Op de eerste dinsdag in het nieuwe jaar was de opkomst beperkt, waarschijnlijk ook vanwege de winterse (sneeuw)omstandigheden, al waren alle wegen deze avond zowel aan het begin, als aan het eind van de avond goed te berijden. Natuurlijk wensten we elkaar een voorspoedig en hopelijk gezond nieuwjaar. Gerard de Gans als voorzitter sprak iedereen toe, had voor een consumptie en een drankje gezorgd, zodat we welgemoed van start konden gaan. Eddy Korevaar speelde tegen Jaco Vonk de langste partij van de avond en zoals hij zegt: “Tja, tegen Jaco zijn het altijd bijzondere partijen”, zo ook deze keer. Jaco omschreef de partij als verraderlijk. Jaco schoof zijn zwarte pionnen in het centrum vlot naar voren en Eddy moest actief spelen om meer ruimte ter beschikking te krijgen. Daarom offerde hij een paard tegen pion op zet 11 en kreeg daar actief spel mee. Maar Jaco zag het als een uit nood geboren paardoffer en zag de winst al gloren…. Jaco moest op allerlei manieren wel de juiste voorzettingen vinden om Eddy’s initiatief op de damevleugel binnen de perken te houden en dat koste hem veel tijd, vooral omdat het niet makkelijk te zien was hoe hij zijn zware stukken optimaal kon neerzetten. Met het zwarte 26. … Pb7, wat een actieve verdedigingszet leek, beging Jaco echter een onnauwkeurigheid. Op zet 27 heb liet Eddy een kans op voordeel liggen met het niet zo voor de hand liggende Pxc8. Ook op zet 28 had hij deze zet nog kunnen spelen, maar het is psychologisch niet echt makkelijk een ingewikkelde zet, die je juist daarvoor hebt afgewezen, alsnog te spelen. Hij had dan niet alleen de materiele verhoudingen weer in evenwicht gebracht, maar mogelijk ook een technisch gewonnen stelling bereikt. Na afruil van de dames op zet 32 had Eddy door niet te snel op c8 te slaan 2 of 3 pionnen + over gehouden en zou de winst dus mogelijk moeten zijn. Na de ruil op c8 en verlies van pion c7 stond het met lopers van ongelijke kleur en slechts 1 pion extra aan Eddy’s zijde potremise en werd aldus besloten. Onze bedenktijd was toen ook naar rond de 1 tot 2 minuten geslonken. Henk Boot speelde een interessante partij tegen Gela Nikoladze. Gela liet zijn b-pion oprukken tot b3, maar Henk had een sterke pionformatie in het centrum, waarmee de stelling in balans was. Diagram na 22. … fxe5.
Gela wilde zo snel mogelijk torens ruilen via Tf8, maar Henk sloeg na Txf3 terug met gxf3 om met een opmars van de f-pion een doorbraak te forceren. Maar volgens de computer had Txf3 toch de voorkeur, nu kwam Gela wat beter te staan. Maar nadat Henk toch met zijn f-pion op f5 kon komen, miste Henk even later het schaakje Tg6+ en stond eigenlijke verloren. Maar nu kon hij toch verraderlijk 37. f6 spelen (diagram)
en na Db1-e1-e2-h5 een gevaarlijk initiatief ontwikkelen. Het gepende paard op g6 ging verloren, maar Henk liet zich hierna verleiden tot Lxh6+ (beter Dxh6+) en dacht zwart in een matnet te kunnen vangen. Dat klopte dus niet, maar wel bleef er na dameruil op e8 een gelijke stand over. Henk liet een oogje op pion f6 vallen maar dat was het verkeerde plan. Gela nam nu het heft in handen en liet Henk met een nederlaag achter, tja, zo gaat dat soms met schaken… Hans speelde een goede partij tegen Michaël Houweling. Na zo’n 15 zetten bleek hij duidelijk beter uit de opening te zijn gekomen (diagram na 15. Ph4).
Michaël koos met e5-e4 niet de meest taaie verdediging, want Hans kon gewoon Pxe4 spelen! Na slaan zou wit na Lxe4+ een onweerstaanbare mataanval gekregen hebben. Maar ook na Pb6 ging Hans onverdroten door met aanvallen, hetgeen leidde tot vernietiging van de zwarte koningstelling. Diagram na Txf6 en opgegeven vanwege Dg5+ enz.
André van Wingerden nam het op tegen Arjan Uittenbogaard. Na de opening had Arjan een klein plusje, maar toen hij niet goed anticipeerde op de witte dreiging Lh4 met penning van zijn paard op f6, kreeg André voordeel. Diagram.
Er volgde 24. … Lg7; 25. e5 Pd5. Hoewel Arjan dacht met Pe3 en aanval op witte dame en toren de kwaliteit terug te winnen, kostte hem dat “zijn stelling”. André kreeg groot voordeel en hoewel de computer achteraf nog wel wat nauwkeuriger zetten adviseerde, was duidelijk dat André aan de winnende hand was. Hij moest nog wel even oppassen, maar dat hij dus en won. Arnold van Es won van een nieuwe tegenstander en Martijn Koutstaal trok tegen Bert van Geldere aan het langste eind. Zaterdag 10-01 a.s. is vanwege de slechte weersvooruitzichten de 6e ronde in de KNSB-competitie uitgesteld naar eind maart.
Bij de start van het seizoen was de eerste ronde van de rapid-competitie gespeeld. Nu was het dus de tweede (van drie) avonden, waarin het rapid-kampioenschap wordt beslist. Van de koplopers na ronde 1 was Jaco afwezig. Voor medekoploper Eddy Korevaar was het zoals hij zegt met de zwarte stukken een zwarte avond. De opening tegen Hans Karelse verliep tweemaal nog wel goed, maar daarna raakte hij na vreemde avonturen van het rechte pad. Hans wist er wel raad mee en won. Chris Tromp had de eerste ronde met 3 uit 4 goed gescoord, maar tegen Henk Boot raakte hij een pion op c4 kwijt. Henk vergrootte zijn voordeel en na heel wat zetjes moest Chris het punt aan Henk laten. Ook de rest van de avond wilde het bij Chris deze keer niet lukken. Gela Nikoladze speelde een agressief openingsgambiet tegen Elmar Bottema, die niet optimaal reageerde. Gela stond veel beter, maar Elmar dacht nog een trucje te hebben, maar de truc van Gela was beter en voldoende voor winst. Ook winst was er voor André van Wingerden, Anne van Heelsum en Edwin Morks, die begon aan een mooie avond. In de 2e ronde speelde Henk tegen Hans een andere variant dan in de interne competitie. Toen bereikte hij niets, maar dit keer wel, mede door de nonchalante manier waarop Hans na de opening voortzette. Het kostte Hans een pion en even later kon Henk dromen van een mooie opmars van zijn centrale vrijpionnen. Hans probeerde op de damevleugel nog wel roet in Henks aanval te gooien, maar dit keer lette Henk goed op en trok de winst naar zich toe. Eddy herpakte zich tegen André en won. Chris speelde een prima partij tegen Gela en bracht hem enorm in het nauw, kwam materiaal voor en bereikte een gewonnen stelling. Hij had ook nog wat meer tijd ter beschikking. Maar ja, het binnenhalen van de winst lukte niet, al leek op een gegeven moment remise de meest waarschijnlijke uitslag te worden. Maar als een schaker eenmaal van het rechte pad is afgeweken, valt de weg terug vaak maar moeizaam te vinden, zo ook hier. Uiteindelijk lachte het engeltje op de schouder van Gela hem nog eens bemoedigend toe en liet hem zelfs met de winst ontsnappen. Er was ook winst voor Elmar, Edwin en Madelon Dane. In de 3e ronde van de avond stond Henk een half puntje voor op Eddy en op Gela en één punt op Hans. In deze ronde probeerde Eddy Henk beentje te lichten, maar dat lukte niet. Het werd een interessante partij met allerlei tactisch grapjes: penningen en indirecte Röntgen-aanvallen, maar hoewel Henk op een gegeven moment dacht een stuk te winnen, vond Eddy de juiste verdedigende finesse. Ook een latere poging van Henk werd door Eddy geneutraliseerd. Tenslotte ontstond een eindspel waarin het materiaal zo was uitgedund dat remise de logische uitslag werd. Gela nam het op tegen Hans en zette met kracht of zo u wilt, met veel aplomb, zijn dame op h5. Dat was met de zwarte koning op d7 natuurlijk een dreiging tegen de f7-pion, maar deze dame had ook een oogje op de ongedekte loper op e5. En tot verrassing van Hans werd die loper door Gela geslagen. Schaakblindheid in een een stelling die volgens Hans nog zeer onduidelijk was. Madelon Dane profiteerde van een fout van Elmar wat hem een kwaliteit kostte. Hij had wel enige compensatie en kwam later in het eindspel ook wel beter te staan. En hij had een stuk meer tijd tot zijn beschikking en dat bleek voor Madelon de nekslag te worden. Winst was er ook voor André, Pieter en Edwin die zijn derde overwinning op rij boekte en dan ook al een tevreden gevoel over deze schaakavond had. In de laatste ronde mochten de twee koplopers Henk en Gela tegen elkaar. Vanuit de opening hield Gela een geïsoleerde pion op d5 over en Henk zette een mooi paard op d4. Toen Gela zijn d5-pion met Lc6 dekte sloeg Henk de loper en de nu achtergebleven pion op c6 werd door Henk hierna met zijn toren opgepeuzeld. Gela probeerde nog wel wat grapjes, waarbij Henk vooral zijn onderste rij in de gaten moest houden. Dat lukte prima en Gela was zelfs gedwongen een kwaliteit te geven. Maar juist toen Henk dacht nog een extra stuk van Gela te winnen, bleek dat stuk gewoon gedekt te staan en leverde Henk de kwaliteit weer in. In het resterende eindspel met dame en toren had Henk weliswaar een pion en wat tijd meer, maar hij koos liever voor het halve ei dan de lege dop: remise dus. Elmar trof Eddy die vanuit de opening wel goed stond, al werden de dames wel vrij vroeg geruild op b3. Eddy had toen het plan via Lc2 de witte pionnen op b3, c4 en d5 op te gaan peuzelen, maar Elmar had een mooi paard op d6 kunnen zetten en zo de c4-pion behouden. En zo’n paard kijkt dan tegelijkertijd naar heel wat velden in de zwarte stelling. Hij kon dan ook een mooie aanval op de koningsvleugel opzetten. Elmar dacht de winst al in het vizier te hebben, maar dat klopte niet. Er bleef een eindspel over met beiden een toren en een stuk en pionnen, waaronder voor Elmar twee vrijpionnen. Eddy moest na sterk spel van Elmar zijn laatste stuk geven en moest hierna met zijn koning op de vrije witte h-pion af. Dat kostte nogal wat tijd en Elmar gebruikte die tijd om de zwarte pionnen op de damevleugel buit te maken. Hij kon hierna met zijn laatste vrijpion ondersteund door koning en paard doorlopen. Hij scoorde deze avond dan ook 3 uit 4! Maar de beste uitslag was er voor Edwin die deze avond ook zijn 4e partij won. Nu er twee van de drie avonden zijn gespeeld wordt de koppositie gedeeld door Gela en Henk met 6 punten, de derde en vierde plaats zijn voor Eddy en Hans met 5 punten. Hierna volgen André en Elmar met 4,5 punt. Edwin met 4 en Jaco met 3,5 punt. Het belooft dus op 24 maart bij de 3e rapid-avond een spannende ontknoping te worden.
De laatste avond voor de Kerst werd er hard gestreden om felbegeerde punten. Het aantal deelnemers was in eerste instantie oneven en dat betekent dat er iemand zonder tegenstander zit. Maar Martijn Stam die niet ver van de club woont, was alsnog bereid te komen opdraven, zodat iedereen een tegenstander had. Hulde dus voor Martijn! Het duel tussen de nummers twee en één van de ranglijst stond deze avond op het menu. Gela Nikoladze was er op gebrand Jaco Vonk het vuur na aan de schenen te leggen. Voor het verslag doe ik een beroep op Jaco Vonk die schrijft: “De partij ging redelijk gelijk op, maar Gela had wel wat meer aanvalsmogelijkheden. Op zet 18 deed ik een ogenschijnlijk logische zet (combinatie tot afruil), maar het bleek een misser, omdat ik een paar zetten later in grote problemen zou komen met uiteindelijk stokverlies. Gela zag die variant ook niet en besloot tot een ander alternatief dat uiteindelijk leidde tot een soort van afruil, waarbij Gela twee paarden had en Jaco een toren en een pion. Er ontstond wel een lastige penning voor Gela, hij kon zijn paard op e7 niet verplaatsen. De stelling was nog licht in het voordeel van Gela, maar door een onnauwkeurigheid kon Jaco de druk op het paard op e7 zo groot maken dat Gela een dameruil moest toestaan met daarbij nog een pionverlies. Nu zat Jaco aan het stuur, omdat de toren een grootte reikwijdte had en de paarden van Gela nog in het gelid moesten worden gebracht. Na wat tactisch gemanoeuvreer kon Jaco een vrijpion creëren op de h-lijn, maar Gela had inmiddels eenzelfde troef op de a-lijn. Het was nu zeer moeilijk om de juiste zetten te vinden. De stelling was gek genoeg nog altijd in evenwicht tot de 50e zet (zie diagram na Tg8).
Gela besloot in tijdnood tot 50. Kxc6 waardoor de h-pion kon doorwandelen. Met 50. Pf1 was het nog altijd ongeveer gelijk, maar in tijdnood is dit heel lastig om te spelen. Ik voorzag een variant met twee paarden tegen drie losse vrijpionnen en een actieve koning. Hoe zou dat zijn afgelopen? Henk Boot kruiste de degens met Eddy Korevaar, die Henk met zijn openingskeuze enigszins verraste. Maar goed, Henk was wel op bekend terreinen stond wat makkelijker in het centrum en op de koningsvleugel. Eddy zag zich “gedwongen” met b5 een pion te offeren (diagram na 18. … b5).
Henk had gewoon op b5 het pionoffer moeten aannemen en had dan een goede stelling gehad. Hij dacht echter zelf een pion op c4 te kunnen offeren en dat zijn eigen aanval wel eerder zou komen. Maar dat hij toch niet goed ingeschat en zo kwam Eddy steeds beter te staan. Henk kon het onheil niet meer keren en moest na nog wat gespartel de eer aan Eddy laten. Tja, opnieuw ging Eddy dus het meest adequaat met de geboden kansen om. Hans Karelse pakte de zwarte openingsopzet van Elmar Bottema goed aan en kwam duidelijk beter te staan. Diagram na Td7.
Hij won met Td7 twee stukken tegen een toren, maar Elmar kreeg een goede kans toen Hans zich over het hoofd zag dat Elmar na Txb3 een naar schaakje met Dd1+ kon geven en daarna de toren op b3 ophaalde. Hierna was duidelijk dat de kansen gekeerd waren. Maar ook hier zaten er nog wat addertjes onder het gras. Hans blokkeerde de opmars van de zwarte a-pion met Da3. Vervolgens kon hij met de dame naar d6, zijn paard erbij halen en zo met remise ontsnappen. Diagram.
Kortom, een enerverende partij met wisselende kansen. Ernst Delwel had Christian Boudewijn als tegenstander, net als een half jaar geleden toen remise het resultaat was. Ernst speelde nu met wit een voorzichtige opening, even saai en degelijk als Birkenstock sandalen. Christian volgde met gemak en na ruilen van meerdere stukken speelde Christian het logische en dwingende 23. Te8 -Te2 (diagram).
Ernst raakte van de wijs en speelde de passieve zet 24. Lb1. Na 24 Pg4 had hij dan noodgedwongen 25. Tf1 moeten spelen en vervolgens Kg2. Beter was overigens 24. Ld2 Pg4 25. Te1 waarbij de torens geruild moeten worden vanwege de dreiging 26. Te8 mat! In plaats van 25. Tf1 speelde Ernst de kamikaze-zet 25. Tf4 in de hoop een of twee pionnen te slaan op de damevleugel en daarbij de zwarte loper inactief te maken. Christian had nu gewoon met het paard moeten slaan op f2 gevolg door La6 met allerlei matdreigingen en in ieder geval eeuwig schaak. Christian speelde 25. … g5 en vervolgens de a-pionnen naar voren en trok de toren terug naar e7. Hierna kreeg Ernst het sterke veld c5 ter beschikking voor zijn loper. Het zwarte paard werd op e4 geruild tegen de loper en er ontstond een sterke witte vrijpion op d4 die verder kon oprukken. Wit kwam beter te staan en Christian ging met 43. … Tg7 (diagram) in de fout en gaf op vanwege Ld4+ en na of Tc7+ of Tg2+ valt de toren op g7.
Edwin Morks had naar zijn idee best een aardige stelling opgebouwd tegen Arjan Uittenbogaard, maar tenslotte trok toch Arjan aan het langste eind. Madelon Dane offerde tegen Gerard de Gans een stuk tegen een tweetal pionnen, maar kon Gerard niet van de wijs brengen en moest de eer aan hem laten. Michaël Houweling kreeg dus met Martijn Stam alsnog een tegenstander, maar Martijn kreeg geen voet aan de grond. Michaël kwam een stuk tegen een pion voor en kon daarmee zijn winst veilig stellen. Arnold van Es had het moeilijk tegen Egbert Meijer die een mooie aanval opbouwde. Hoewel sommigen de winst van Egbert al telden, bleek zijn aanval toch niet door te slaan en dan gaat nogal eens de ander er met de volle buit vandoor. Zo ook hier, Arnold won dus. Pieter Verdoorn en Martijn Koutstaal begonnen de partij rustig maar het werd een lang gevecht, waarin Martijn uiteindelijk de partij in zijn voordeel kon beslissen.
Op 16-12 werd een aanvang gemaakt met de 2e cyclus van de interne competitie. Bij afwezigheid van Jaco Vonk en Eddy Korevaar was het topduel deze avond de partij tussen Gela Nikoladze en Hans Karelse. In deze spannende en ingewikkelde partij werden de witte paarden in een tamelijk vroege fase tegen de zwarte lopers geruild. Al snel had Gela een zeer dominante stelling vanwege een sterke pion op e5 en beheersing van de diagonaal a3-f8 waardoor Hans niet aan rokeren toekwam en hij opgezadeld zat met een erg gedrongen stelling. Voor de langslopende toeschouwers leek het alleen maar de vraag hoe lang Hans zou kunnen standhouden. Nu, dat was best lang, maar tegelijk dringt zich de vraag op of Gela ergens een meer kansrijke voortzetting voorbij heeft laten gaan. In ieder geval was het behoorlijk ingewikkeld en enerzijds niet gemakkelijk het goede aanvalsplan, maar anderzijds de juiste verdediging te vinden. Het kostte Hans dan ook behoorlijk veel tijd, maar hij ontworstelde zich toch aan de “bijna verstikking” na zijn breekzet f7-f6. Na dameruil ontstond een toreneindspel met beiden nog 4 pionnen: één op de damevleugel en 3 op de koningsvleugel, waarbij Hans een dubbelpion op de f-lijn had. Remise leek een logische uitkomst als de zwarte b- tegen de witte a-pion zou worden geruild. Hans had evenwel beduidend minder tijd ter beschikking dan Gela. Uiteindelijk won Gela na een duidelijke fout van Hans alsnog. André van Wingerden kreeg van Henk Boot de kans in de opening een voordeeltje te bereiken met een vroeg e4-e5, net als in de bovengenoemde partij. Maar Henk kwam met een vlot d5 en f5, waarmee de stelling weer in evenwicht kwam. Henk speelde het wel handig in die fase en kreeg een beginnend voordeeltje. Maar toen hij vervolgens niet handig speelde, moest hij na 23. Pa4 van André krachtig op de rem trappen vanwege de dreigingen Pb6+ en Pc5-xe6. Diagram na 23. Pa4..
Ipv 22. … Tdf8 was Kb8 de manier geweest het voordeeltje vast te houden. Op zet 23. kostte Kb8 als minst van alle kwaden wel een pion, maar de stelling werd na dameruil sterk vereenvoudigd tot een remisetoreneindspel. Na stukkenruil op d5 volgde 32. … Te2, waarna na zetherhaling remise werd overeengekomen. Bij Elmar Bottema-Louis Rutgers fianchetteerden beiden hun koningsloper en verliep de opening volgens redelijk bekende patronen. Louis koos voor activiteit op de damevleugel en Elmar had de koningsvleugel als “oefenterrein” gekozen. Hoewel Louis de damevleugel eerst had dichtgeschoven, probeerde hij vervolgens daar toch iets te bereiken. Hoewel Elmar wel wat vroeg kwam met de pionopmars f4, was hij er als de kippen bij door te stomen naar f5, nadat Louis terugschrok voor e5xf4. Elmar kwam snel daarna met Lh6, waarop Louis loperruil uit de weg ging. Nu volgde na f5 ook nog Dg5 en werden de wolken voor Louis wel erg donker. Diagram na Dg5..
Na fxg6 was de kracht van de samenwerkende witte stukken te groot en ontkwam Louis niet meer aan Elmars matnetvlechtwerkje. Dus best een snelle winst voor Elmar. Arjan Uittenbogaard kreeg tegen Michaël Houweling zijn aanval niet echt op gang en Michaël zocht de aanval tegen de witte koning. Maar hij kwam ook niet verder dan met Pf3+ en na Kg1-f1 met Ph2+ aan te sturen op remise door zetherhaling/eeuwig schaak. Bert van Hees maakte al tamelijk snel een misstap tegen Anne van Heelsum. Die kostte hem een stuk en de partij. Quinten Gerritsen en Huig Visser speelden op het oog een tamelijk rustige partij. Maar Quinten had goed gezien dat hij na stukkenruil Huig kon opzadelen met een verbrokkelde pionnenstructuur op de damevleugel. Daar richtte hij zijn aandacht op, won er eerst eentje en sloopte daarna de zwarte stelling definitief. Arnold van Es had het tegen Wim Rietveld toenemend moeilijk, zeker toen Wim de aangeboden mogelijkheid om een kwaliteit te winnen met beide handen aangreep. Hij hield de stelling in zijn greep, won nog een stuk en die overmacht was hierna te veel voor Arnold. Bert van Geldere leek in het begin tegen Gerard de Gans het initiatief aan zijn tegenstander te moeten laten, maar later keerden de kansen en won Bert. In de partij tussen Madelon Dane en Pieter van Doorn was de positie lang niet heel duidelijk, maar leek wel min of meer in evenwicht. Wel verbruikte Madelon duidelijk meer tijd dan Pieter die uiteindelijk aan het langste eind trok. Het duel tussen Jan Post en Chistian Boudewijn was dus eigenlijk ook het duel tussen de oude en de nieuwe penningmeester van de club. In de eerste instantie ging het aardig gelijk op, maar toen Jan optimistisch met 21. g2-g4 probeerde de zwarte loper op h5 te verjagen, bleek dat toch niet het beste plan. Christian sloeg en passant op f3 en Jan bleef met een flink aantal zwaktes zitten: een loper op e2 achter een zwakke pion op e3, terwijl ook de positie van de witte toren op d1 zorgelijk was. Kortom, Jan beschreef zijn stelling als “zo lek als een mandje”. Gelukkig concludeerde beiden na afloop dat het een leuke partij was en dat is voor clubschakers nu eenmaal ook een zeer belangrijk element in de beoordeling van een partij. Komende dinsdag 23-12 is er de 2e ronde in de 2e cyclus van de interne competitie, waarna we op 30-12 de tweede turnus in de rapid competitie spelen ter afsluiting van 2025.
Op 09-12 werd de 12e ronde gespeeld, alweer de laatste ronde van de eerste cyclus. Jaco Vonk trad aan tegen Tony Else en het lukte Tony niet het Jaco echt moeilijk te maken. Vanuit de opening had Jaco meer ruimte in het centrum en de zwarte stukken stonden elkaar in de beperkte ruimte op de damevleugel behoorlijk in de weg. De korte rokade van zwart leidde tot een witte pionnenopmars met g4, waarmee de f5-pion het moeilijk kreeg. Na ruil kwam de g-lijn open en de witte torens voelden zich daar heel goed op hun gemak. De door Jaco ontketende aanval was voor Tony niet meer te stoppen. Een interessante partij kwam op het bord tussen Elmar Bottema en Gela Nikoladze. Na een goede opening kwam Elmar met een pionoffer, maar het terugkrijgen van deze investering deed hij minder handig, zodat Gela een klein plusje behield. Gela vervolgde sterk met 13. … c5 om van zijn dubbelpion af te komen en meer speelruimte voor zijn stukken, waaronder de loper op b7 te krijgen. Diagram na 13. … c5.
Enkele zetten later ontstond na een vrij geforceerde zettenreeks een interessante stelling met heel wat stukken in het centrum en Elmar richtte zijn vizier op de zwarte koningsstelling. Hij speelde in deze stelling (diagram na 19. … Dd7)
het sterke 20. Dh5. Zwart koos voor de logische verdediging van f7 met Tf8. Sterker nog was hier 20. … Pd3 geweest! Maar goed, ook na het gespeelde 20. … Tf8; 21. Le4 Pxe4; 22. Txe4 heeft de computer nog steeds een voorkeur voor de zwarte stelling, maar niet meer toen Gela het ongelukkig 22. … Pf6 speelde. Na 23. exf6 Lxe4; 24. Pxe4 had zwart met Dd5 nog kunnen spartelen, maar na Dxd4 en het witte Dg5 was aan mat niet meer te ontkomen. Een partij waarin Gela wat beter uit de opening kwam, maar in de tactische mêlee de dreiging van wit onderschatte en hiermee het onderspit dolf. Aan Eddy Korevaar dus de taak om te winnen van André van Wingerden om de 2e plaats te heroveren. De partij ging rustig van start, maar dat bleef natuurlijk niet zo. Diagram na 15. … Lf5.
Na ruilen op c5 vervolgde Eddy met Tfd1 en hier had André met e5-e4 en na Pd4 e4-e3 wel een voordeeltje kunnen bemachtigen. Maar na het gespeelde Pc2 leek het toch wel mee te vallen voor wit. Toen kort daarna André Lg4 speelde moesten alle hens bij Eddy aan dek om het schip varend te houden. Na Td3 had André met of e5-e4 of Ld7 een flink voordeel (-2) kunnen krijgen, maar niet met het gespeelde Lxf3. Maar toen hij hierna alsnog e4 speelde, sloeg Eddy Pxe4 en nu was het nodig geweest eerst even een kwaliteit te offeren op e4 en pas daarna Lxf2+. Maar direct Lf2 laat na Kxf2! zwart niet de mogelijkheid de witte toren op c1 met schaak te slaan en met het gewonnen tempo speelde Eddy Pf6+. Hierna vergat hij na het gespeelde en noodzakelijke Ke8 nog even met Pxh7+ een pion mee te nemen. Hij sloeg gelijk op e8 en hierna bloedde de strijd dood en ontstond een potremise toreneindspel. Met deze uitslagen blijft Gela Eddy nipt voor, maar beiden staan op een ruime afstand van “Herbstmeister” Jaco Vonk, die er geen twijfel over laat bestaan, dat hij er op gebrand is na een flink aantal titelloze jaren weer kampioen te worden. Hans Karelse kwam tegen Martijn Koutstaal goed uit de opening en won eerst een pion en later vanwege een penning nog eentje. Maar vooral had hij, met de zwarte koning nog op e8 en de zware stukken hieromheen op de 8e rij met zijn witte loper op e6 en dame op a7, zwart eigenlijk volledig in de tang. Toen de witte loper zich later terugtrok naar h3 bleef de zwarte stelling ernstig verkrampt. Hans won overtuigend. Arjan Uittenbogaard en Henk Boot speelden de opening rustig. Na ruil op d4 had Henk toch een kleine dreiging in petto toen Arjan “gewoon” 14. Le3 speelde. Henk dwong deze loper met Pg4 tot een verklaring. Arjan vond het opgeven van deze loper geen goed idee, maar miste dat na het gespeelde Lf4 Henk met Pxd4 kon profiteren van de overbelasting van de witte dame. Zwart speelde actief en kreeg de open b-lijn in bezit. Diagram.
Henk won een pion en kreeg een erg dominate stelling en nam Arjan ernstig in de tang. Er was bijna sprake van zetdwang! Hoewel Henk enkele malen wel wat sterkere voortzettingen had kunnen spelen, bleef hij ook volgens de computer ruim in het voordeel (-3), waarbij Arjan ook nog eens belangrijk minder tijd ter beschikking had. Uiteindelijk won Henk dus. Christian Boudewijn en Michaël Houweling speelden een Konings-Indische partij, waarin Michaël na f5 de controle over de f-lijn kreeg, een onaantastbare toren op f4 kon neerzetten gesteund door een loper op e5. Dat gaf hem veel positioneel voordeel, maar aan het eind struikelde Michaël en dat kostte hem een toren en loper. Daarmee verspeelde hij de winst, die nu alsnoig naar Christian ging. Huig Visser redde het niet tegen Chris Tromp. Eerst kwam hij een pion achter en toen dat later een vol stuk werd, was duidelijk dat Chris ging winnen. Anne van Heelsum pakte het in zijn partij tegen Madelon Dane niet goed aan en kwam een stuk achter. Maar zoals bekend: opgeven kan altijd nog en hij kreeg toch wel wat compensatie en dat werd steeds meer. Uiteindelijk ging Madelon in de fout en kon Anne alsnog winnen! Pieter Verdoorn en Quinten Gerritsen maakte het elkaar gedurende een lange partij flink lastig. Tenslotte kwam er een remise uit de bus. Martijn Stam had een zware dobber aan Edwin Morks, die steeds beter kwam te staan en winnend voordeel bereikte. Maar ja, als er je dan een flinke blunder op het bord komt, kantelen de kansen en zo kon Martijn alsnog met de winst gaan strijken. Zaterdag 13 december was er de 5e ronde in de KNSB-competitie. We hadden onze eerste twee thuiswedstrijden gespeeld in De Til en gewonnen, maar onze beide uitwedstrijden verloren. We waren nu weer neergestreken in Metropole, zouden we daar onze thuisreeks kunnen voortzetten tegen KiNG 2 uit Tilburg? Op zich zou dat niet onmogelijk moeten zijn, omdat zij pas één matchpuntje hadden verzameld in 4 wedstrijden. Maar ja, dat was wel een verdiend gelijkspel tegen Sliedrecht 2, waar wij onze eerste wedstrijd van hadden verloren, dus… De eerste uitslag kwam van Tony Else op bord 6. Vanuit de opening had hij ruimtevoordeel op de damevelugel, maar zette minder gelukkig voort. Weliswaar won hij na de zwarte breekzet e6-e5 een pion, maar dat ging ten koste van zijn pionnenstructuur. En om deze pionwinst te behouden accepteerde hij nog meer schade aan zijn pionnenformatie. Diagram.
Hoewel Tony hoopte op de koningsvleugel kansen te krijgen, bleek zwart via de b-lijn op de damevleugel sneller via Tb4. Maar Tony kon de zwarte dreigingen redelijk eenvoudig neutraliseren en na zetherhaling werd tot remise besloten. Hierna ging het mis bij Henk Boot op bord 5, niet voor het eerst dit jaar in KNSB-verband trouwens. Hij speelde vrij nonchalant 8. … b5 en schrok zo van 9. Lxb5 dat hij afzag van axb5 omdat hij de verdediging na 10. Pxb5 Ta5! had gemist!. Diagram.
Tja, hierna liep hij de rest van de partij “krachtig” achter de feiten aan en moest de winst aan zijn tegenstander laten. Hierna ging het ook bij Louis Rutgers op bord 8 niet goed. Hij had op het oog een heel aardige stelling met beheersing van de d-lijn en de mogelijkheid op d5 een stuk neer te zetten en tegen de achtergebleven d6-pion te drukken of via Dd5+ gelijk de f5-pion te belagen. Maar omdat Louis uiteindelijk koos voor De1 kwam het daar niet meer van en kon zwart met zijn torens de witte koningsstelling aan de tand voelen. Met een zwarte pion op e4 en een zwart paard op d4 was de kans voor Louis verkeken om het veld d5 als uitvalsbasis voor een wit initiatief te gebruiken. En na een zwart Pf3+ was Louis gedwongen met Pxf3 een kwaliteit te offeren en dat bleek het begin van het einde. Kortom een 0,5-2,5 achterstand en op de overige borden stond niemand “onmiddellijk” op winst, dus het zou nog een harde dobber worden om zelfs maar één matchpunt te redden… Eddy Korevaar op bord 2 had weliswaar een ruimtelijk overwicht, maar het evenwicht leek nergens echt verbroken, zeker niet nadat zwart de torens had kunnen ruilen. En zwart kon wel wat “klieren” waarmee hij de a2-pion van Eddy won, maar dat gaf hem nog geen winstkansen. Maar meer dan remise zat er voor Eddy zeker niet in. Op bord 7 stond Elmar Bottema zijn mannetje. Hij had naar eigen zeggen echt een “off day” en leek al langslopend redelijk soliede te staan. Maar wit kon toch een flinke aanval via de c-lijn opzetten en had zeker mogelijkheden dit voordeel tot ± winnende proporties te vergroten, maar hij vond tot Elmars opluchting de juiste weg niet. Na neutralisatie van het witte voordeel kreeg hij in het middenspel de mogelijkheid een pionnetje te winnen. Dat was weliswaar geen blijvertje, maar na ruil van flink wat stukken won wit de pion terug en opnieuw lukte het wit niet zijn voordeel te vergroten. Het remiseaanbod van wit werd door Elmar dus maar al te graag geaccepteerd. Tja, dus een 1,5-3,5 achterstand, kon dat nog goedkomen? Inmiddels was het al wel duidelijk dat de overige partijen allemaal inmiddels voor ons gunstig stonden, maar zouden we hier 3 uit 3 kunnen scoren? Dat was natuurlijk best veel gevraagd. De eerstvolgende uitslag kwam van Hemmo Mulder op bord 4. Zwart dwong met witte paarden op f3 en g3 met h7-h5 Hemmo tot een h2-h4 antwoord. Maar Hemmo kwam later toch aardig onder druk te staan. Zwart kreeg een duidelijke plus, maar kon ondanks royaal tijdgebruik het juiste vervolg niet goed vinden en Hemmo kwam terug in de partij. Geruime tijd werd er in dit langzame gevecht gemanoeuvreerd en uiteindelijk had Hemmo hiervoor dus beduidend minder tijd nodig dan zijn tegenstander en vond bovendien betere zetten. Zijn voordeel werd steeds duidelijker en hij kon na verloop van tijd met Txe5 een pion winnen bij een zeer dominante stelling. Hij stuurde zijn koning naar het centrum ter ondersteuning en had goed gerekend dat in het centrum zijn koning, paard en vrije d-pion belangrijker waren dan de opgerukte zwarte h-pion. Dat bezorgde hem een beslissend voordeel. Zo, de eerste aansluitingstreffer was dus binnen. Hierna volgde de uitslag bij Gela Nikoladze op bord 3. Zijn tegenstander had blijkbaar inspiratie opgedaan van de F1-ontknoping van het afgelopen seizoen. Hij speelde een originele Grand Prix partij, stuurde zijn pionnen op de koningsvleugel vlot naar voren en vond tussendoor geen tijd om te rokeren. Wit had weliswaar een plusje overgehouden volgens Gela aan deze verassende opzet met een snelle opmars van zijn koningsvleugelpionnen al vond mijn computer het allemaal keurig in balans. Dat leidde tot torenruil op de h-lijn, waarna wit nog een paar schaakjes gaf en Gela zijn koning op de damevleugel in veiligheid bracht. Diagram.
Hierna werden de zwarte stukken steeds actiever en werd de witte dame terug gejaagd. Een voordeel voor zwart was na ruil van zijn paarden tegen de witte lopers was, dat wit nog een kreupele toren op a1 had, die weliswaar naar c1 ging maar daar ook geen potten kon breken. Er resteerde een ongelukkige positie van de witte koning op d1 en ook de overige witte stukken konden de juiste samenwerking niet vinden. Het voordeel voor Gela was inmiddels duidelijk en werd steeds groter en de slotstelling is (voor zwart) alleraardigst.
Dat betekende dat niet voor het eerst de uitslag van kopman Jaco Vonk op bord 1 zou beslissen over de einduitslag van deze middag. Zijn tegenstander kwam met een duidelijk plusje uit de opening, maar het type stelling dat ontstond ligt Jaco wel, hij heeft de betreffende opening al talloze malen gespeeld. Hoewel wit na zo’n 15 zetten op zetherhaling aanstuurde en remise aanbood, weten wij natuurlijk wel dat zo’n vroege remise niet past bij Jaco. Er werd dus doorgespeeld. Pas na de 20e zetten werden de eerste stukken geruild, maar daar knapte vooral Jaco’s stelling van op en werd het plusje weggepoetst en kreeg Jaco ruimteoverwicht op de damevleugel. Na torenruil ontstond een interessant loper-paard eindspel met aan beide kanten een opvallende pionnenstructuur. In de onderhavige stelling op zet 35
zag Jaco af van Pxg3 vanwege Lxg6 (is onkwetsbaar), maar hield met het veiligere Pf6 de strijd gaande. Overigens vond de computer het een duidelijk gelijke stelling. Maar niet voor lang, want toen wit besloot in de volgende stelling de pion op d5 te dekken met Lc4,
bleek dat niet goed en gaf de computer Jaco opeens een forse plus (ruim -3!), want Jaco mag de pion op d5 helemaal niet slaan, want na Pxd5 pent wit het paard met Lc4! en dat betekent dan stukverlies of het doorlopen van de d6 pion! Gelukkig had Jaco beduidend meer tijd ter beschikking dan zijn tegenstander en vond de winnende voortzetting 39. … a3! Maar enkele zetten later liet Jaco zich verleiden tot ruil op h4 ipv g5-g4. Hierna verdampte zijn voordeel en was er weer sprake van een remisestelling. Kortom, “the devil is in the detail” bleek maar weer. En dat bleek opnieuw een zet later toen wit met Ka2 op de a3-pion afging. Dat leidde opnieuw tot winnend voordeel voor Jaco. Diagram na 46. … Pe4.
Hierna vergrootte Jaco zijn voordeel en hij koos in de volgende stelling (diagram) voor 52. … kd7
terwijl enkele kibitzers de zet Pxh4 gevolgd door g5 dwingender vonden. Tja, volgens de computer leidde beide zetten tot mat in 20 zetten! Dat is toch wel echt een grappig aspect van het gebruik van de computer bij de analyse. In deze stelling duurde het nog ruim 10 zetten voor wit het moede hoofd in de schoot legde en opgaf. Hiermee behaalden we een zwaar bevochten 4,5-3,5 overwinning, die gezien het verschil in rating tussen beide teams best wat hoger had mogen zijn. Maar ja, sommigen van ons hadden hun dag niet zo, al kon dat ook best van enkele van onze tegenstanders gezegd worden. Met deze nipte overwinning stegen we tot de 4e plaats in onze poule. De volgende wedstrijd vindt op 10 januari plaats in Goirle tegen EGS. Hopelijk kunnen we dan onze eerste uitoverwinning boeken!
De schaakweek begon al weer vroeg met een uitwedstrijd in en tegen Houten. Vorig jaar waren Houten en De Giessen en Linge de uitgesproken nummer 1 en 2 in de eerste klasse, tot we in de voorlaatste ronde tegen elkaar moesten spelen en alle kwartjes voor ons de verkeerde kant op vielen en wij met de staart tussen de benen en een 7-1 nederlaag huiswaarts keerden. Maar omdat wij als beste nummer 2 van de eerste klasse alsnog promoveerden, stonden we ook dit jaar weer tegenover elkaar. Ditmaal in een praktijklokaal van een school waar op de werkbank wel wat “duimschroeven” waren gemonteerd. Zouden we die dus in ons voordeel kunnen gebruiken? Na onze prima start volgde in de 2e wedstrijd tegen Moira Domtoren een domper en een vrij onfortuinlijke nederlaag. Onze tegenstanders hadden in hun vorige wedstrijd enorm klop gekregen van titelfavoriet Woerden, zodat een overwinning elk van beide teams weer in de bovenste helft van de ranglijst zou brengen. Deze keer was Ernst Delwel als invaller bereid gevonden de plaats van Hans Karelse in te nemen. Het werd zoals verwacht in de beginfase een evenwichtige strijd, waarin geen snelle beslissingen vielen. Het ratingverschil tussen de teams was overigens ook minimaal. Pas rond 23.00 uur kwamen de eerste uitslagen binnendruppelen. Mattias Stok was als eerste klaar op bord 5. Vanuit de opening leek er niet zoveel aan de hand voor zwart, maar toen hij dacht op de koningsvleugel een stevige pionnenverdediging neer te zetten met g5 en h6, (Diagram)
opende dit na eerst h4 en en zwarts g5xh4 juist de witte diagonalen voor de witte loper van Mattias. Hij liet dan ook met grote snelheid zijn witte loper switchen via d1 en g4 naar een dodelijk schaakje op e6. Hierna viel aan mat niet meer te ontkomen! Diagram.
Hierna volgde Henk Boot op bord 3, die het Boedapester gambiet anders speelde dan zijn tegenstander had voorbereid, zo vertelde die na afloop. Dat het voor zijn tegenstander een voorbereide opening was, bleek wel uit de enorme snelheid waarmee hij zijn zetten uitvoerde. Henk dacht wat langer na en moest dus wat dieper in zijn geheugen graven. Maar dat ging dit keer wel goed en zwart aarzelde met 14. … a4, want hij twijfelde of hij met direct Th6 de pion op a5 mocht offeren. Diagram na 14. Lc3.
Dat pionoffer had prima gekund overigens, maar met correct spel van Henk zou de stelling ook dan geheel in balans zijn gebleven. Na het nu gespeelde a4 kon Henk makkelijk b2-b4 spelen en had misschien een klein plusje. Maar veel stelde het niet voor. Even leek Henk nog een pion te kunnen winnen na 28. … Df4 (diagram)
met 29. Dxg7+ Kxg7; 30. Ph5+ Kh6; 31. Pxf4, maar zwart heeft dan Te4 en wint de pion met voordeel terug! Zwart had het overigens niet gezien, maar ongetwijfeld wel gevonden in de partij. Nu werden via Te1 de torens geruild en werd weldra tot remise besloten. Beiden hadden ook na afloop wel vrede met die uitslag. In deze fase begon het wel goed voor ons uit te zien, vooral bij Tony Else op bord 6 zag het er goed uit. Hij kreeg een solide stelling uit de opening. Zijn tegenstander maakte de fout om zijn loper buitenspel op g3 te zetten. Diagram na Da5.
Volgens de computer had Tony slechts een klein plusje na 24. … Da5, maar met zo’n niet functionerende loper op g3 voelde het voordeel groter en dat werd het ook al snel na het ongelukkige 25. Td2?? en de pionwinst 25. … Dxa2; 26. Dxb5 Pxc3; 27. bxc3 Txd2; 28. Pxd2 Dxd2 kreeg Tony een beslissend voordeel met de vrije a-pion. Als invaller had Ernst Delwel plaatsgenomen aan bord 8. Beide spelers zetten de partij soliede op, waarbij wit vanaf het begin een klein voordeeltje behield tot de 18e zet. Blijkbaar had hij plaats genomen op een roze wolk die zijn oordeelsvorming ernstig belemmerde en vervolgens enkele zetten later toen hij in een vlaag van schaakblindheid Pxf7 speelde met het doel te vervolgen met Txh7 en Dxg6. Maar ja, het zwarte paard op f6 staat er gewoon ook nog. Enkele zetten later gaf hij gedesillusioneerd op. Dit was nu zo’n kwartje dat deze avond onze kant opviel en de stand kwam hiermee op 3,5-0,5 in ons voordeel. Diagram.
Op bord 1 speelde Jaco Vonk een hem bekende openingsvariant al kwam zwart daar zeker niet slecht uit. Weliswaar won Jaco zijn geofferde pion rond de 15e zet terug, zwart had toch wel een duidelijk voordeeltje bereikt. Diagram na Dd4.
Maar Jaco kon een toren naar de g-lijn en naar e3 brengen en een paar torens ruilen. Er was dan ook geen enkele reden het remiseaanbod van zwart bij zet 23 af te slaan. Zwart stond toen nog steeds wat beter en bovendien kwam de stand in de wedstrijd op 4-1 in ons voordeel en het zag er wel naar uit dat ook op de overige 3 borden nog wel “iets” gescoord zou worden. Maar niet op bord 4, waar André van Wingerden werd geconfronteerd met een agressief spelende tegenstander, die al op zet 7. e4-e5 speelde en vervolgens even later doorpakte met e5-e6. Diagram.
Dit soort stellingen leidt vaak tot ruime denkpauzes en die nam André dan ook. Hij koos voor Pde5, maar ijskoud zelf Pxe3 was prima geweest. Nu sloeg wit op f7 en na Pxf7 volgde dameruil. André koos voor het verstoren van de witte pionnenstructuur met Lxc3+ en nu had wit zijn pionnenformatie intact kunnen houden met Dd8-d2! Zo rond zet 15 vond de computer het allemaal behoorlijk in balans, maar toen André op zet 27 met Lb7-e4 dit stuk bij de strijd wilde betrekken, bleek dat een verkeerde keuze. Wit kreeg hierna snel beslissend voordeel. De stand kwam hiermee op 4-2 in ons voordeel. Daarna viel een beslissing bij Gela Nikoladze op bord 2. In een Siciliaanse opening werd van beide kanten voorzichtig gemanoeuvreerd. Na nogal wat ruilen had wit weliswaar het loperpaar, maar Gela een wat betere pionnenstructuur. Beiden hadden nog hun torens en zoals we het van Gela kennen, hij speelde het actief en drong met een toren de witte stelling binnen. Op een gegeven moment ontstond een grappige stelling (diagram)
waarin zwart Tb1+ speelde dat door wit via Td1+ met dus een aftrekschaakje werd beantwoord. Gela heeft het nog lang geprobeerd, maar moest uiteindelijk in remise berusten. Dat betekende natuurlijk wel dat we de “benodigde” 4,5 punten en de teamoverwinning binnen hadden! Als laatste was Louis Rutgers klaar op bord 8. Lang leek hij de overhand te hebben, nadat hij goed uit de opening was gekomen en een pion had gewonnen. In ieder geval had zijn tegenstander aanzienlijk meer tijd nodig om zijn zaakjes op orde te houden. Nadat Louis zijn vrijpion te vroeg opspeelde, ging zijn pluspion weer verloren en moesat hij oppassen niet in een slechtere stand te belanden. tenslotte kwam er een toren vs licht stuk en voor beiden nog een pion op het bord, waarin Louis ook door het tijdsvoordeel het makkelijkere van het spel had. Maar zwart had aan het increment net genoeg om zijn hoofd boven water te houden en het tijdsvoordeel van Louis slonk, maar hij kwam nimmer in gevaar. Uiteindelijk werd tot remise besloten na zeker 70-80 zetten of misschien zaten ze zelfs rond de 100 zetten! Kortom een mooie 5-3 overwinning en revanche voor de nederlaag van vorig jaar. Op de reguliere speelavond op dinsdag speelde het 2e team tegen Kasteel Lekstroom 2 en dat werd geen succes. Michaël Houweling op bord 2 kwam heel goed uit de opening, maar vergalopeerde zich. Zijn blunder kostte onmiddellijk de partij. Ook op de meeste andere borden zag het er allemaal niet al te veelbelovend uit. Christian Boudewijn op bord 1 werd in een lastige stelling gedrongen en verloor. Ook Arjan Uittenbogaard raakte op een gegeven moment een stuk achter, had geen compensatie en verloor. Ook aan de laagste borden was het scoren van punten een probleem, want Arnold van Es en Anne van Heelsum moesten hun huid verkopen en een 0 incasseren. Alleen Elmar Bottema op bord 4 wist aan de malaise te ontsnappen en te winnen. Na een vrij kalme opening had Elmar ruimtevoordeel op de damevleugel, terwijl de aanvalspogingen van zwart op de koningsvleugel konden worden geneutraliseerd. Na het zwarte f5 en exf5 vervolgde zwart met g5. Diagram na g5.
Elmar was met de terugtrekmanoeuvre 19. Pf3 voorzichtig, maar had met f5-f6 wel het initiatief kunnen houden. Nu kon zwart het initiatief naar zich toe proberen te trekken, maar Elmar lette goed op en het evenwicht was niet verbroken. In een dergelijke ingewikkelde stelling wordt natuurlijk vaak nogal wat tijd gebruikt en dat gold zeker voor Elmars tegenstander. Toen hij 33.Lxe4 kon spelen (diagram)
was duidelijk dat hij groot voordeel kreeg en dat enkele zetten later met stukwinst de eerdere pionwinst kon omzetten in een overwinning. Kortom, een mooie overwinning, waarin geduld uiteindelijk beloond werd. Maar al met al, helaas een gedecideerde 5-1 nederlaag. In de interne competitie werden niet zoveel wedstrijden gespeeld, wat samenhing met de externe wedstrijden van het 1e en 2e team. Edwin Morks offerde tegen Gela Nikoladeze wel erg opportunistisch een stuk, maar zag daar maar weinig voor terug. Gela creëerde een toenemend aantal dreigingen tegen de witte koning en wist de winst tamelijk eenvoudig binnen te halen. Eddy Korevaar bouwde zijn stelling tegen Louis Rutgers mooi op via een pionnenketen met als voorpost e5 en daarachter paarden op e4 en f3, terwijl ook de witte loper op g2 wel aan het strijdgewoel op de lijn h1-a8 wilde meedoen. Nadat zijn paard van e4 naar d6 was gesprongen zat Louis al aardig in de tang, temeer omdat het andere paard via g5 weer ter ondersteuning op e4 kon komen. Maar naar eigen zeggen pakte Eddy het hierna te voorzichtig aan en zijn voordeel verdween en Eddy hield al rekening met remise. Maar Louis was dus vanonder Eddy’s druk terugkomen en zag zijn kans ”schoon” een stuk te offeren om een geforceerde remise te bereiken of zelfs voor de winst te gaan. Maar aan deze schone kans zaten wat vieze randjes. Het offer bleek niet te deugen en na een viertal zetten bleek het opeens over voor Louis en haalde Eddy dus de volle buit binnen. Bert van Hees speelde een goede partij tegen Hans Karelse en stond na de opening ook wel wat beter. Maar dat had hem allemaal wel veel tijd gekost. Hans manoeuvreerde zijn dame naar d4 en toen Bert deze dame onnodig ruilde verdween zijn voordeel en sloeg Hans het remiseaanbod van Bert op de 24e zet af. Tot in het toreneindspel bleef de partij in balans, maar mede vanwege de beperkte resterende tijd voor Bert tastte hij op zet 53 mis en dat leidde zijn ondergang in. Henk Boot nam het op tegen Jan Post. Die voelde zich al snel niet gemakkelijk in de stelling en dat kostte hem veel tijd. Op de 12e zet leidde hij met het ongelukkige Pd5 zijn ondergang in. Henk sloeg op d5 en won vervolgens met Dxc7 een pion. vervolgens kwamen zijn torens vernietigend binnen op c7, werden de zwarte lopers en vervolgens nog een stel lichte stukken geruild en won Henk een 2e pion. Toen vond Jan het wel genoeg. André van Wingerden stelde zich actief op tegen Pieter Verdoorn en boekte al snel voldoende materiaalwinst na een vergissing van Pieter om de partij in zijn voordeel te beslissen. Gerard de Gans kwam al snel plezierig te staan tegen Madelon Dane, won een pion en bereikte groot voordeel na het bereiken van een eindspel. Maar bij het binnenhalen van de buit vergiste Gerard zich en Madelon won de pion terug. Er bleef een gelijke stand over en Madelon bereikte een remise als beloning, omdat (te) vroeg opgeven nu eenmaal nooit leidt tot een goed resultaat.