Ronde 20 interne competitie op 19-04

Ronde 20 interne competitie op 19-04

Ons nieuwe lid Gela Nikoladze, die vorige week was gestart met een vlotte overwinning, ging verder op het ingeslagen pad. Nu was David Carlsson zijn slachtoffer. Hij offerde in de opening een pion, zette agressief voort en toen David niet het juist antwoord vond en een flinke fout beging was het gelijk over en uit.
Ook in de partij tussen Bram Capelle en Bert van Hees ging het er hard aan toe. Bram bereikte nadat hij met Lxf7+ een pion won een aantal zetten later een prachtige gewonnen stelling (diagram)

Zelfs een gruwelijke fout, die hem zijn dame kostte (!) was niet het einde voor wit. Ondanks het plotselinge grote materiële nadeel, was Bram’s positie zo mooi dat hij het initiatief kon behouden en zwart niet aan het benutten van zijn materiële voorsprong toekwam. Nog voor de 30e zet kon Bram mat in drie forceren. Wel een bijzondere manier om een partij te winnen natuurlijk!
Ook Mattias Stok zette zijn goede spel om in een overwinning. Tegen Huig Visser kwam hij eerst één en later twee pionnen voor en boekte vevrvolgens een overtuigende zege. André van Wingerden nam het op tegen Arjan Uittenbogaard. Er kwam voor  André eenzelfde soort stelling op het bord als een week tevoren. Deze keer had André de pion op c2 in de aanbieding, maar kreeg daarvoor zeker aanvallende kansen op de koningsvleugel. Even later deed hij ook pion d4 in de aanbieding, zoals een week eerder, maar Arjan nam het kleinood niet in ontvangst. Volgens de computer werd er daarna van beide kanten zeker niet feilloos gespeeld, maar André overspeelde zijn hand met een opportunistisch paardoffer op d5. Snel daarna groeiden de (materiële) problemen hem boven het hoofd en incasseerde Arjan het hele punt.

In de partij tussen John Dessens en Christiaan Boudewijn werden vooral de lichte stukken geruild en in de resterende stelling duwden beide spelers wel tegen de vijandelijke pionnen aan, maar uiteindelijk was remise het resultaat. Ditzelfde resultaat werd bereikt in de partij tussen Rob van Driel en Chris Tromp. Hoewel het erop leek dat in een eindspel van toren en lopers van ongelijke kleur Chris een pion kon winnen en twee vrijpionnen op de damevleugel overhouden met mogelijke kansen, kwam die stelling niet op het bord en werd ook hier tot remise besloten.
De laatste partij die klaar was, was de wedstrijd tussen Hans Karelse en Henk Boot. Het leek erop dat Hans vanuit de opening de wat makkelijkere stelling had. Dat was reden voor Henk een idee van Jaco te “lenen”, nl de koning in het midden houden en al snel met g5 en h5 zijn bedoeling op de koningsvleugel duidelijk maken. Zie de stelling na 16. .. Pe6 (diagram).

Hoewel de computer het allemaal zozo vond, bleef de stelling wel in een dynamisch evenwicht. Vervolgens maakte Hans zijn bedoelingen op de damevleugel kenbaar doorzijn b-pion naar b5 te dirigeren. Henk dacht na Pd4 deze pion te kunnen veroveren, maar had weliswaar de dreiging Lxb5+ en na Dxb5 de grote vork Pc7+ wel gezien, maar de mogelijkheden van Hans om via Ld2 en Tc1 binnen te vallen over de c-lijn pas in 2e instantie op waarde geschat. (diagram).

Hij besloot om met 23. .. Pe6 aan te sturen op dameruil en de pion op b5 weer terug te geven. De stelling bleef hierbij in evenwicht. Toen Henk op de 30e zet koos voor het optisch aardige Pb3 was er allemaal niet veel aan de hand. Maar hier had Henk wel de kans om met 30. .. Tb4 een plusje kunnen bereiken. Een zet die hij de week tevoren wel met succes tegen Louis Rutgers had gespeeld, dus net als bij André een opvallende gelijkenis met een stelling van de week tevoren! Inmiddels begon vooral voor Hans de tijd te dringen en hoewel hij nog een pionnetje voorkwam, bood hij op de 38e zet voor de tweede en laatste (!) keer remise aan. Henk had eigenlijk geen goede redenen meer om dat te weigeren. Het was dus een stevige en ook best goede partij waarin beiden elkaar stevig aan de tand hadden gevoeld, maar waar remise wel een terechte uitslag was.

Ronde 19 interne competitie, start 3e periode

Ronde 19 interne competitie, start 3e periode

Deze avond speelde het 2e team tegen koploper Woerden 3 en ging na harde strijd met 4-2 ten onder. Alleen John Dessens wist een vol punt te scoren, remises waren er voor Bert van Hees en David Carlsson. Nederlagen dus voor Christiaan Boudewijn, Mark Couwenberg en Rob van Driel.
Dit betekende dat er slechts een beperkt aantal wedstrijden in de interne competitie kon worden gespeeld. Het was mooi weer een potentieel nieuw lid te verwelkomen. Huig Visser was zijn tegenstaander. Gela Nicoladze strafte een vroege fout van Huig in de opening hardhandig af en had als eerste van de avond het volle pond binnen.
De tweede uitslag kwam van de partij tussen André van Wingerden en Hans Karelse. Na wat zetverwisselingen ontstond er een redelijk “Franse” stelling. Toen André zijn d4 pion met onvoldoende zorg behandelde, werd deze een prooi van Hans. Hoewel André nog wel wat opportunistisch een koningsaanval trachtte op te zetten, was duidelijk dat hij eigenlijk alleen maar achter de feiten aanliep en Hans niet van een terechte overwinning kon afhouden.
Daarna duurde het geruime tijd tot de volgende uitslag bekend werd. Mattias Stolk kreeg als junior in Ernst Delwel een geduchte tegenstander, maar weerde zich uitstekend. Lang ging het gelijk op en na de bekende oppositie van een witte dame op b3 en een zwarte dame op b6, was het Ernst die ruilde en Mattias een dubbelpion op de b-lijn bezorgde. Later kwam er nog eentje het gezelschap op de b-lijn versterken en was er dus zelfs een triple pion. Er werd lang gemanoeuvreerd, op een gegeven moment had Mattias ook significant voordeel maar uiteindelijk wist Ernst met een listig stukoffer in het eindspel groot voordeel te bereiken en de partij in zijn voordeel te beslissen.
Nog langer duurde het duel tussen Eddy Korevaar en Chris Tromp. Ook hier leek het na enkele zetten een andere opening, dan waarmee werd gestart. In de laatste KNSB-wedstrijd had Eddy met zwart een probleem met zijn f7 pion en hij wilde nu graag het omgekeerde bewijzen. Hij offerde een paard op f7 en kreeg hiervoor een toren en 2 pionnen tegen 2 lichte stukken. Daarnaast een goede positie in het centrum, maar de roest was nog niet helemaal uit de schaakmachine verdwenen. Door een onnauwkeurigheid ging zijn e4 pion verloren en had Chris opeens weer mooi tegenspel. Zwart maakte goed gebruik van zijn loperpaar. Vervolgens restte een eindspel met een witte toren tegen een paard en loper en gelijk aantal pionnen. Sommigen vreesden voor Eddy’s leven, maar het lukte Chris 0niet de juiste samenwerking tussen de stukken te vinden. Een ver opgerukte witte g-pion en toren op de 7e rij strooide flink wat zand in de zwarte motor. Uiteindelijk kwam er een eindspel op het bord waarbij Eddy inmiddels een kwaliteit voorstond en alsnog aan het langste eind kon trekken. Een zware partij voor Eddy!
Bij afwezigheid van Jaco Vonk was het topduel van de avond de partij van Louis Rutgers tegen Henk Boot. Louis kwam beter uit de opening, maar zijn voordeel na zo’n 12 zetten, verwaterde al snel. Er volgde een periode van gelijkwaardige strijd. Toen een aantal stukken werden geruild begon Louis zich wat minder gemakkelijk te voelen en Henk juist meer op zijn gemak. Hij schrok wel even van 24. Pf5+, (diagram na 23. … Pf6xd5)

maar dat was niet echt nodig, want na 24. .. exf5 en Txd5 bleef de stelling in evenwicht. Henk nam zijn kans waar om zijn stelling met 26. …Tb4 te verbeteren, moest Louis kiezen voor ruil op b4 en een zwak pionnetje op a2 of een geïsoleerde pion op c4 na 27. Tc4 en Txc4. Hij koos voor het laatste en toen hij deze pionpassief verdedigde met Tc1, werd het zwarte voordeel steeds tastbaarder. Louis probeerde alsnog actief te worden, maar Henk schatte in dat zijn pionnenmeerderheid (4-2) op de koningsvleugel dankzij de actieve positie van de zwarte koning gevaarlijker zou zijn dan de witte a-pion. Taaier was geweest als Louis de pion op f7 mee had genomen en de witte a-pion aan zwart te laten. Nu werd wits territorium steeds verder ingesnoerd en kon Henk na ruim 60 zetten het volle punt bijschreven. Ook hier een hard gevecht, waarin vooral Henk in het (toren)eindspel handiger manoeuvreerde.

Verslag interne competitie ronde 17, 2e rapidronde en externe wedstrijd SC Laren – De Giessen en Linge 1

Verslag interne competitie ronde 17, 2e rapidronde en externe wedstrijd SC Laren – De Giessen en Linge 1

Er resteert nog een kort verslag van de afgelopen 2 ronden van de interne competitie. In ronde 17 op 22 maart waren er meerdere verrassende uitslagen. Eddy Korevaar was terug van “weggeweest” maar de machinerie was nog wat roestig. Met de zwarte stukken tegen David Carlsson kwam hij al snel in de problemen. In een vroeg stadium werden de dames geruild en zocht de zwarte koning zijn heil op de damevleugel. Daar kreeg hij geen rust en werd opgejaagd richting a-lijn. Zwart probeerde nog van alles, maar David liet de zwarte monarch niet ontsnappen en vlocht met zijn stukken een fraai matnet. Een andere verassing was de nederlaag van Henk Boot tegen Arjan Uittenbogaard. Henk lette vlak na de opening even niet goed op en moest pardoes ervaren dat Arjan een paard van hem kon “vangen”. Henk spartelde nog wel flink tegen, miste ergens nog een klein kansje, maar moest uiteindelijk de eer aan Arjan laten. Een andere verassing was er bij het duel tussen Jaco Vonk en Hans Karelse. De stelling werd uiteindelijk dichtgeschoven en er kwam een remise uit de bus, waar Hans waarschijnlijk mogelijkheden om voordeel te behalen en het Jaco nog moeilijker te maken aan zich voorbij heeft laten gaan. Henry Houweling verslikte zich op een gegeven moment tegen André van Wingerden en de gelijke stand glipte uit zijn vingers en André kon de winst naar zich toe trekken.
Ronde 18 werd gespeeld op 29 maart en daarvan vindt u al een mooi verslag van John Dessens van zijn eigen partij op de site. Omdat uw verslaggever diezelfde avond een uitglijder had in de wedstrijd tegen Kasteel Lekstroom in IJsselstein, zoals op de site is te lezen, over deze ronde geen verdere “mededelingen”.
Op dinsdag 5 april volgde de 2e ronde van de rapidcompetitie. Helaas was de winnaar van de eerste ronde, Tijmen Schakel met 4 uit 4, niet aanwezig. Op deze avond werden dus de ronden 5 t/m 8 gespeeld. In ronde 5 was er het duel tussen Jaco Vonk en Henk Boot, waarin Jaco vanuit de opening beter kwam te staan en een gewaagde tegenstoot van Henk goed opving. Langzaam werd zijn voordeel steeds groter en moest Henk de strijd met een nederlaag beëindigen. Ook Arjan Uittenbogaard zetten zijn goed reeks voort door Mark Couwenberg op een nederlaag te tracteren. Ook Ernst Delwel, die de eerste ronde helaas verhinderd was geweest, had er deze avond zin en bond Martijn Koudstaal na halsbrekende toeren aan de zegekar.
In de 2e/6e ronde speelde Christiaan Boudewijn tegen Jaco Vonk. Christiaan bood lang en krachtig verzet, maar moest toch de eer aan Jaco laten. Er was ook een herhaling van het recente duel van Arjan Uittenbogaard en Henk Boot en nu wist Henk het Arjan van meet af aan lastig te maken en uiteindelijk via een “matgrapje” Arjan mat te zetten. Ernst Delwel gaf zijn goede start een vervolg door van John Dessens te winnen. Ook Louis Rutgers, die de eerste ronde afwezig was, boekte zijn 2e overwinning.
In de 3e/7e ronde was er het “bestuursduel” tussen Jaco Vonk en Chris Tromp, die zich na zijn matige eerste ronde goed had hersteld met 2 overwinningen, maar tegen Jaco lukt het toch niet. In deze ronde veraste Henk Louis met zijn openingskeuze, maar dat gold ook andersom. Er ontspon zich een interessante partij, waarbij het Henk lukte om aan het langste eind te trekken. Arjan Uittenbogaard pakte zijn goede lijn weer op en versloeg Hans Karelse. Ernst Delwel  zetten zijn goede reeks voort door deze keer te winnen van David Carlsson.
In de 4e/8e ronde wonnen zowel Jaco Vonk als Henk Boot. Ernst Delwel was opnieuw succesvol en wees deze keer Arjan Uittenbogaard terug. In deze ronde behaalde deze avond zowel Jaco als Ernst een fraaie 100% score. 
De stand aan kop is nu 1. Jaco Vonk 7 pnt, 2. Henk Boot 6 pnt en 3. Arjan Uittenbogaard 5.0 punten, waarna een drietal spelers 4 punten hebben: Tijmen Schakel en Ernst Delwel met slechts 1x meedoen (dus 100%!) en Chris Tromp.
Op vrijdag 8 april speelde het eerste team in Laren tegen de plaatselijke schaakclub. In een zaaltje bij de kerk speelden we in een ruimte op de eerste verdieping. Nog even wachten voor de start van de wedstrijd, want er werd nog les gegeven aan de jeugd. Altijd leuk het enthousiasme van zowel jeugd als trainers te zien.
Voor ons ging het er na de zeperd in IJsselstein echt om. We moesten winnen om boven Laren te eindigen in poule 1E. Wij zouden dan eindigen met 3 verliespunten. De overige concurrenten zijn Kasteel Lekstroom en DBC die beiden slechts 2 verliespunten hebben. En ze moeten nog tegen elkaar, dus voor ons zou dan een 4-4 uitslag optimaal zijn, anders missen we de eerste plaats en promotie. We zullen zien, maar dan moest er allereerst zelf worden gewonnen. Bij voorkeur met duidelijke cijfers. Henk als teamleider zette in op 4 overwinningen, 3 remises en dan mocht er ééntje een troostprijs aan de tegenstander laten.
Er ontwikkelden zich meerdere boeiende partijen. Deze keer was Jeroen Brandsma op bord 5 als eerste klaar. Hij kreeg een voor hem niet ongewoon soort stelling op het bord, stond eerst wel beter, maar begon ergens spoken te zien en zijn voordeel slonk. Echt voordeel zat er daarna deze keer niet meer in. De tegenstander weigerde fouten te maken en omdat Jeroen minder tijd had, was zijn remiseaanbod begrijpelijk. Het werd geaccepteerd.
Louis Rutgers speelde deze keer met wit op bord 7. De vorige ronde leverde hij een draak van een partij af naar eigen zeggen, nu zeker niet! Louis rokeerde lang maar met het gespeelde zwarte g6 was de stelling daar nogal “tochtig”. De weg naar de witte koning keurig was dichtgemetseld. De opmars van witte g- en h-pion was ook zonder korte rokade van zwart erg dreigend. Toen de zwarte loper op g7 geruild kon worden en na een dubbele aanval vervolgens een pionnetje kon worden buitgemaakt, nam het voordeel van Louis beslissende vormen aan en kreeg hij na een doorbraak het schaap snel op het droge. De tegenstander werd op zet 43 mat gezet.
Op bord 8 speelde André van Wingerden één van zijn actieve openingen. Wit wist blijkbaar niets beter te doen dan snel dames te ruilen en bleef met een nare isolani op d4 zitten. André bleef natuurlijk actief spelen en vergrootte zijn voordeel met rasse schreden. Het witte paard op g1 en toren op h1 maakten nu geen echt levensluchtige indruk maar een nogal hopeloze en zielige indruk. Hoewel het materieel nog wel gelijk was, gaf de computer al een dikke -4 aan! (diagram na 24. ..Txe6)

Hoewel wit al lang had kunnen opgeven kon hij dit woord in zijn woordenboek pas na ruim 60 zetten vinden.
Jaco Vonk kreeg een hem bekende tegenstander, Sjoerd Drent, waartegen hij al zes keer eerder had gespeeld. Sjoerd herinnerde zich bovendien ook nog dat hij in 1975 of 1976 in het indertijd roemruchte IBM-toernooi tegen Henk Boot had gespeeld, die het zich niet kon herinneren. Beiden waren toen overigens nog in hun studententijd en zonder grijze haren.
Sjoerd speelde een Franse verdediging en er kwam een variant op het bord na Pxc6 die ook heel goed uit het Siciliaans kan ontstaan. Jaco offerde met 14. c4 een pion en kreeg mooie positionele compensatie door actief stukkenspel. Sjoerd loste zijn ruimteprobleem niet helemaal goed op, waardoor Jaco op de 19e zet via een kleine combinatie twee stukken voor een toren kon winnen. Zijn voordeel werd steeds groter, of zoals Jaco zelf zegt, het was een kwestie van techniek om het volle punt binnen te halen. Dat was dus een mooie start: een voorsprong van 3,5 – 0,5! Zou Henk’s “voorspelling” dan uitkomen?
Op bord 4 wilde het bij Hans Karelse niet erg lukken. Zijn tegenstander trok onvervaard met zijn h-pion op avontuur, terwijl wit zijn koning gewoon op e1 liet staan. De aanval naam indrukwekkende vormen aan en Hans kon zijn koningsveste, die steeds meer piepte en kraakte, uiteindelijk niet droog houden, waarmee Laren de stand terug bracht tot 3,5-1,5.
Het volgende resultaat werd geboekt door Tijmen Schakel die voor de verandering plaats nam aan bord 3. Dat ging hem prima af. In een rustige damegambietpartij had hij het loperpaar en misschien een snufje voordeel, maar toen hij het loperpaar kwijtraakte was alle muziek uit de stelling en werd tot remise besloten. Al met al 4-2 voor en het zag er naar uit dat we de winst wel naar ons toe konden trekken.
Op bord 2 speelde Henk Boot een grappige partij. Vanuit een Siciliaanse opening, besloot hij op de 10e zet met e6-e5 een pion te offeren. Ook de computer vond dat achteraf helemaal kunnen, maar er ontstond een soort stelling die veel kenmerken had van het Spaanse Marshallgambiet. Henk kreeg actief spel voor de pion, al was zijn opmars met g5 en g4 wel erg optimistisch. Niettemin kreeg wit geen echt belangrijk voordeel, al waardeert de computer het extra pionnetje vaak zwaarder dan het actieve stukkenspel. Nadat alle zware stukken waren geruild restte een loper-paard eindspel, waar de zwarte pionnen goed stonden opgesteld om het binnendringen van de witte koning te verhinderen. Uiteindelijk werd vlak voor de 50e zet tot remise besloten waardoor de stand op 4,5-2,5 kwam en de teamoverwinning binnen was! Restte de partij van Tony Else op bord 6. Ook hier had de witspeler agressieve bedoelingen. Het witte paard bleef rustig op stal staan (g1), maar de h-pion was flink op mars en na h5 ruilde wit op g6. Het zag er met de open h-lijn allemaal best griezelig uit voor zwart, maar wit kon daar toch geen goed gebruik van maken. Na ruilen van de zwarte lopers was het weer behoorlijk gelijk, maar begon de opkomende tijdnood wit parten te spelen. Na enkele foutjes kwam Tony materieel voor en bereikte een gewonnen stelling, waardoor de overwinning met 5,5-2,5 binnen werd gehaald. Opvallend genoeg de uitslag, waarvan Henk vooraf had gezegd dat hij daar als teamleider zeker tevreden mee zou zijn……
Dit was dus de laatste wedstrijd van het seizoen, we staan mooi op de eerste plaats, maar we moeten dus afwachten wat Kasteel Lekstroom en DBC in hun onderlinge wedstrijd gaan doen. De winnaar is dan kampioen, bij 4-4 zal het op de bordpunten aankomen of DBC ons nog zal passeren. Afwachten is wat ons nu rest.
Het seizoen is door de corona-onderbrekingen wat moeizaam verlopen, maar we konden eigenlijk steeds met het complete team aantreden. Slechts eenmaal moest op een invaller een beroep worden gedaan! De mooie resultaten van het team berusten voor een belangrijk deel op de uiterst fraaie resultaten van André van Wingerden (6,5 uit 7), Jeroen Brandsma en Tijmen Schakel (beiden 6 uit 7), terwijl niemand van de rest van het team echt slecht scoorde. Kortom, sowieso een mooi resultaat van het team!

De komende week speelt het 2e team thuis en gaat de derde ronde van de interne competitie van start.

Het kan verkeren …..

Het kan verkeren …..

Slechts 5 partijen voor de interne competitie op de avond van de oefeninterland Nederland-Duitsland, waarvan er 4 al voor 21.45 uur klaar waren. Deze spelers waren dus ruim op tijd om met een drankje in de hand de 2e helft te kijken. Hoezo, maar 10 spelers ? Verklaring: ons eerste SOS-team moest in IJsselstein aantreden tegen Kasteel Lekstroom en dat scheelt zo weer 8 spelers. Hoe het hen verging kunt u lezen in het uitgebreide verslag van Henk Boot elders op deze website.

Voor nu zal ik mij moeten beperken tot mijn eigen partij tegen Bert van Hees. Deze partij eindigde rond de klok van 23.00 uur in remise en daar was vooral Bert heel blij. Bert kwam niet goed uit de startblokken en moest toezien dat ik op zet 15 een pionnetje snoepte. De eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ook ik niet helemaal helder was (mogelijk gevolg van het 2 weken opgehokt zitten vanwege corona). Na 19 zetten was de volgende stelling ontstaan:

Ik bestuurde de witte stukken en heb zojuist, na toch lang nadenken, 19. Le3 gespeeld. Een logische zet leek mij omdat de loper staat aangevallen door de pion g5 en om zomaar een loper in de aanbieding te doen, dat voelde niet goed. Toen ik deze partij aan Neef Fritz van 18 liet zien kon hij een glimlach niet onderdrukken: binnen 3 seconden toverde hij een mat in 8 op het bord (hij wel ….): 19. Pe4 (fancy) Tg6, 20. Pd6+ Kd8, 21. Tad1 Dc2, 22. Pxf7+ Ke8, 23. Pd6+ Kd8, 24. Lxg5+ (that’s the way) Txg5, 25. De8+ Kc7, 26 Dc8 mat. Wie zulke combinaties achter het bord kan vinden, speelt op een iets ander niveau dan ik. Ik zag het uiteraard niet. Opmerkelijk is wel dat Bert na afloop van de partij aangaf dat hij bang was dat ik de zet Pe4 zou spelen in plaats van Le3.

Een paar zetten later liet ik weer een mooi kans op een positief resultaat liggen:

26. Pg4 is mijn laatste zet. Ik had de intentie om hier te vervolgen met 27. Pf6+, maar nadat ik de zet gespeeld had zag ik dat dat niet kon vanwege het zwarte paard op h5 ! Ook hier kan Neef Fritz van 18 een voorzichtige glimlach niet onderdrukken: 26. Tad1 (dreigt mat op d8) Kf8, 27. Lc5 (pent de toren) Ke8, 28. Lxe7 Kxe7 en wit heeft een nagenoeg gewonnen stelling. Jammer dat je dat soort simpele zetten over het hoofd ziet. Twee zetten later werd de vrede getekend.

Beter ging het mij af tijdens de 7e ronde van het Kennemer Open. Ik mocht het opnemen tegen de speler met de hoogste rating (1549) in groep 2. Ik kende de man niet, had nog nooit tegen hem gespeeld. Het enige dat ik van hem wist was dat hij na 6 ronden even zoveel punten had als ik: 4. Na mijn twee huzarenstukjes in ronde 5 en 6 ging ik op zaterdagochtend met een goed gevoel naar Haarlem. Wat kan mij gebeuren.

Ik speelde rustig, drukte mijn tegenstander in de verdediging en na 32 zetten had ik 2 pionnen meer en ontstond de volgende stelling:

Mijn laatste zet was 32. Pxe6. Zwart heeft niet veel en mag hopen op eeuwig schaak: 32. ….. Dh1+, 33. Ke2 Df3+, 34. Kf1 Dh1+, 35. Tg1 Dh3+, 36. Ke1 en het eeuwig schaak is (voorlopig) een halt toegeroepen.

Drie zetten later doet voor zwart weer de mogelijkheid van eeuwig schaak voor:

Inmiddels sta ik een paard en 2 pionnen voor. Dat mijn tegenstander niet opgeeft is te begrijpen. Ook nu misschien nog de mogelijkheid van eeuwig schaak: 39. ….. Dh1+, 40. Ke2 De4+, 41. Kf1 Dh1+, 42. Tg1 Dh3+, 43. Ke1 en weer moet zwart toezien dat hij geen schaakjes meer heeft. Hij probeert het nog wel: 43. …..Dh4, 44. De2 Dh6, 45. De3 Dh2, 46. Dg3 Dh6, 47. Dg7+ en hier gaf mijn tegenstander op (zie diagram).

Na het gedwongen 47. ….. Dxg7, 48. Txg7 Kf8 (niet Ke6 vanwege Pc5 mat), 49. Txb7 is het over en uit.

Mijn derde overwinning op rij. Hoewel de rangschikking nog niet is bijgewerkt verwacht ik dat ik de top 5 zal binnenstormen. Met 5 uit 7 heb ik inmiddels mijn beste resultaat ooit in het Kennemer Open geboekt. Er volgen nog twee ronden. Wie weet waar het eindigt.

De Giessen en Lingen even koploper in 4H (KNSB) na winst op D4 in Dongen door Tim Schakel

De Giessen en Lingen even koploper in 4H (KNSB) na winst op D4 in Dongen door Tim Schakel

Op zaterdag 2 april 2022 mochten we ons opmaken voor het treffen met D4 uit Oosterhout.
De locatie was in de gemeente Dongen in een fraai multifunctioneel gebouw waar onder andere een bibliotheek was gevestigd. In een ruime kamer met afzonderlijke comfortabele tafels mochten we ons opmaken voor de achtste ronde. Voor ons team betekende het de laatste ronde maar toch ook weer niet. Dit behoeft uitleg. We zijn ingedeeld in een poule van 9 teams en omdat we in de eerste 8 ronden zijn ingedeeld zijn we de 9e en laatste ronde vrij. Echter, in verband met de coronaperikelen moeten we nog wel de 5e ronde inhalen.
Winst zou betekenen dat we koploper zouden worden. Dit omdat de huidige koploper Garde een vrije ronde heeft. Leuk dit vooruitzicht, maar we hebben toch echt nog een mis-peer van Garde nodig om voor het kampioenschap te kunnen gaan. En dan moeten wij zelf wel onze wedstrijden zien te winnen.
Voorafgaande aan de wedstrijd had ik nog even gekeken naar de sterkte van de tegenstander. Met vijf spelers boven de 1900, waarvan één boven de 2000, zou het geen makkie worden, al zag ik ook dat de spelers niet altijd van de partij waren. Dit bleek ook ditmaal het geval te zijn en dat had ik meteen door, toen ik het wedstrijdformulier zag.
Winst Tim op bord 2 (0-1)
Mijn tegenstander had een voor mij onbekende naam en hij was ook de enige die nog niet aanwezig was. Naar ik begreep berustte één en ander op een misverstand met betrekking tot het aanvangstijdstip (12 uur in plaats van 13 uur) maar gelukkig had hij na ongeveer 20
minuten de weg naar de speelzaal toch gevonden. Later zou duidelijk worden dat er drie spelers van boven de 1900 ontbraken en mijn
tegenstander eigenlijk op bord 8 had moeten spelen. De teamleider van onze tegenstander koos voor een tactische opstelling in de hoop dat hiermee het gemis van de sterke basisspelers opgevangen kon worden. De twee wel spelende spelers boven de 1900 speelden tegen Eddy en Tony aan de borden 4 en 5 en die hadden het dan ook erg zwaar.
Hoe dan ook, het krachtsverschil met mijn tegenstander (ruim 800 elopunten) was te groot om er een spannende partij van te maken en vrij snel wist ik mijn partij te winnen. Na afloop hebben we in ontspannen en prettige sfeer nagekaart. De snelle afloop van mijn partij
betekende dat ik – in tegenstelling tot wat ik gewend ben – alle tijd had om me te verdiepen in de andere partijen.
Winst Henk op bord 3 (0-2)
Henk trof op bord 3 een tegenstander die op papier op bord 5 of 7 opgesteld had moeten worden. Na mijn snelle winst was het de beurt aan Henk. Henk schrijft het volgende over zijn partij: “De opening die op het bord kwam speel ik wel vaker en heb er een redelijke score mee. Al weet Tony Else blijkbaar goed hoe je het moet tegenspelen, want de laatste keer verloor ik terecht van hem, maar deze tegenstander die normaal op bord 7 speelde, had de finesses duidelijk minder door. Ik stond al snel goed, al was het centraliseren van mijn paard met 12. Pf4 niet echt nodig. Ik had beter gelijk h5 kunnen spelen, maar zwart antwoordde nogal aarzelend met c6 en ik had na h5 duidelijk voordeel. Hij probeerde het met g5 dicht te houden, maar ik forceerde een open stelling met 14. h5-h6

een ruil  waarmee ik een redelijk voordeel vasthield (Fritz + 1,2). Ik wilde mijn andere toren er ook bijhalen en rokeerde dus lang en forceerde even later loperruil met 20. Ld3 Lxd3. Toen hij zelfs nog 21. … Lxc3 speelde en probeerde met Pf8 de stelling min of meer 
dicht te houden, kwam het daar niet meer van. Ik was na zijn 24.  … De7 enigszins bezorgd over Da3+ en Tg2 (overigens na Td2 niet echt gevaarlijk!) en speelde daarom het “mooie” 25. Dh3

waarmee ik ook zijn toren op c8 aanviel. Maar zwart mistte de koelbloedigheid die aanval te negeren door na eerst Da3+ vervolgens c5! te spelen, want dan verliest wit na Dxc8 zelfs nog!! Tdg1 is dan overigens wel OK en goed om voordeel vast te houden. Maar goed, na Tc8-c7 alsnog f5 en liep het lekker door met 28 e6. Kortom een duidelijke en recht toe recht aan overwinning, maar toch nog wel enkele “verbeterpuntjes” volgens de onverbiddelijke computer. 
Verlies Tony op bord 5 (1-2)
Tony trof de op papier sterkste tegenstander. Tony stond aanvankelijk iets beter maar maakte een tactische fout met zijn 10e zet en een grote positionele fout met zijn 11e . Op zet 13 dacht hij meer dan 30 minuten na maar kon helaas niets vinden. Tony koos voor de lange rokade, maar het gevolg was dat hij met een onveilige koning opgescheept zat. Volgens de computer was de beoordeling zelfs rond de min 3 en Tony was niet in staat om zich te verdedigen tegen alle bedreigingen. De tegenstander miste meerdere kansen op een nog eerdere finish maar uitstel bleek dus geen afstel en hij verzaakte niet het eerste tegenpunt voor D4 binnen te halen.
Winst Hans op bord 8 (1-3)
Hans meldt het volgende over zijn partij:
“Al vroeg kon ik mijn tegenstander een geïsoleerde dubbelpion bezorgen. Hij stond onprettig en besloot op de koningsvleugel een stuk te offeren voor 2 pionnen. Ik kon dameruil afdwingen en stond eigenlijk al gewonnen. Het werd toch nog spannend toen ik in de diagramstelling 35. … Pd4? speelde.

Er volgde sterk 36. Pxg5 Lxd3 37 Lxd5+.

In de stelling van het tweede diagram had wit 42. f3 moeten spelen, maar er gebeurde waar ik op hoopte: 42. h4? Ik had gezien dat ik mat kon geven. Er volgde 42 … Pe2+ 43 Kh2 Txf2+ 44 Kh1. Vreemd genoeg vertelde ik mezelf toen dat ik me vergist had, quod non. Mijn zet 44 … d4 was weliswaar winnend, maar ik had natuurlijk mat moeten zetten op mijn 45e zet”.
Verlies Eddy op bord 4 (2-3)
Eddy trof wel een gelijkwaardige tegenstander en had het lastig. Hij begon met een best aardige opzet maar na een foutieve pionnenruil kwam Eddy positioneel beroerd en in hogere zin zelfs verloren te staan. Zijn tegenstander deed vervolgens alles goed en maakte goed
gebruik van de nog niet ontwikkelde loper van Eddy op c8. Met een “petit combination” werd het lot van zwart bezegeld.
Remise Louis op bord 6 (2,5-3,5)
Ik had dus alle tijd om de partijen te volgen en zag een interessant gevecht op het bord van Louis. Louis schrijft over zijn partij:
“Mijn tegenstander (Arie) opende met e4 ik had me voorgenomen om de zwarte Leeuw te spelen en dat is mij ook goed bevallen. Het was een gelijk opgaande partij, wit stond iets beter na de opening maar naarmate de partij vorderde kwam ik steeds beter te staan. Het
werd nogal ingewikkeld vanwege allerlei dreigementen, bijvoorbeeld stukverlies. Arie had het moeilijk maar bleef op de been. Ondertussen verloor ik een pion maar die kon ik in het eindspel weer terugwinnen. Hij had nog 36 seconden voor vijf zetten en ik bood een tactische remise aan wat hij aannam. Ik vond het wel goed zo, ook gezien de stand op de resterende twee borden. 
Verder schrijft Louis: Al met al een mooie teamoverwinning! Ook prettig dat Eddy weer terug is, niets ten nadele van Tijmen want die heeft het geweldig gedaan, je zal maar zo’n invaller hebben!! En Tony nog even volhouden het tij keert wel weer!”
Ik (Tim) vond het een prachtige partij om te volgen en wil aan de hand van een moment een beeld geven van de partij:

 
Een moment waarop wit objectief bezien iets beter staat. Wit heeft zojuist Le3 gespeeld. Fritz geeft in deze stelling (iets) betere kansen aan wit aan vanwege de latere mogelijkheid f4-f5. Maar eenvoudig is het niet en ook Louis had kansen, zeker in praktische zin. Een uitglijder ligt voor beide partijen op de loer. Remise is denk ik een uitslag waarmee beide partijen kunnen leven.
Winst Jaco op bord 1 (2,5-4,5)
Jaco schrijft over zijn partij:
Mijn tegenstander Wouter Jans koos voor de Franse Opening. Ik koos voor 5.f4 met een aanval op de koningsvleugel in het verschiet. Wouter koos voor de opstoot van zijn a-pion die zelfs a3 bereikte. Het werd een lastige partij, ik probeerde snel meters te maken op de koningsvleugel, maar ik hield ook een oogje op de damevleugel, opdat zwart daar niet kon doordringen.
Mijn tegenstander had ook zijn dilemma’s, hij wilde lang rokeren, zodat hij zijn andere toren bij de aanval kon betrekken, maar daartegen waren iedere keer bezwaren. Uiteindelijk viel zijn pion op a3, waardoor ik op de damevleugel dreigingen kon ontwikkelen.
Via een plotselinge oversteek van dame- naar koningsvleugel kon ik snel mijn toren en dame mobiliseren voor een beslissende aanval. De zwarte koning had geen goed heenkomen meer. De teamoverwinning was hiermee binnen!
Winst Jeroen op bord 7 (2,5-5,5)
Het slotakkoord was voor Jeroen. Ook Jeroen komt met een mooi relaas van zijn partij:
“Wat boekten we weer een mooie overwinning. Los van het feit dat er een speler van 1200 tegenover Tim gezet werd ( reglementair toegestaan, maar het zou verboden moeten worden). Ik speelde tegen de enige dame van het gezelschap, die goed weerstand bood. We kwamen terecht in de variant die ik het minst graag speel, maar wel weet hoe ik het moet spelen. Ze speelde het vrij rustig waarbij het de eerste 12 zetten gelijk op ging. Mijn tegenstandster speelde op zet 12 Db6 en vanaf dat moment kwam ik steeds beter te staan. Er kwam ondanks dat ik beter stond, wel een mooi gevecht op het bord,. Maar ja goed staan en winnen zijn toch wel twee verschillende dingen. Tijdens de analyse bleek ik steeds wel de juiste zetten gevonden te hebben, al was het plan a4-a5  op de 15 e zet beter geweest. Ik heb het tijdens de partij afgewezen omdat ik dacht dat zwart een goed tegenantwoord en alternatief zou hebben. Stockfish liet echter iets anders zien en achteraf bleek dit plan goed te zijn en de stelling erna erg goed voor wit. Ik kreeg overigens steeds meer grip op de stelling van zwart maar moest het toch nog even bewijzen. Echter zowel ik als mijn tegenstandster kwamen stevig in tijdnood. Maar na de 40e zet gaf ze terecht op. Ik had inmiddels 3 pionnen meer, maar het bleef  best een lastige stelling. Maar genoeg voordeel om waarschijnlijk gewoon netjes te winnen. “Op naar de volgende ronde!”

Winst van 2,5-5,5 en voor even de nieuwe koploper! Om even te dromen over eventuele kampioenschapsaspiraties geef ik het resterende programma van ons team en Garde:
23 april 2022 ronde 9
Garde 1 – Shah Mata 1
De Giessen en Linge is deze ronde vrij
21 mei 2022 ronde 5 (inhaalronde)
De Baronie 2 – Garde 1
De Giessen en Linge 1 – Shah Mata 1
Beiden dus nog tegen Shah Mata dat tot nu toe verrassenderwijs alle wedstrijden op eentje na gelijk heeft gespeeld. De Baronie 2 staat in de onderste regionen al is het beeld vertekend omdat nog niet alle wedstrijden  zijn gespeeld of verwerkt in de stand. Duidelijk is wel dat het een theoretische kans is, maar je weet maar nooit en hoop doet leven!

Deceptie in IJsselstein: Kasteel Lekstroom – De Giessen en Linge

Deceptie in IJsselstein: Kasteel Lekstroom – De Giessen en Linge

Op 29 maart stond de uitwedstrijd tegen Kasteel Lekstroom in IJsselstein op het programma. Het leek erop dat we wel redelijk aan elkaar gewaagd zouden zijn, maar de eerlijkheid achteraf gebiedt te zeggen dat wij steeds amechtig moesten proberen een achterstand weg te werken.
Als eerste ging het mis bij Tony Else op bord 3. Hij onderschatte de dreigingen van zijn tegenstander en kwam door een fout pardoes een pion achter. Hij hoopte dankzij een open g-lijn nog tegenspel te kunnen krijgen, maar dat bleek een illusie. Na nog een fout was het over en uit.
Óp bord 2 had Henk Boot tegen Colijn Wakkee, die jarenlang competitieleider van de SGS is geweest, een interessante stelling op het bord. Wit speelde min of meer “noodgedwongen” de thematische opstoot e4-e5, een pionoffer. Henk won die pion, maar logischerwijze volgde toen d5-d6. Henk raakte enkele zetten, in overigens gelijke stelling, de draad kwijt en overzag een mooie penning van wit en na een volgende dodelijke penning was het enkele zetten later uit. Het was mooi hoe wit gebruik maakte van het onvoldoende herkennen door Henk van de witte mogelijkheden. 2-0 achter dus.
Jeroen Brandsma, deze keer op bord 5 en één van onze mannen in vorm, bond deze keer nogmaals een tegenstander aan de zegekar en bracht de spanning terug.
Dat lukte niet bij Hans Karelse op bord 4. Hij kreeg dezelfde opening als enkele weken geleden op het bord, maar er ontstond nu een geheel andere stelling die meer Franse kenmerken had. Wit kon een paard naar d6 dirigeren

en Hans besloot tot Lxd6. Sterke alternatieven in deze stelling waren overigens 14. .. f6 of Tb8. Wit probeerde een aanval tegen de zwarte koning op te zetten en zwart hoopte te profiteren van de witte koning op e1 en opende de stelling met 21. … e5, maar helaas, de boemerang kwam met 22. Lg5 en wit kreeg hiermee beslissend voordeel (diagram)

fen]2rqr1k1/1p1b1p1p/p2Pp1pQ/3p4/2nP1BP1/2PB4/5P1P/R3K2R b KQkq – 0 1[/fen].  In de stelling was Df6 prima geweest om even later wel de breekzet e5 uit te voeren.
Maar we hebben in het team nog meer “puntenmachines” zoals Tijmen Schakel die deze keer op bord 6 speelde. Na een rustige opening stond wit zeker niet slechter. Het lukte Tijmen om enkele van zijn wat mindere stukken af te ruilen tegen goede witte stukken en langzaam aan stond hij wat beter en kon een pionnetje op d4 meenemen. Wit meende met h5 een sterke aanval tegen de zwarte koning te krijgen, maar dat had Tijmen allemaal wel gezien en met de venijnige zet Lb4-d2 bleek de witte dame op h6 opeens ingesloten te zijn!

Dat kostte wit de partij en de spanning was terug: nog maar 3-2 achter. Maar bij de rest zag het er niet naar uit dat we nog aan het langste eind zouden trekken.
Bij André van Wingerden, een andere puntenmachine van het team, ging het in eerste instantie gelijk op. Maar toen André dacht een kwaliteit tegen een pion te winnen met b5 Dxc5 en Pe2,

overzag hij een tussenzet (Tc4) en stond hij er opeens eentje achter. Toen hij even later werd gedwongen tot dameruil en de pion op a3 ook nog verloren ging, waren er in de zaal weinigen die nog een cent voor de witte stelling gaven. Het enige voordeel van André leek de klok te zijn. Maar toch,… In een eindspel is activiteit van stukken nu eenmaal erg belangrijk en na Tb8+ dacht zwart blijkbaar ook dat centraliseren van de koning met Kf7 daarom nuttig was.

Hij kwam van een koude kermis thuis omdat André zich de kans Txb5 en na terugslaan Pd6+ niet liet ontgaan. Zwart ging torenruil uit de weg en miste dus opeens een paard. Hoewel het nog best een lange weg zou kunnen worden het voordeel te verzilveren, bleek de combinatie zwarte desillusie en de klok een kortere weg. We stonden opeens gelijk!
Restten nog de partijen van Louis Rutgers op bord 8 en Jaco Vonk op bord 1. De partij van Louis verliep moeizaam. Hij kwam niet lekker uit de opening en het ging eigenlijk van kwaad tot erger. Een pion minder, sterk in het nauw gedreven door zijn soepeltjes spelende tegenstander. Deze keer zat er helaas geen wonderbaarlijke ontsnapping in en trok zijn tegenstander aan het langste eind.

Dus alles hing nu af van Jaco Vonk. Jcao kreeg vanuit een rustige opening wel wat ruimtelijk voordeel met 2 actieve paarden, terwijl zwart het loperpaar had. Het was en werd niet duidelijk hoe Jaco dit ruimtelijke overwicht kon omzetten in een echt voordeel. Zoals het ging bleef de wedstrijd in balans en ook al had de zwartspeler beduidend minder tijd op de klok, in het eindspel maakte hij geen fouten. Er werden nog wat speldenprikjes uitgedeeld, maar remise was de terechte uitslag, waarmee we niet onterecht met 3,5-4,5 een nipte nederlaag leden.