Nu was er dus de “echte” start van het seizoen met serieuze lange partijen. Altijd weer aardig om te zien hoeveel zomerroest er nog in de hoofden van de verschillende spelers is blijven hangen…
In de eerste ronde van de interne competitie nam Jaco Vonk het op tegen kampioen Eddy Korevaar. Het werd een “langzame” manoeuvreerpartij waarin het evenwicht niet echt verbroken werd. Zoals Jaco aangaf, ze hielden elkaar in een soort wurggreep. Eddy vond het aan het eind niet echt verantwoord om te proberen de krappe resterende tijd van Jaco te benutten voor een winstpoging en zo werd tot remise besloten.
Gela Nikoladze nam het op tegen Henk Boot, maar maakte op zet 9 een foutje wat hem een pion kostte. Hij kreeg na wat ruilen wel wat compensatie, zo verloor Henk het recht te rokeren en kreeg een dubbelpion op de f-lijn. Toch kon Henk zijn geringe voordeel voorzichtig uitbreiden na dameruil. Gela moest zich beperken tot afwachtende zetten. In een toren-lopereindspel moest Henk kiezen tussen torenruil op zet 39 of loperruil op zet 42. Het laatste was het beste geweest en had reële winstkansen opgeleverd. Maar Henk aarzelde, koos verkeerd en raakte zelfs zijn extra pion kwijt. Toch was het evenwicht nog niet verbroken, maar even later koos hij nogmaals een ongelukkige zet en de partij kantelde in Gela’s voordeel. Die wist met de geboden kansen wel raad en won.
Hans Karelse kwam tegen André niet goed uit de opening. André stond leuk in het centrum. Hij koos voor een schijnoffer, (diagram na 11. … Pxe4)
maar dat deugde dus niet, al overzag Hans de weerlegging. André kwam hierna gewonnen te staan, maar… Diagram na 21. … Lh6?
Hij overzag nl. een penning van zijn dame na Le3-d4 van Hans. En zelfs toen was het voordeel voor Hans maar beperkt, maar toen er ook nog een toren verloren ging, was ook de partij uit en verloor André.
Tony kwam tegen Louis een pion voor en bouwde een gewonnen stelling op. Maar ook hier nog wat roest in de machine. Tony verloor de pion weer en resteerde een remisestelling. Arjan Uittenbogaard offerde tegen Martijn Koutstaal een pion, maar kreeg mooie compensatie met lastige druk tegen de zwarte damvleugel, vooral pion c7. Hij won de pion terug en bleef het initiatief houden en wist dit rustig aan tot een gewonnen stelling uit te bouwen. Gerard de Gans zag dat Michaël Houweling zich tegen hem stevig vergiste, maar hij profiteerde hier maar matigjes en kortdurend van. Toen Michaël flink wat materiaal won, was duidelijk dat Gerard met lege handen zou achterblijven. Rob van Driel won van Arnold van Es maar had daar wel wat hulp bij nodig. Huig Visser speelde tegen ons nieuwe lid Madelon Dane, die op de koningsvleugel met zwart aanzienlijk meer ruimte ter beschikking had dan wit. Dit voordeel werd uitgebouwd tot winst. Altijd leuk om je eerste serieuze partij winnend af te sluiten!
De eerste externe KNSB-wedstrijd speelden we op zaterdag 20 september in Sliedrecht tegen hun 2e team. Op voorhand leek het een spannende wedstrijd te zullen worden en dat bleek ook het geval. Natuurlijk veel bekende gezichten, waaronder dat van Andries Dekker die jaren bij ons in de KNSB heeft gespeeld. Het “schaakvuur” was al enkele jaren gedoofd, maar na zo’n 7 jaar kriebelde het weer en hij speelt nu bij Sliedrecht, samen met zijn broer Theo in hetzelfde team. Natuurlijk heeft hij nog een hoge rating, maar het was natuurlijk de vraag hoeveel roest daar op zat. Vandaar dat hij op bord 6 speelde tegen Hans Karelse. Het werd een bekende opening met klassieke thema’s, wit ruimte op de damevleugel en zwart op de koningsvleugel. Wel kreeg Hans even later de open c-lijn in bezit, maar hij kon daar met zijn torens toch ook niet veel uitrichten. Vanaf de zijlijn leek zwart (=Hans) wat makkelijker te staan en volgens de computer had hij op de 37e zet ook wel voordeel kunnen bereiken. Maar dat ging Hans ook na afloop nog boven de pet, zoals hij na later aangaf. Beide koningen stonden redelijk in het centrum en hoewel Hans een pionnenminderheid had op de koningsvleugel, had hij toch zijn g-pion daar voorwaarts moeten sturen. Na de 40e zet bood Hans remise aan en dat werd door Andries aangenomen.
Op bord 8 ging het in eerste instantie rustig bij Louis Rutgers. Hij kwam een pionnetje voor, maar zijn tegenstander had zeker compensatie. In eerst instantie kon Louis de druk van zijn tegenstander door stukkenruil nog wel de baas. Maar verderop in de partij ging Louis opzichtig in de fout en dat kostte groot materieel en de partij.
Bij Gela Nikoladze op bord 3 kwamen de spelers na het pionoffer b5 in een Wolga-achtige stelling terecht, waarin Gela zijn paard op b5 kreeg en daarvoor de kwaliteit offerde, maar dat kostte zwart natuurlijk wel zijn zwartveldige loper. Maar Gela deed het vervolg niet optimaal, maar kreeg een helpende hand van zwart toegestoken toen die aanviel met c5-c4. Nadat die pion vervolgens verloren ging, werden de twee verbonden witte vrijpionnen op de damevleugel erg sterk. Nadat de zwarte loper op b7 door ruimtegebrek verloren ging en een wit paard op c6 arriveerde, was het een gewonnen stelling voor wit.
Op het vierde bord speelde Hemmo Mulder, die in het verleden heel wat jaren in het externe KNSB-team speelde, zodat we het verlies van Tijmen Schakel en de beperkte beschikbaarheid van Mattias Stok goed hebben kunnen opvangen. Zijn tegenstander offerde in de opening een pion op c3. Hemmo groef in zijn geheugen en vond een zijvariant die hij jaren eerder al eens had gespeeld en bestudeerd. Hij kon door een nauwkeurige verdediging zijn tegenstander verleiden tot stukkenruil, waarna zijn pionnetje voorsprong steeds belangrijker werd. Ondanks het tripleren van de witte zware stukken op de d-lijn, werd na ruil van dame en de dubbelpion op de e-lijn sterk ipv. zwak. In het eindspel met nog veel pionnen op het bord bleek het een gewonnen stelling. Hemmo bood zijn tegenstander een drankje aan, die koos voor een biertje om enkele zetten later na een paar slokjes op te geven en de rest van het glas gebruikte om zijn verdriet te miniseren.
Op bord 2 speelde Eddy Korevaar, maar had het in een Maroczy-variant moeilijk. Toen wit op de 20e zet pionwinst versmaadde, kwam de stelling weer min of meer in evenwicht. Maar met kleine zetjes hield wit toch wel druk op de ketel en kreeg aanzienlijk voordeel toen hij de aanval van wit via de c-lijn niet kon neutraliseren. Hoewel Eddy het vege lijf nog dacht te kunnen redden met Pc5, hield wit via een tussenschaakje een extra stuk over en won.
Tony Else op bord 7 vond dat zijn opening niet best verliep. Zijn tegenstander kon met een slimme zetvolgorde eerst de ene loper van wit en later ook de andere loper tegen een paard ruilen. Hoewel Tony dacht dat zijn tegenstander beter stond, was dat niet het oordeel van de computer thuis. Het was voor wit lastig de optimale voortzetting te vinden en de partij leek behoorlijk in evenwicht. Dat gold overigens niet voor de klok. Zwart dacht geruime tijd na en maakte toen alsnog een fout in een toch al lastige stelling. En zwart ging door zijn vlag en dat was niet voor het eerst zo verzuchtte hij. Hiermee stonden we 3,5-2,5 voor met nog twee partijen te gaan.
Daarna volgde de uitslag bij een bizarre wild-west partij tussen Henk Boot en Dana Verheij op bord 5. In een obscure variant offerde zwart al snel een stuk, maar toen Henk verzuimde met exf5 de zwarte pionnenwals op de koningsvleugel te voorkomen, kwam die in razend tempo alsnog over hem heen. Hoewel het zwarte plan met 11. … Dxh4+ gevaarlijk oogde, werd zijn voordeel hiermee minder, omdat zwart gedwongen was na 12. Lg3! zijn dame tegen toren en twee licht stukken te offeren (diagram na 11. … Dh4+).
Maar Henk zette niet zo heel handig voort, al was de stelling ronde de 25e zet wel weer in evenwicht. Maar rond de 30e zet speelde Henk Pg3 ipv Pf4 (g5 is niet echt gevaarlijk voor wit) Diagram na 27. … Le5)
en zwart nam zijn kansen goed waar, zijn stukken werkten steeds beter samen, waarna de witte koning gevangen kon worden. Een opwindende partij!
Dus kwam het zoals wel vaker aan op Jaco Vonk op bord 1 tegen Theo Dekker. Vanuit de opening kwam Jaco goed te staan. Hij had de mogelijkheid om met 27. Lg5!! een fraai loperoffer te brengen. Jaco keek en keek nog eens naar die zet, maar keurde hem af, achteraf dus ten onrechte. Zoals vaker als er mogelijkheden aan twee kanten van het bord zijn, is het kiezen van de juiste volgorde lastig. Jaco koos voor Lf1?! en richtte zijn vizier op de zwarte loper op b5. Dat had Jaco zelfs een kwaliteit kunnen kosten, maar Theo mistte deze mogelijkheid en loperruil volgde alsnog.
Vervolgens switchte Jaco met 28. Lg5!! zijn aandacht naar de koningsvleugel en hoewel hij niet alle varianten kon overzien, beoordeelde de computer het die zet als briljant evenals het vervolg 29. Pe5!! Theo moest in de verdediging maar Jaco miste hierna het sterkst mogelijke vervolg. Het bleef allemaal behoorlijk gecompliceerd en er kwam bij zet 34 nogmaals de mogelijkheid flink voordeel te krijgen. Maar ook ditmaal keurde Jaco de beste zet op verkeerde gronden af. Na deze gemiste kans ging de witte storm liggen. Met allerlei subtiele zetjes lukte het Theo toch om zich te bevrijden. Ook hier een wat vreemde materiaalverhouding, namelijk een toren met twee paarden tegen twee torens. De pionnen van Theo kwamen, gesteund door de paarden, goed opzetten. Een leuke slotcombinatie gaf hem beslissend voordeel, waardoor Jaco gedesillusioneerd opgaf. Jammer dus, dit nipte verlies tussen twee overigens behoorlijk gelijkwaardige teams.
