden maar een beperkt aantal partijen in de interne competitie gespeeld. Jan Post speelde een soliede opening tegen het door Bert van Geldere gekozen gambiet. Beiden manoeuvreerden langdurig en voorzichtig. De tegengestelde rokades boden aanknopingspunten om aan te vallen. Bert probeerde dat via de h-lijn, maar Jan had een sterke troef. Een open diagonaal voor zijn witte dame naar a8. Toen Bert een toren offerde op h3, kwam voor hem het schaak op a8, gevolgd door een schaakje op c6 als donderslag bij heldere hemel en de gedwongen dameruil hierna, gaf Jan de mogelijkheid de toren te consumeren. Een aanval kwam er voor Bert niet meer van.
Ook Eddy Korevaar kreeg van Bram Capelle een bekend gambiet voorgeschoteld. Maar toen Bram wel heel opportunistisch speelde, kwam hij al vroeg een stuk achter. Toen Eddy zijn stukken in het centrum hergroepeerde, was er voor Bram geen houden meer aan en was de winst voor Eddy een feit.
In de interne competitie waren er verder alleen maar overwinningen, respectievelijk verliespartijen. Remises kwamen in deze ronde niet voor. Door de aandacht voor de eigen partij en wedstrijd van het team was uw verslaggever niet in staat details van de andere interne wedstrijden te volgen. In ieder geval waren de winnaars John Dessens, Ton Lodder, Henry Houweling, Rob van Driel, Henk van Houweling, Johan van der Heide en Bert van Hees.

Verslag ronde 4 interne competitie op 08-10-2019

Verslag ronde 4 interne competitie op 08-10-2019

Jeroen Brandsma kreeg deze avond Henk Boot als tegenstander, omdat zowel Jan Post als Louis Rutgers op het appèl ontbraken. Jeroen speelde zijn gebruikelijke opening en Henk stelde zich solide op. Zeker toen Henk zijn kans schoon zag met 13. ..f5 een blokkade op te werpen, vond Henk dat hij een prettige stelling met mogelijkheden had. Jeroen had vergelijkbare gedachten, maar was op zichzelf wel tevreden met remise gezien zijn herhaalde aanbod op zet 14. Dat vond Henk veel te vroeg, juist nu de stelling interessant begon te worden en Jeroen inmiddels zo’n 40 minuten meer tijd had verbruikt. Henk speelde zijn paarden handig om en zag in de verte mogelijkheden opdoemen om de dame van Jeroen in te sluiten. Na ruil van de witte lopers bood Jeroen nogmaals remise aan, vergezeld van de uitspraak driemaal is scheepsrecht, maar Bootje voelde daar nu helemaal niets meer voor. Hij had meerdere dreigingen en vond dat hij beter stond en Jeroen nog maar zo’n 10 minuutjes had voor de rest van de partij en hijzelf bijna één uur. Overigens vond de computer het op dat moment nog een gelijke stand! Maar ja, die heeft geen last van menselijke problemen zoals spanningen en tijdnood. Maar onder druk van de klok van Jeroen veroverde Henk een toren om daarna op dameruil aan te sturen. Maar, oeps, Jeroen had eventjes tussendoor een ongedekte toren van Henk aangevallen en dat was Henk ontgaan. Weg alle voordeel en Henk had toen het vierde remiseaanbod van Jeroen eigenlijk wel moeten aannemen, maar hij dacht zich nog wel te kunnen “herpakken”. De daarop volgende fase was begrijpelijkerwijze nogal rommelig. Beiden hadden moeite op het rechte pad te blijven, maar uiteindelijk maakte Jeroen de laatste fout en kon Henk met een “correct” torenoffer de partij in zijn voordeel beslissen en hiermee de koppositie op de ranglijst van Jeroen overnemen, na deze wilde en merkwaardige partij.
De langste partij van de avond werd gespeeld door Eddy Korevaar en Jaco Vonk. Er ontwikkelde zich een ogenschijnlijk vrij rustige partij. Na het ruilen van meerde stukken bleef er een isolani van Eddy op d4 over, maar de stelling oogde in een dynamisch evenwicht zoals dat zo mooi heet. Een door Jaco aangeboden pionoffer op b5 werd door Eddy niet aangenomen. Hierna lukte het Jaco na verloop van tijd vorderingen te maken met een tweetal heel actieve torens via de c-lijn binnen te dringen tot op de tweede rij. Eddy verdedigde bekwaam en hardnekkig. Dat leverde Jaco uiteindelijk een pion op, omdat Eddy deze pion gaf om de pionnenstelling van Jaco te verminken en zo tegenspel te krijgen. In het resterende toreneindspel lukte het Eddy weliswaar een “technische” remisestelling te bereiken, maar op een gegeven moment, ook hier met de druk van weinig tijd, liet hij Jaco’s koning de a-lijn verlaten. Hierna kon Jaco de witte koning afhouden en met zijn toren zo manoevreren en een bruggetje bouwen, dat zijn vrije a-pion kon promoveren na waarschijnlijk zo’n 90-100 zetten! Een goed uitgespeeld toreneindspel van Jaco die inmiddels op de tweede plaats staat achter Henk Boot.
Inmiddels opgeklommen naar de derde plaats is Bert van Geldere die met zwart speelde tegen Robert Euser. Robert raakte al vroeg in de opening een pionnetje kwijt en hoewel het best lang duurde kon Bert zijn voordeel langzaam uitbreiden en in het eindspel uiteindelijk de winst naar zich toetrekken.
Ook Hans Karelse deed goede zaken tegen Ernst Delwel. Hij kwam met wit iets beter uit de opening. Hij rukte al vroeg op met zijn centrumpionnen, maar Ernst verzuimde om met actief spel het initiatief over te nemen. Na een paar passieve zetten van Ernst kon Hans sluipenderwijs binnendringen en een mooi paard op d6 posteren. Hierna wist hij met een mooie laatste combinatie Ernst tot overgave te dwingen.
John Dessens en Henk van der Hoek speelde ook een “stevige pot”. Op de dichtgeschoven damevleugel stonden alle pionnen lekker tegen elkaar aan en leek de strijd zich meer in het centrum en op de koningsvleugel af te gaan spelen. Hoewel alles redelijk in evenwicht oogde, raakte John opeens een stuk kwijt en verloor daarmee ook de partij.
Bram Capelle en Taco van de Poll maakten er een behoorlijk spektakel van. Taco liet zich weer van een erg actieve kant zien en liet zijn pionnen op de koningsvleugel flink naar voren opstomen. Maar ja, dan ontstaan er wel eens gaten in de verdediging en Bram was goed bij de les en met een onafwendbare matdreiging besliste hij de partij.
Robin Tenhunen speelde een agressieve opening tegen Johan van der Heijde, had duidelijk het beste van het spel en veroverde een stuk voor een pion. Gedecideerd trok hij de overwinning naar zich toe.
Sebastiaan Visser kreeg tegen Arie Klop al snel groot materieel voordeel en dat gold ook voor Arjan Uittenboogerd tegen Arjo van Geffen. Beiden wonnen eenvoudig. Ook Peter van Gaalen kon de dreigingen van Bert van Hees niet pareren en verloor kansloos. Henk van Houwelingen kwam tegen Gijs Bos veel materiaal voor, maar moest na concentratieverlies zoals hij zei, berusten in remise. De andere “thuiswedstrijd” tussen André van Wingerden en Ton Lodder werd door André gewonnen.
De komende weken zullen verschillende externe wedstrijden plaats vinden: 15 oktober speelt het eerste SOS-team thuis tegen De Rode Loper 2, de week erop het KNSB-bekerteam tegen het sterke 2e klasse team van Rokado en tenslotte op 29 oktober het tweede SOS-team tegen Lekstroom 3.

Viering 11e lustrum op 1 oktober 2019

Viering 11e lustrum op 1 oktober 2019

Hoewel eigenlijk 13 oktober de juiste datum voor het lustrum zou zijn geweest, nl. de dag dat de vereniging indertijd in de huiskamer van “meester de Groot” aan de Kerkhoflaan onder het genot van veel sigarenrook werd opgericht, in totaal 18 man. Eigenlijk konden de gordijnen na deze oprichtingsvergadering wel in de was. Veel van de geschiedenis van onze club is bewaard gebleven dankzij Jaco Vonk die een fraai boekwerk heeft gemaakt bij het 40-jarig jubileum. Nog steeds ontzettend leuk om zoals ik voor dit verslag deed dit fraaie werkstuk door te bladeren!
We liepen dus op 1 oktober eigenlijk een beetje op de feestelijke datum vooruit. Tijdens het vorige lustrum gaf de bekende grootmeester Yasser Seirawan een kloksimultaan. Nu was er een ander plan bedacht om het lustrum te vieren. We hadden IM Herman Grooten bereid gevonden om deze avond ons te onderwijzen in verschillende onderdelen van ons zo geliefde, maar o zo moeilijke schaakspel. Herman Grooten is niet alleen al veel jaren een sterke en actieve schaakmeester, maar ook een bekende schaaktrainer die al heel wat jeugdige schaaktalenten heeft getraind en begeleid in hun pogingen hogerop te komen. Daarnaast schreef hij nog meerdere uiterst aantrekkelijke schaakboeken. Dus de verwachtingen waren hooggespannen toen hij onze uitnodiging aannam.


Er was een verheugend goede opkomst, ook al moesten enkele van ons vanwege verblijf in het buitenland verstek laten gaan. Het was ook heel plezierig een aantal oud-leden/kampioenen zoals Marius de Wit en Jan Kwakernaak weer te mogen begroeten. Maar het is toch bijzonder te kunnen vermelden dat van de leden van het eerste uur vanzelfsprekend Jan Post aanwezig was.
Jan Post en Henk Boot waren namens de “lustrumcommissie” mooi op tijd om Herman welkom te heten. Zoals zo vaak bij mensen die al heel lang in de schaakwereld rondlopen, hebben zij ook heel wat “Groten der Schaakaarde” persoonlijk wel eens ontmoet en daarbij verhalen kunnen verzamelen. Eén van de aardigste verhalen ging over een bezoek thuis van Herman met zijn medeclubleden bij de familie Polgar in Boedapest. De vader, zelf geen sterke schaker, maar wel psycholoog, heeft zijn drie dochters jarenlang getraind door hen van jongs af aan te confronteren met “eenvoudige” stellingen met weinig materiaal, waarmee mat in twee kon worden geoefend, tot in de slaapkamer toe! Als je al vanaf heel jeugdige leeftijd, natuurlijk met het nodige talent en forse zelfdiscipline, zo wordt getraind, kun je heel ver komen, zoals vooral Judith heeft bewezen.
Ook instructief en hilarisch was het filmpje waarin Kasparov met een Franse schaakjournalist één van zijn mooiste aanvalsoverwinningen op Karpov in een wereldkampioenschapsmatch, gespeeld in Lyon, liet zien. Een indrukwekkende partij, maar ook de argumentatie in de analyse van Kasparov bij zijn eerste stukoffer!


Na een onderhoudende inleiding, waarin duidelijk werd gemaakt dat we zelf ook stevig aan het schaakwerk zouden worden gezet, werd de opzet van de avond toegelicht. We werden in groepjes opgedeeld en moesten met elkaar een aantal opgaven proberen op te lossen: toreneindspelen, tactiek, strategie en aanval op de vijandelijke koning. Soms lukte het binnen de beschikbare tijd het probleem op te lossen, maar vaak lukte dit (vanzelfsprekend) ook niet. We kregen dus allemaal heel verschillende problemen voorgeschoteld, sommige daarvan smaakten natuurlijk beter dan andere. Ook het aan het eind van de avond samen de oplossingen doornemen was heel instructief en de snelheid waarmee Herman ons allerlei varianten liet zien, toonde zijn jarenlange ervaring als schaaktrainer en -docent. Het was een bijzonder geslaagde lustrumbijeenkomst, waar we vast ook als individuele speler wat van hebben opgestoken.