De eerste wedstrijd van het KNSB-seizoen 2023-24 tussen twee ploegen die het afgelopen seizoen waren gedegradeerd uit de derde klasse, Overschie en De Giessen en Linge in klasse 4F, vond plaats in de mooie Grote Kerk in Overschie. Zelf kwam ik met het OV liep het laatste stuk door een fraai deel van Rotterdam-Overschie. Het was weliswaar mooi nazomerweer, maar voor ons was er sprake van een start onder een ongunstig gesternte vanwege de afwezigheid van Jaco Vonk en Eddy Korevaar, dus onze borden 1 en 4 moesten worden “vervangen”. Gelukkig staan er 9 spelers op onze “lijst” en was bovendien André van Wingerden bereid in te vallen. Er werd aan de verschillende borden hard gestreden en vlugge beslissingen bleven uit. Een nieuwe regel in de KNSB-competitie dit jaar is dat niet alleen mobiele telefoons uitgeschakeld moeten zijn en niet op het lichaam gedragen mogen worden, maar dat dit ook geldt voor horloges. Gezien alle elektronica die in moderne smartphones aanwezig kan zijn, vindt uw verslaggever dat wel begrijpelijk. Overigens staat er al even een verslag van de wedstrijd op de site van Overschie. Het is altijd een grappig spel: zoek de verschillen!
De eerste uitslag kwam van Tony Else op bord 5. Beide spelers probeerden wel elkaar beentje te lichten, maar dat lukte niet. Uiteindelijk werd na herhaling van zetten tot remise besloten. Tja…. Maar er zoals Tony schrijft, was er wel het een en ander gebeurd. Na een rustige opening was het vervolg nogal bizar en bepaald niet foutloos. Hoewel beiden na afloop dachten dat wit beter stond, was de computer een ander oordeel toegedaan: zwart stond absoluut beter! Tony verzuchtte dan ook: beide spelers begrepen de stelling niet echt! Een zwarte aanvalspoging strandde. Hoewel Tony veel tijd gebruikte om hierna een doorbraak te vinden, lukte dat in de volgende stelling niet (diagram).
Hij dacht lang na over 29. Txe6!!, maar vond het juiste vervolg niet. Dat was na of 29. … Txe6 eerst 30. Tc8+. Er volgt daarna 30. … Te8 31. Dxd5+ Kh8 en 32. Da8! Of na 29. .. Pe7 gaat na Tc3 en later De2 en Tce3 het gepende paard op e7 verloren. Nu koos hij voor herhaling van zetten. Te weinig zelfvertrouwen concludeerde Tony thuis dan ook, of gewoon nog wat zomer roest? Deze variant komt niet voor in het verslag van Overschie.
De tweede uitslag was een nederlaag van Mattias Stok op bord 6. Hij kwam zeker niet slecht uit de opening, had weliswaar een geïsoleerde d-pion, maar na een minder goede ruil van wit, had wit geen voordeel meer en was de stelling in evenwicht. Maar Mattias raakte op een gegeven moment toch van het rechte pad af. Hij kwam toen een stuk achter en moest in hopeloze stelling de eer aan zijn tegenstander laten.
Bij afwezigheid van Jaco Vonk was Tim Schakel onze kopman. Hij had zich serieus voorbereid en vond dit keer weer de juiste focus, wat vorig jaar lang niet altijd lukte. Hij speelde soliede en stond met wat meer ruimte na de opening een “snufje” beter. Maar concrete mogelijkheden om er een significant voordeel van te maken zijn er niet geweest. Na ruil van de meeste stukken bleef er een toren-paard eindspel over met een gelijk aantal pionnen op beide vleugels. Tim moest in deze fase goed oppassen, want met kleine zetjes kwam zijn tegenstander toch wat makkelijker te staan. Maar Tim lette goed op, hield de deur dicht en na 44 zetten werd tot remise besloten. Overigens heeft Tim in een ver verleden (jaren 80) zelf nog bij Overschie gespeeld en de tegenstander van Mattias wist dat dus ook nog! Leuk die ontmoetingen met bekende mensen uit het verleden!
Op bord 7 speelde onze invaller André van Wingerden, bij wie na de opening een gelijke stand op het bord kwam. Niettemin kwam André wat gedrukt te staan, leek een centrumpion te verliezen, maar dat was nog te verhinderen. Toen er even later toch een pion verdween, drong zwart met zijn torens binnen op de 2e rij en werd voor zijn secure spel met winst beloond.
Daarna waren uitslagen te noteren bij Tijmen Schakel op bord 4 en Hans Karelse op bord 3. Tijmen, onze nieuwe teamcaptain, op bord 4 werd geconfronteerd met 1. b3, wat voor velen al snel onbekend terrein betekent. Later fianchetteerde wit ook zijn andere loper. Tijmen speelde het goed, kwam beter te staan, maar kon niet doordrukken. Overigens kwam hij in tijdnood nog goed weg, waarna de partij in remise eindigde. Hans speelde een boeiende partij, waarin zijn tegenstander in het begin vlot speelde, maar later was het tijdsvoordeel voor Hans. Hoewel zwart (achteraf) enkele keren wel voordeel had, raakte hij dat vervolgens weer kwijt. Na het door zwart in haast = tijdnood gespeelde 37. … Dd8-h4 (diagram)
dacht Hans in de hem ook niet al te ruime beschikbare tijd na over het goede 38. Kh2, maar hij koos helaas voor het minder goede Pf6+. Zeker toen Hans zijn tegenstander op de 40e zet nog een royale helpende hand bood, was zijn ondergang een feit.
Hiermee kwam de stand dus op 4,5-1,5 en was de overwinning van de overigens qua rating veel sterkere tegenstanders al een feit. Er resten nog twee voor ons al als moeizaam te verdedigen stellingen. Op bord 8 kreeg wit tegen Louis Rutgers de mogelijkheid om via een “stukoffer” op e6 een kwaliteit te winnen. Het leek er geruime tijd nog wel remiseachtig uit te zien, maar de stelling speelde voor wit toch wel makkelijker. In de analyse na afloop waren de meningen overigens duidelijk verdeeld over welke stelling nu de voorkeur had: wit of zwart. Maar op een gegeven moment kon wit zijn koning in veiligheid brengen en ging één van de lopers van Louis verloren en daarmee de partij.
De laatste en veruit langste werd gespeeld door Henk Boot op bord 2. De eerste zetten werden vlot gespeeld, maar daarna pareerde Henk de agressieve opstelling van wit niet op de allerbeste manier. Hierdoor had de witte stelling de voorkeur, ruim + 1. Henk vond regelmatig nog aardige verdedigende mogelijkheden, was duidelijk dat wit de bovenliggende partij was en bleef. Omdat de materiaalverhouding nog steeds in evenwicht was, liet Henk zich op zet 40 nog verleidden tot een remise aanbod. Het was begrijpelijk en terecht dat wit doorspeelde. Toen hij op zet 45 een pion voor kwam, was al duidelijk dat Henk het waarschijnlijk niet zou kunnen houden. Toen hij vervolgens ook nog een stuk moest geven om de witte a-pion van promotie af te houden, was het thema: houdt wit voldoende materiaal over en beheerst hij het paard-loper eindspel om zijn tegenstander mat te zetten (binnen 50 zetten). Dat eindspel kwam bij zet 76 dan ook op het bord en een belangrijk voordeel voor wit was dat Henk’s zwarte koning al aan de rand stond, dus het halve werk was al gedaan! En met vaste hand werd de andere helft uitgevoerd. Henk gunde zijn tegenstander dan ook begrijpelijker wijze de matzet (=102). Overigens de andere keer dat Henk dit eindspel moest verdedigen duurde het ook ruim 100 zetten tijdens het toenmalige Corustoernooi en lukte het zijn tegenstander niet!
Al met al verloren we terecht, vaak na harde strijd van een veel sterkere tegenstander en werd het gemis van Jaco en Eddy ernstig gevoeld. Hopelijk dus op 7 oktober een beter resultaat!
