De eerder uitgestelde wedstrijd tegen TRIO 2 werd deze avond gespeeld. Zij konden slechts 5 spelers optrommelen en lieten het eerste bord leeg. Het team begon dus met een 1-0 voorsprong. Daarna volgde een remise door herhaling van zetten bij Michaël Houweling op bord 2. Daar was Michaël achteraf niet erg tevreden over, want onderweg had hij veel beter en mogelijk zelfs gewonnen gestaan. Daarna kwam er wat zand tussen de radertjes, want eerst verloor teamleider Arnold van Es op bord 5. Hij kreeg een niet te stuiten aanval over zich heen. Maar vlak daarna bleek ook Anne van Heelsum op bord 6 verloren te hebben. En dat was niet verwacht. Hij ontwikkelde een mooie en in principe winnende aanval op de damevleugel. Zijn tegenstandster had zich al min of meer bij een nederlaag neergelegd, maar had nog een klein addertje onder het gras in petto. En dat was een mat achter de paaltjes en toen Anne even onoplettend was, werd hij dus mat gezet. De achterstand werd wel weer goed gemaakt door Gerard de Gans op bord 4 die won en de stand was weer in evenwicht. Restte nog de partij van Martijn Koutstaal op bord 3. Hij kwam met zwart goed uit de opening met een gelijke stand, maar kon toch wit rond de 20e zet het goede plan niet vinden en kwam Martijn snel duidelijk beter te staan. Na 19. … Pf6 koos wit het verkeerde 20. T4e5 (diagram)
en stond pardoes eigenlijk verloren na cxd4. Met een kwaliteitsoffer 20. Pf5 had hij de partij nog redelijk een balans kunnen houden, maar ja, dat was natuurlijk niet zo makkelijk te vinden. Hierna was het computeroordeel -3 en hoewel in het verdere verloop de computer nog enkele keren betere zetten voor Martijn suggereerde, stond vooral wit onder druk. Wit ging met 27. Tbb3 (veel beter Tcb3 en later Db4+) opnieuw in de fout. Diagram.
Na 27. … Dxd2; 28. Pxd2 Te1+; 29. Kf2 Te2+ won Martijn een stuk en was de winstvoering niet moeilijk meer. Kortom, uiteindelijk een zwaar bevochten 3,5-2,5 overwinning! In de interne competitie had Arjan Uittenbogaard, die door het niet komen opdagen van zijn tegenstander voor de externe wedstrijd, toch intern kon spelen, Jaco Vonk als tegenstander. Na een rustige opening probeerde Jaco voordeel te krijgen en “er doorheen te komen”. Maar Arjan speelde uiterst geconcentreerd en secuur, hield de deur goed dicht en gaf Jaco eigenlijk geen enkele kans op reëel voordeel. Jaco moest dus tevreden zijn met remise. Achteraf was dat toch wel “winst” voor hem, gezien de ontwikkelingen in de partij tussen Eddy Korevaar en Ernst Delwel. Ernst stelde zich soliede op en de stelling was in evenwicht. Eddy probeerde met de opstoot e4 het spel meer open te gooien en was zelfs bereid na het provocatieve g7-g5 van Ernst (diagram)
hierna een stuk tegen 2 pionnen te offeren. Maar Ernst had dankzij een mooie loper op b7 een fraai verdedigingsgrapje. Na17 … Pb4 kwam het ongedekte paard op f3 onder vuur te liggen en na 18. cxb4 Dxc2; 19. Lxc2 Lxf3 was het eigenlijk voor Eddy al een vrij hopeloze situatie. De kracht van het loperpaar op f3 en d2 was evident, want hierdoor waren er nauwelijks velden voor de witte torens beschikbaar. Zwart daarentegen controleerde de open c-lijn en kon via Td5 een witte pion op e5 ophalen. Diagram na 25. … Txe5.
Ook na ruil van de witte lopers op e2 controleerde Ernst met een loper op d2, toren op e2 en een tot d3 opgerukte d-pion eigenlijk alles. Hiermee lag de witte stelling blijvend lam. Ernst bleef geconcentreerd spelen en gaf Eddy geen enkele mogelijkheid terug in de wedstrijd te komen en bezorgde Eddy dus zijn eerste nederlaag. De partij tussen Hans Karelse en Gela Nikoladze verliep langs gewone patronen en de stelling was volstrekt in evenwicht tot Hans in een vlaag van schaakblindheid op zet 20 een stuk weggaf. Dat betekende gelijk einde partij. Henk Boot zette zijn partij tegen Tony Else anders op dan hij de afgelopen jaren deed, dus geen Benoni of Nimzo-Indisch. De partij ontwikkelde zich langzaam en was gewoon in evenwicht al had Henk wat meer ruimte ter beschikking. Diagram na 19. f2-f4.
Maar vooral duidelijk was dat Tony zich in de stelling niet zo op zijn gemak gevoelde in tegenstelling tot Henk. In de onderhavige stelling na 22. … Pe6 koos Henk voor het rustige 23. Pe2 en verwierp 23. Pd5 omdat na ruil op d5 pion f4 zou vallen. Diagram na 23. Pe2.
Na Pe2 hield Henk controle over de stelling. Na 23…. Dc5 had Henk 24. Kg3 ter beschikking als extra dekking van f4 omdat zijn dame op e3 bescherming genoot van het paard op f5. Hierna had Henk niet alleen psychologisch maar ook volgens de computer een duidelijk plusje. Maar Tony had toch een duidelijk “rug tegen de muur gevoel”. Even later (diagram na 28. … Kf8)
vond Henk het moeilijk te kiezen tussen 29. Dc3 of f4-f5. Het eerste was volgens de computer slechts goed voor 0.00, ook al was Tony voor deze zet het meest beducht, maar de zet f4-f5 was beter en hield het voordeel vast. Want de zet 29. … d5+ dreigde niets na e4-e5. Even later greep Tony met 31. … Pg5 definitief mis want 32. Lxb7 Dxb7; kostte na 33. Df4 gewoon materiaal. Tony gaf daarom op. Opvallend was dat zeker tijdens de partij Tony en in mindere mate Henk de stelling als gunstig/beter voor wit beoordeelden, terwijl thuis de computer het allemaal veel minder duidelijk vond. Met deze overwinning kwam Henk weer binnen in de top 10 op de ranglijst. Rob van Driel stond tegen Martijn Stam weliswaar een pion achter, maar had met een open d- en e-lijn zeker voldoende compensatie. Uiteindelijk had zwart weliswaar het loperpaar, maar daar stond een torenpaar van Rob tegenover. Voldoende voor winst van Rob. Quinten Gerritsen speelt al langer bij de junioren, maar nam het nu in de seniorencompetitie op tegen Huig Visser. Dat ging hem niet slecht af, al moest hij wel het nodige geduld betrachten voor hij Huig tot overgave kon dwingen. Jan Post wist in de partij tegen Madelon Dane de juiste manier tegen haar actieve openingsspel te vinden en kon aan het langste eind trekken. Egbert Meijer redde het niet tegen Edwin Morks. Edwin kwam twee pionnen voor kreeg een sterke toren op f3, won nog meer materiaal en toen hij nog een vorkje kon meepikken, hield Egbert het wijselijk voor gezien.
Het was een mooie schaakavond met maar liefst 13 interne wedstrijden, een record zoals Jaco opmerkte! Aan de top van de ranglijst nam Jaco Vonk het op tegen André van Wingerden, die op de 12e zet minder handig 12. … Pd4 speelde. Na ruil vervolgde wit met Lh6 en dan wordt het toch al een beetje lastig voor zwart. Toen André vervolgens de witte dame op g7 met Tdg8 verjoeg, (diagram na Tdg8)
verlegde Jaco met Dxd4 zijn aandacht naar de damevleugel en kon André zijn stukken niet meer tijdig naar die kant van het bord krijgen voor de noodzakelijke verdediging. Jaco won dus. Hans Karelse had zich voorgenomen aan de “geluksserie” van Eddy Korevaar een einde te maken. De partij werd rustig opgezet, maar Hans speelde wat ongelukkig 11. Dd2, maar Eddy miste hier pionwinst met Pxe4. Diagram.
Ook daarna kon Hans geen echte vuist maken en Eddy kwam wat beter te staan toen hij met een toren op c2 en dame op d2 kon binnenvallen. Diagram.
Maar enkele zetten later was dit “voordeel” weer verdwenen. Dus ook al leek een remise geen onlogische uitslag, maar nadat op f6 pionnen werden geruild, miste Hans dar de loper op f6 “indirect” de pion op d6 dekte. Dus na 33. Lxd6 Pxd6 ; 33. Txd6 volgde met Le5+ de koude douche en werd nog een partij aan de serie “Lucky Eddy” toegevoegd. Gela Nikoladze en Tony Else bestreden elkaar op het scherpst van de snede, waarvoor ze daarvoor geschikte opening hadden uitgekozen. Tony leek na verloop van tijd wel beter te staan, maar het door hem gespeelde stukoffer deugde niet. Gela was er daarna als de kippen bij om het materiële voordeel in winst om te zetten. Martijn Koutstaal en Elmar Bottema speelden een onderhoudende partij, waarin Elmar op de 15e zet met g6-g5 heel opportunistisch een pionnetje offerde. Enkele zetten later speelde Martijn 19. Dxe4 (diagram) waar Lf4 ook een prima mogelijkheid was.
Later stond er een eindspel, waar wit 2 torens had tegen een zwarte dame en een drietal versplinterde pionnen. Remise door eeuwig schaak leek de meest voor de hand liggende uitslag te zullen worden, maar dan moet je natuurlijk wel schaakjes geven. Toen Elmar dat even niet deed, bleek de kracht van de witte torens en was aan dameverlies en daarmee partijverlies voor hem niet meer te ontkomen. Christian Boudewijn had het niet makkelijk tegen Arjan Uittenbogaard. Hoewel het materieel wel gelijk was, had Arjan duidelijk makkelijker spel. Toen Christian in het eindspel een kwaliteit moest geven om mat te voorkomen, was duidelijk dat Arjan aan de winnende hand was. Louis Rutgers koos er tegen Henk Boot voor om deze keer met d4 te openen en Henk op zijn beurt koos een door hem nog niet eerder geprobeerde erg actieve openingsopzet en kwam al snel goed te staan. Maar ja, de finesses van de verdere opbouw na de 10e zet waren hem toch nog niet voldoende duidelijk. Het voordeel verdween en Louis kwam hierna duidelijk beter te staan. Maar Louis zag rond de 30e zet ook niet goed hoe hij verder moest gaan en had nog maar één kwartiertje tegen Henk twee kwartiertjes op de klok. Hij stond herhaling van zetten toe en daarmee mocht vooral Henk tevreden zijn. Madelon Dane kreeg bij Bert van Hees geen voet tussen de deur en moest met verlies huiswaarts keren. Pieter Verdoorn won ook zijn tweede partij, ditmaal tegen Bert van Geldere. Rob van Driel redde het niet tegen Ernst Delwel. Toen Ernst in een voor hem prettige stelling een stuk won, was duidelijk dat het eindspel voor Rob verloren was. De partij tussen Anne van Heelsum en Gerard de Gans leek zich rustig te ontwikkelen. Gerard had wel een batterij met Lb7 en Dc6 gericht op de koningsvleugel gericht, maar die dreiging werd opgevangen door een paard op f3. Maar toen Anne in een vlaag van schaakblindheid dit paard wegzette, stond hij pardoes mat na Dxg2. Dat was echt pijnlijk voor hem. Edwin Morks won in een goede partij van Arnold van Es, die na afloop verzuchtte, dat het nog niet zijn jaar is. Martijn Stam won van Egbert Meier en Huig Visser van Otto van Capelleveen.
Deze avond zou eigenlijk team 2 de eerste ronde in de externe competitie spelen, maar de tegenstanders werden geplaagd door een flink aantal zieke uitvallers en hadden tijdig om uitstel gevraagd. Dus alleen interne wedstrijden. Michaël Houweling had het al snel moeilijk tegen Jaco Vonk. Hij leek weliswaar meer ruimte te hebben in het centrum, maar Jaco kon de witte pionnenstructuur al snel opblazen, had daaromheen nog een flink aantal actieve stukken staan en al gauw bleek dat Michaël aan stukverlies niet kon ontsnappen. En bovendien zonder enige vorm van compensatie, besloot hij dan maar tijdig de koude douche van een nederlaag te accepteren. Diagram na 13. … f7-f6.
Het volgende topduel was de partij tussen Gela Nikoladze en Eddy Korevaar. Volgens Hans Karelse (na afloop) had Eddy weer veel geluk gehad. Deemoedig geeft Eddy dat ook wel toe. Eddy ging er met zwart fel in maar koos met f6 de verkeerde voortzetting en moest toen keepen. Gela overschatte zijn voordeel en besloot een sterk paard voor een pion te offeren. Toen stond Eddy met het loperpaar opeens een loper voor en was het nog wat omzichtig maneuvreren, maar was de winst niet ver meer weg. Gela concludeerde dan ook dat hij zijn voordeel overschatte en een stuk “offerde” of “blunderde” zoals hij zelf zegt. Eddy heeft solide gespeeld en zijn winst wel verdiend. Het is geen toeval dat ik tegen Eddy en Jaco verloren heb, zo stelt Gela vast. Maar zo schrijft Eddy; “Hans gaat naar eigen zeggen de komende week aan mijn geluk reeks een einde maken!” We gaan het zien! Hans Karelse stelt over zijn eigen partij dat het niet in zijn voordeel werkte, dat hij met zwart in de partij tegen Arjan Uittenbogaard de symmetrie wilde vermijden. Arjan miste op zet 15 zelfs een kans op groot, mogelijk winnend voordeel, omdat Hans dacht dat zijn dame de d5-pion dekte, maar dat was wegens een mogelijk familieschaakje op e7 geen echte dekking! Vanaf de zijlijn leek het na ruil van paarden een rustige partij te worden, maar Arjan gooide met 21. e2-e4 de knuppel in het hoenderhok. Diagram na 21. e2-e4.
Nu zou er na 21. … dxe4; 22. Txc8 Txc8; 23. d5 niet veel aan de hand zijn geweest, maar Arjan vervolgde met 22. Txe4 en na f5 kon Hans vervolgens op d4 slaan. Toen ook b2 wat later nog kon worden opgepeuzeld, werd zijn situatie hopeloos. Arjan dacht hij in het toren-loper eindspel met lopers van ongelijke kleur nog wel ontsnappen mogelijk was, maar in dit soort eindspelen zijn lopers van ongelijke kleur juist in het voordeel van de aanvaller. Hans won dus. André van Wingerden zag Jan Post al snel in de opening mistasten. Eigenlijk stond Jan al na 11 zetten met de rug tegen de muur en verloren. Diagram na 11. … Dxd6.
Het vervolg met 12. Lxf7+ was dan ook dodelijk, zeker toen André met de pionzet a4 de dreiging La3 in de stelling bracht. Diagram na Lc1-a3.
De computer had toen ook al een ruime +5 voor André als “beloning”. De witte stukken dartelden nog wat vrolijk rond, maar het pleit was eigenlijk wel beslecht. Jan verzuchtte dan ook na afloop, dat het hem tegen André eigenlijk nooit lukt om een fatsoenlijk resultaat te behalen. Interessant was de partij tussen Madelon Dane en Martijn Stam. Aanvankelijk zag het er voor de buitenstaander vrij rustig uit, maar met de opstoot e3-e4 brak ze het centrum open en bereikte ze groot voordeel. Diagram na e3-e4.
Ze sneed hiermee de terugtocht van het paard op f1 naar d2 af, al gaf de computer in deze stelling duidelijk de voorkeur aan de zwarte stelling. De tactische mogelijkheden waren echter talrijk en Martijn vond niet het juiste pad. Hij sloeg toen maar op h2, waarna hij nog steeds goed stond. Later kantelde de partij, kreeg Madelon groot voordeel en kon de winst binnenhalen. Martijn Koutstaal en Rob van Driel speelden een wat onevenwichtige partij. Een binnengedrongen zwarte dame op f3 dreigde via een schaakje met Lb5+ met een aftrekmotief te sneuvelen. Maar toen Rob kort rokeerde was hetzelfde motief met Lxh7+ ook aan de andere kant van het bord mogelijk! Au… en Rob streek begrijpelijkerwijze de vlag. Henk Boot zag Edwin Morks al snel in de opening mistastten. Niet alleen won Henk een pion, een zwakke isolani op e6 en niet goed samenwerkende zwarte stukken, waren voor Edwin een punt van toenemende zorg. Hij probeerde het nog met een schijnoffer met een paard, won weliswaar een kwaliteit, maar zo’n 10 zetten later leidde de gebrekkige zwarte coördinatie tot stukverlies en kon Henk met een binnengedrongen toren Edwin matzetten. We mochten deze avond ook twee nieuwe gezichten zien. Gerard de Gans speelde tegen Otto van Capelleveen, bij wie er toch nogal wat roest in de machinerie zat. Gerard won dus. Dat was bij de tegenstander van Arnold van Es, Peter Verdoorn duidelijk miner het geval. Hij kreeg een mooie overwegende stelling met aanval op de witte stelling van Arnold en wist dit mooi naar winst te voeren.
Aan de kop van de ranglijst twee bekende gezichten: Hans Karelse tegen Jaco Vonk. De partij zag er aanvankelijk rustig uit, maar de stelling van zwart leek al snel wat makkelijker speelbaar. Hans leek paardenruil te forceren, maar Jaco had met 21. … Ph4! pionwinst kunnen forceren. Hij had er wel naar gekeken zo zei hij later, maar zag niet hoe hij daarna verder voordeel kon verkrijgen. Toch won Jaco wat later alsnog de h-pion, maar dat gaf Hans de mogelijkheid de h-lijn in bezit krijgen. Toen Hans daar geen gebruik van maakte, kon Jaco de h-lijn in zijn bezit krijgen. De de loper van Jaco had daarna meer aanknopingspunten in de stelling van Hans dan andersom. Dat leidde tot verlies van een tweede pion, waarna Hans de stelling als behoorlijk hopeloos inschatte en van verdere pijniging afzag. Eddy Korevaar kreeg na de opening in zijn partij tegen Elmar Bottema wat meer ruimte en gemakkelijker spel. Tijdens de partij kon hij de weg naar materiaalwinst echter niet vinden, maar de computer thuis zag die weg natuurlijk wel. De stelling kostte Elmar overigens de nodige hoofdbrekens en tijd, maar hij won wel pardoes een kwaliteit na ruil van enkele stukken, omdat Eddy de zet La4 van zwart over het hoofd had gezien. Eigenlijk stond wit toen verloren, maar zoals Eddy zei, Elmar moest met weinig tijd dan wel een beetje haast maken. Met dezelfde truc als waarmee Eddy een kwaliteit verloor, kon hij later weer een kwaliteit terugwinnen. Er restte een lopereindspel (gelijke kleur) en remise leek de meest waarschijnlijke uitslag te gaan worden. Zwart moest zijn loper nog wel activeren en Eddy had wat meer ruimte. Na de nodige verwikkelingen miste Eddy ergens nog “mat in drie”. Ruil van dames en lopers pakte verkeerd uit voor Elmar en toen had Eddy alsnog plotseling een gewonnen eindspel in handen…. Louis Rutgers speelde tegen Gela Nikoladze. Louis verzuchtte dat het van zijn kant een slechte Franse partij was. Hij kreeg geen vat op het spel van Gela. In het middenspel had hij een isolani op d4, terwijl zwart het loperpaar had. De stelling oogde ook van de zijlijn als makkelijker voor zwart. Tenslotte ontstond een toreneindspel met beiderzijds 4 pionnen, maar al vrij snel kon Gela een wit pionnetje buitmaken. Vanaf dat moment werd duidelijk dat het voor Louis een zware tot onmogelijke opgave zou worden, zeker toen Gela een tweetal vrijpionnen met voldoende steun kreeg. Het lukte Louis dan ook niet om de remisehaven te bereiken. De partij tussen Jan Post en Anne van Heelsum kende een rustig kabbelend begin, maar al op zet 9 kon Jan via een tussenschaakje een pion op b7 meennemen. Anne probeerde het tij te keren met 14. … Da5+ en dat kostte Jan het recht om te rokeren. Jan dreigde meer materiaal te winnen, al kon Anne dat via dameruil tot pionverlies beperken. Jan hield de touwtjes stevig in handen en na ruil op d5 door Anne bleek er ook opeens een matdreiging achter de paaltjes te zijn en dat kostte Anne nog een paard en de partij. Christian Boudewijn maakte in zijn partij tegen Arnold van Es langzaam vorderingen. Zijn voordeel werd significant toen hij met een toren op c7 binnenviel en zowel een pion op b7 als op f7 bedreigde. Arnold koos voor de verdediging van de f7-pion. Na oppeuzelen van de b7-pion lag mede dankzij een sterk paard op e5 de weg naar winst open. Arjan Uittenbogaard had vanuit de opening plezierig spel tegen Bert van Hees. Twee torens op de e-lijn, waarna zwart gedwongen was na Lxf6 met gxf6 terug te slaan. Deze verzwakking van zijn pionnenstructuur bleef als een loden last rond de nek van Bert hangen en zo nam het voordeel van Arjan beslissende vormen aan. André van Wingerden zat tegenover Madelon Dane. Het lukte haar niet de goede start van de eerste ronde een vervolg te geven. André kreeg het initiatief wat hij kon omzetten in materieel voordeel van een dame tegen toren en een licht stuk. Bovendien was de coördinatie in de zwarte verdediging niet op orde, zodat André aan het langste eind trok. Martijn Koutstaal redde het niet tegen Michaël Houweling. Hij stond steeds één of twee pionnetjes achter, terwijl Michaël een flinke pionnenwals in het centrum en op de damevleugel naar voren kon brengen. Hoewel er nog wel een aantal pionnen kon worden geruild, kwamen hierna de zwarte torens venijnig binnenvallen in de witte stelling en trok Michaël de winst naar zich toe. Henk Boot moest wat recht zetten na een valse start met twee nederlagen. Het lot had Gerard de Gans aangewezen als “slachtoffer” van Henks dadendrang. Henk wist wel raad met de zwarte opstelling en won met 16. Lxb6 een pion (diagram).
Deze open b-lijn werd even later aan een witte toren in bruikleen gegeven, die vanaf b6 een zwarte pion op d6 pende en zo de ingesloten witte loper op e5 beschermde (diagram na 20. Tb6).
Zwart wilde deze loper graag onschadelijk maken en koos ervoor zijn lopoer op b7 te ruilen tegen de loper op e5. Maar even later kon zwart de verleiding 27. … Pd6 niet weerstaan (diagram na 27. … Pd6)
en dat gaf Henk de mogelijkheid om met een dameoffer na 28. Le6+ Khh8, 29. fxe5 de partij te besluiten. Martijn Stam had tegen Huig Visser een dominante stelling, kwam een stuk tegen twee pionnen voor en dat bleek voldoende voor de winst. Aan de kop van de ranglijst vinden we inmiddels de bekende gezichten van Jaco, Eddy en Gela. Zaterdag 4 oktober mochten we proberen de wrange smaak van de nederlaag tegen Sliedrecht 2 weg te spoelen tegen D4. Een team dat in de eerste ronde met maar liefst 7,5-0,5 van een zeer jeugdig EGS had gewonnen! Maar qua rating hadden we zeker (goede) kansen. We waren compleet, al had Tony aangegeven dat hij behoorlijk gammel was. Omdat Henk bij een aantal potentiële invallers nul op het request had gekregen, wilde Tony het toch wel proberen. De eerste uitslag kwam van Louis Rutgers op bord 8. Hij speelde een “heerlijke partij” en stond stevig aan het roer. Diagram na 15. Pd4.
Op zet 18 won hij zomaar een pion op f6. De dame van Louis stond op g3 en hij speelde vervolgens e5 (diagram). En zwart wilde verschillende dreigingen pareren, maar overzag dat zijn dame hing op d6 en speelde Ph6??! Deze buit werd door Louis natuurlijk binnengehaald. Binnen 1 uur spelen met 1-0 voor.
Daarna was het woord aan Hemmo Mulder op bord 4. Hij liet zich in de opening verrassen door een vroeg zwart h7-h5 en afzien van rokade door zwart, waarna wit dit voorbeeld maar volgde. Hemmo volgde met pionzetjes de pionzetjes van zwart. Maar de zwarte zetten leken dan wel sterk op zaterdag, de computer vond dat zondag veel minder duidelijk. Er werd nog een wit paard op de c-lijn gegijzeld, kortom zo zegt Hemmo: “Ik zat niet in de partij” en besloot daarom maar remise aan te bieden, omdat voor beiden de resterende bedenktijd ook al aardig was geslonken. Zwart accepteerde het remiseaanbod en daarmee was Hemmo zeker achteraf blij toen duidelijk werd dat zwart gewoon echt goed stond. Hierna volgde remise bij Henk Boot op bord 5. Al snel had Henk door actief spel een volledig gelijke stand bereikt. Maar meer werd het ook niet. Wit dirigeerde zijn dame naar de open zwarte koningsstelling en koos voor eeuwig schaak om te voorkomen dat Henk op de damevleugel zou doorbreken. Zowel in de analyse na afloop als thuis bleek het een echte 0.00 wedstrijd te zijn geweest. Hierna werd ook de partij van Gela Nikoladze op bord 3 remise. Een rustige partij, waarin nogal veel werd geruild en op zet 33 werd besloten tot remise. Analyse thuis liet voor beide spelers een nauwkeurigheid van 97% zien, kortom ook hier was de remise een begrijpelijke uitslag. Halverwege de wedstrijd hadden we dus een kleine voorsprong: 2,5-1,5, terwijl de resterende 4 partijen er goed uitzagen en een kleine teamoverwinning waarschijnlijk werd geacht. Hierna was het woord aan Tony Else op bord 7. Hij had een wat vreemde maar, zeker ook voor de omstanders en langslopers, interessante partij, waarin hij overigens zijn eigen stelling tijdens een groot deel van de partij had onderschat. Tot tweemaal toe maakte hij een blunder, die tot een nederlaag hadden moeten leiden, meldt hij in zijn commentaar. Maar zo stelt hij: “uiteindelijk viel mijn tegenstander in slaap en miste mat in één.” Na 35 Df3, dacht Tony in de volgende stelling veel slechter te staan (diagram na 35. Df3).
Als Tony nu 35. … c3 had gespeeld, had hij volgens de computer een voordeel van ruim -2 gehad. Maar er volgde 35. … Te6 en na 36. Tf1 (beter bxc4) Txf6; 37. gxf6 Le6 is het oordeel van de computer gewoon 0.00! En een paar zetten later na 40 h5 de volgende stelling: (diagram na 40. h5.)
De computer evaluatie is nog steeds 0.00, maar na een blunder met 40 … Pd7?? wint 41 hxg6 gemakkelijk. Maar gelukkig voor Tony dacht zijn tegenstander dat hij eerst zijn pion op f6 eerst moest verdedigen en speelde hij 41 Tf2?? Na 41 … gxh5 heeft Tony weer groot voordeel. Helaas vond Tony niet de beste zetten en in de volgende stelling na gebruik van ongeveer 40 minuten volgde opnieuw een blunder, nl 47. … Dxa2:
Tony zag dat 47 … Lh3 wordt beantwoord door 48 Dh2. Hij keek ook naar 47 … Ld1, 47 … Le2, 47 … Lf3 en 47 … Le6 (dit is overigens de beste en enige winnende zet!). Ook na 47 ..; Tf8 en 47 … Dxd4 (duidelijk niet goed vanwege 48. f7 of 48. Le3). Tony aarzelde over 47 … Le6, maar wilde zijn loper toch graag op g4 laten staan en koos uiteindelijk voor 47 … Dxa2?? Nu moet wit 47. f7! spelen (winnend), maar hij viel dus “in slaap” en na 47 Ld3?? volgde Db3? 48 e5 ??? Dd1mat! Tony concludeert: “Ik heb momenteel veel geluk, minstens op het schaakbord!” Maar goed, hiermee kwam ook na deze voor de kibitzers bloedstollende momenten een 3,5-1,5 voorsprong op het scorebord. Overigens had Eddy wel enige zorgen gehad over de onduidelijke ontwikkelingen bij Tony en ook Jaco (zie later), zodat hij een remiseaanbod van zijn tegenstander afwees. Maar na deze hectische partij kwam de volgende uitslag van Hans Karelse op bord 6. In eerste instantie dacht Hans dat na verlies van zijn openingsvoordeel dat de partij evenwichtig verliep. Leraar Stockfish vertelde hem niet alleen waarom zijn voordeel verdween, maar ook hoe hij later nog twee kansen op voordeel kreeg. Diagram na 12. … d6-d5.
Maar hier zag Hans spoken die te maken hebben met zijn ongedekte loper op b5, maar zoals vaker bij spoken, ze zijn er niet echt: bijvoorbeeld als zwarte Pxd4 speelt en Pxf3+ dreigt met schaak is Pxd4 afdoende en de zwakke pion op c3 is niet zo zwak (bijvoorbeeld na 13. e5 Pe4; 14. Ld3 Pxc3; 15. Db3). Hans staat echter heel goed na 13. exd5 Pxd5 14. Lf1. Als het paard dan slaat op c3, kan Hans het vangen met Db3. Ook na 13. e5 Pe4 14. Le3 is slaan op c3 slecht wegens Db3. Hans speelde echter 13. Pd2.
Even later kwam de volgende stelling op het bord. Diagram na 14…. Lf5
Hier sloeg Hans op c6 en bezorgde zwart een dubbelpion. Het was nog beter geweest om eerst op f6 te slaan, bijvoorbeeld 15. Pxf6+ Dxf6 16. Df3 Pa5 17. La4 Pc4 18. Lxh6. Hans won later wel een pion op c7, maar zwart snoepte later de pion op a3. Na flink wat manoeuvreren kwam de volgende stelling op het bord. Diagram na 42…f7-f5.
Hier vreesde Hans zijn loper kwijt te raken na f5-f4+ en hij speelde daarom f3-f4. Toch was voorgenomen Tc7 veel sterker geweest met waarschijnlijk winnend voordeel. Bijvoorbeeld: 43. Tc7 f4+ 44. Kxf4 Ld5 45. Le3 of 44…..Rxd2 45. Rxc6+. Ook heel goed voor wit zou 43. Tc7 Tb6 44. Le1 zijn geweest. Na het witte f3-f4 was remise de logische uitslag, waarmee de score op 4-2 in ons voordeel kwam. Hierna was het de beurt aan Jaco Vonk op bord 1, ditmaal dus niet als laatste klaar. Zijn tegenstander speelde in het Benkö-gambiet de f3 variant. In het middenspel werden de lichte stukken geruild en kwamen er op beide vleugels mogelijkheden om aan te vallen, wit op de koningsvleugel en zwart op de damevleugel. De mogelijkheden van Jaco op de damevleugel leken het grootste, maar er waren nogal wat varianten en Jaco koos niet optimaal. Wit drong daarna gevaarlijk aan op de koningsvleugel en voor het leven van Jaco werd vanaf de zijlijn gevreesd. Zoals Jaco schrijft, beide spelers lagen op ramkoers, maar Jaco hield het hoofd koel en kon alsnog ontsnappen. In het dameeindspel had Jaco weliswaar een pion minder, maar omdat de witte dame nogal veraf aan de zijlijn stond, kon Jaco eeuwig schaak geven. Meer zat er dus niet meer in, remise dus, maar daarmee was de teamwinst wel binnen. Overigens had zijn tegenstander al eerder remise aangeboden en het was niet alle omstanders duidelijk, waarom Jaco vanuit een toen nog enigszins hachelijke positie, niet voor het halve ei koos…. Als laatste was Eddy Korevaar op bord 2 klaar. Zijn partij ging gelijk op, al leek wit wat makkelijker spel te hebben. Zijn tegenstander bood op zet 36 remise aan, maar Eddy zag toch op enkele borden dat de situatie (nog) niet echt duidelijk was en besloot daarom door te spelen. Inmiddels was er een eindspel ontstaan met beiderzijds een toren, 2 lichte stukken en een drietal pionnen op de koningsvleugel. Zijn tegenstander manoeuvreerde niet bijster handig, maar de mogelijkheid op zet 46 een stuk te winnen ontging Eddy helaas. Daarna kreeg hij geen tweede kans en eindigde de partij in remise. Opvallend bij deze 5-3 winst was, dat er geen enkele verliespartij aan onze kant was!
Jaco Vonk kruiste de degens met Gela Nikoladze. Na de opening kreeg de stelling een open en meer tactisch karakter. Want beiden speelde hun f-pion op en na ruilen op f5 resp. f4 ontstonden er 2 open lijnen in het centrum. Al leek Gela met dame en loper de witte koning te kunnen belagen, zijn aanval sloeg zeker niet door. Maar Gela is dan niet te beroerd om een stuk te offeren, maar dat bleek voor hem niet tot het gewenst resultaat te leiden. Jaco kreeg de overhand en trok de partij naar zich toe. In de partij tussen Eddy Korevaar en Henk Boot speelde ook Eddy na de opening 13. f4, maar dat bleek nogal onvoorzichtig. Diagram na 13. f4.
Henk profiteerde van de mogelijkheid het paard op d4 te binden met Pg4 en Db6 en dat leverde hem pionwinst op toen Eddy koos voor 16. e5 en na dxe5 terugsloeg op e5 en niet Pc4! speelde. Maar Henk had ook dit keer moeilijkheden met het vinden van het juiste vervolg. Daardoor raakte hij zijn pion voorsprong weer kwijt en later volgden nog meer “niet optimale” zetten en kantelde de partij in het voordeel van Eddy. Die liet zich deze mogelijkheden niet ontgaan en won het vervolg overtuigend, al spartelede Henk nog geruime tijd tegen. In de partij tussen Tony Else en Hans Karelse gebeurde niet zoveel bijzonders. Hans dacht vrij lang na over een remiseaanbod op zet 29, maar Tony accepteerde het aanbod vlot. In de partij tussen Elmar Bottema en Arjan Uittenbogaard had Elmar aanzienlijk ruimtevoordeel op de damevleugel, maar kon daar geen doorbraak forceren. Toen hij in een slagwisseling het niet goed deed, kwam hij een stuk achter en iedereen dacht dat Arjan hierna wel zou winnen. Maar ja, het winnen van gewonnen stellingen blijft één van de lastigste onderdelen van ons mooie spel. Elmar had nog een venijnige riposte en kon Arjan zowaar pardoes mat zetten! In de partij tussen Christian Boudewijn en Martijn Koutstaal ging niet alles helemaal “straight forward” en na de nodige wisselvalligheden bleek Martijn de gelukkigste. In de partij tussen Bert van Hees en Rob van Driel probeerden beiden wel de ander beentje te lichten, maar zonder succes, remise was het eindresultaat. Arnold van Es won van Martijn Stam, terwijl Anne van Heelsum won van Huig Visser. Afgelopen vrijdag speelde het eerste team zijn eerste wedstrijd in de Hoofdklasse van de SOS-competitie tegen het sterke DBC in De Bilt. Zij waren vorig jaar 5e geworden in de Hoofdklasse en hadden op vrijwel elk bord een rating overwicht. Maar hoewel Gela op bord 2 verloor en Jaco en Henk op bord 1 en 3 remise speelden, wonnen alle andere spelers: Hans, Mattias, André, Tony en Louis (als eerste). Kortom, een spetterende 6-2 overwinning onder leiding van onze teamleider André. Er staat overigens al een verslag op de site van DBC, dat eindigt met: “maar één ding is duidelijk: de volgende keer moet het echt beter heren!!” Altijd leuk om zo’n verzuchting op de site van je tegenstander te zien! Een uitvoeriger verslag op onze site volgt.