Terug naar nieuwsoverzicht

Gelijkspel De Giessen en Linge 2 tegen Vegtlust 1 uit Maarssen

Afgelopen vrijdag (17 november 2017) speelden we in het pittoreske Maarsen-dorp in een mooi huis vlak naast de kerk. De kamers hadden mooie namen. We speelden met Ernst Delwel en Jeroen Brandsma als invallers voor de verhinderde Wim Rietveld en Bram Capelle.

Helaas was Hans Karelse op bord 2 als eerste klaar, hij verloor. Hij leek aanvankelijk wel goed te staan, maar wit kon zijn centrumpionnen sterk naar voren sturen en dat kostte Hans materiaal en de partij. Daarna was André klaar. Hij speelde op bord 8 zijn gebruikelijke opening tegen d4 maar het wilde allemaal niet zo lukken en hij was dus blij dat zijn tegenstander remise aanbood. Ook Tony op bord 4 stond naar eigen zeggen minder en was ook niet ongelukkig dat het remise werd.
Zelf speelde ik op bord 1 tegen een tegenstander met een vergelijkbare rating. Beiden hadden we onze eerste partij verloren. Ik kreeg een stelling tegen waar ik het niet zo op heb, koos voor een soort Konings-Indische opstelling maar moest accepteren dat zwart na mijn 10. g4 om f5 te voorkomen na Lh4+ na Lf2 en Lxf2+ en ruil mijn rokaderecht verloor. Maar ik zag wel mogelijkheden tot een pionnenstorm tegen de zwarte koningsvleugel en was bereid daarvoor na Pb6 mijn pion op c4 te offeren al gaf Fritz aan dat zwart wat beter stond (-0.75).

 

Overigens speelde mijn tegenstander snel, zodat ik na 16. g5 en 17. h5 nog 54 minuten had en mijn tegenstander na 17….Pb6 nog 115 min, dus ruim 20 minuten minder. Overigens vond Fritz Lxd7 beter en ik had dit ook uitgebreid bekeken en gezien dat ik dan geen pion hoefde te offeren, maar ik was niet in de stemming voor prozaïsche “oplossingen”. Ik vertelde mijn teamgenoten in de wandelgangen dat ik mij geïnspireerd voelde door het boek van Tukmakov: Risk & Bluff in Chess. The art of taking calculated risks, temeer daar ik net was aangeland in het hoofdstuk over Mikhail Tal. Overigens, de vergelijking slaat natuurlijk nergens op, maar je kunt je door dergelijke grootheden uit de schaakhistorie natuurlijk wel laten inspireren, en dat was zo afgelopen vrijdagavond.
Ik had voor de opbouw van deze pionnenstorm dus flink wat tijd geïnvesteerd en kon dus het vervolg vrij snel spelen. Dit (?) imponeerde mijn tegenstander blijkbaar want hij ging bij zet 19 ruimschoots in de denktank maar kwam na 25 min. denken tot de foutieve keuze exd4 en na mijn gxh7+ speelde hij vrij automatisch Kh8 en dat kostte hem na 21. De7 zijn toren op f8. Daarna was het overduidelijk dat ik gewonnen stond (Fritz > +4.5) al moest ik aan het eind nog even oppassen voor overmoedig 29. Kxg4 want dan was Pf6+ echt vervelend geweest vanwege het daarna volgende Txf8. Maar de tussenzet Pf3 dreigde mat in 1 met Pg5, alleen te voorkomen met f7-f6, tja en dan kan Pf6+ niet meer en was dus Kxg4 wel mogelijk. Mijn tegenstander gaf toen terecht op, volgends Fritz was het ook ruim +7.5 voor mij.
De kritieke stelling was dus na 18. … Pxc4:

Hierna volgde 19. Dg5  exd4 ?!, 20. gxh7+ Kh8?, 21. De7! Kxh7, 22. Dxf8 Lxh3 23. Txh3 (h6 was oo. Na zijn bek heel goed) Pe5, 24. Pxd4 Db6 25. Pce2 Td8 (wat anders ?) 26. h6 (natuurlijk!) g6, 27. f4 Pg4+ 28. Kg3 Dc7, 29. Pf3 (en vooral niet Kxg4 vanwege Pf6+ en ik verlies mijn dame!, maar nu dreigt Pg5 mat, dus na 29. ..f6 kon ik wel 30. Kxg4 spelen en zwart gaf op, waarmee de stand op 2-2 kwam. Vervolgens een remise bij Henk van der Hoek. Na zijn bekende opening was er in eerste instantie niet zo veel aan de hand, maar uiteindelijk speelde Henk het duidelijk beter dan zijn tegenstander en had hij goede winstkansen. Henk had een prachtige wurgstelling, maar wachtte een zetje te lang met het overhalen van de trekker waarna hij tot zijn ergernis moest berusten in remise. Daarna kwamen we op voorsprong. Ernst koos voor een rustige opening, maar ik begreep dat het een vrij wisselvallige partij was. Er volgde nog een “incident” in de tijdnoodfase, maar toen stond Ernst inmiddels zo huizenhoog gewonnen dat de 2 minuten extra voor zijn tegenstander het feestje niet meer kon verstoren.

 

Met nog 2 partijen te gaan zag het er op dat moment rooskleurig uit. Louis was op bord 3 in een gunstige eindspel beland met een pion meer: toren en paard van Louis tegen toren en loper van zijn tegenstander. Het zag er naar uit dat Louis goede winstkansen had. Op bord 6 was Jeroen Brandsma nog volop bezig. Het ging geruime tijd gelijk op, maar na verloop van tijd kreeg de tegenstander van Jeroen de overhand op de damevleugel en won daar een pion. Blijkbaar maakte dat het beste in Jeroen los, want hij speelde het mooi tegen, kreeg compensatie en won uiteindelijk de pion terug. In het eindspel stonden zijn stukken wel iets actiever maar een remise leek het logische vervolg.

 

In het vervolg van de strijd was Louis helaas zijn pluspion en plus in de stelling kwijtgeraakt en was remise een logische uitslag. Maar goed, dat moest toch voldoende zijn, maar helaas verslikte Jeroen zich in het eindspel met wederzijdse tijdnood het eerst en een “sneaky” wit paard peuzelde pardoes de zwarte toren op a2 op, tja… Dus uiteindelijk met een katterig gevoel vertrokken uit de fraaie ambiance in Maarsen-Dorp met 4-4, niet echt slecht, maar er had wel meer ingezeten. Maar goed laten we op 4-12 dan maar goed uitpakken tegen onze volgende tegenstander, medekoploper ZZC.

 

Henk Boot

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *