Terug naar nieuwsoverzicht

Ronde 14 interne competitie op 9 januari

Op deze avond vond de 2e ronde van de 2e cyclus plaats. Bij afwezigheid van Jaco Vonk nam Louis Rutgers het op tegen Henk Boot. Na een lichte aarzeling koos Henk voor hetzelfde openingssysteem als vorig jaar en kwam dezelfde stelling op het bord t/m zet 13. Diagram na 13. … Lxb2.

Het was volgens de computer ook ongeveer gelijk, maar omdat Henk de open g-lijn kreeg na ruilen op d4 en gxf6 en de loper op b7 dreigend meewerkte, was het punt g2 voor Louis een aandachtspunt. Toen hij dit punt met Lf3 wilde beveiligen, bleek deze verdediging een fors lek te vertonen. Diagram.

Na Lxf3 moet wit wel met de toren terugslaan, maar dan is Dxc2 dodelijk. Teleurgesteld gaf Louis op en zo was deze partij zelfs de eerste van de avond waar een beslissing viel. Henk kwam hiermee aan de kop van de ranglijst. Binnenkort zal hij tegen Jaco en Eddy moeten bewijzen dat hij daar mag blijven staan.
Eddy Korevaar kruiste de degens langdurig met Hans Karelse. Na een rustige partijopzet stond Eddy wel makkelijker. Hij bouwde dit voordeel uit en won een tweetal pionnen en stond naar eigen zeggen na de 30e zet gewonnen. Maar ja, dan komt er een fase, waar we allemaal vaak veel moeite mee hebben: het winnen van een gewonnen stelling. Zo leek het ook hier te gaan. Eddy zag zichzelf winnen via Th1 en een open h-lijn, maar … Hans snoepte eerst een pion op f5 mee. Hoewel deze pion gedekt leek door pion e4, had terugslaan Eddy een kwaliteit gekost, dus toch maar niet. Het kostte daarna nog een pion, dus weer terug bij af of toch niet?? Eddy vond toch weer energie en inspiratie en ging er nog eens goed voor zitten. Na afruil van dame en torens kwam de witte koning eerder aan bij het strijdtoneel in het centrum. Hij kon het zo forceren dat zwart opnieuw een pion moest geven. In deze laatste fase hadden beiden nog maar beperkte tijd. Eddy schrijft dat zwart waarschijnlijk in deze fase het evenwicht misschien nog had kunnen bewaren, maar Eddy vond een winstpoging gezien zijn ruimtevoordeel wel de moeite waard. Intussen had Hans met een aantal remise aanbiedingen zijn huid nog proberen te redden, maar dit werd hem door Eddy niet gegund. Hiermee passeerde Eddy Louis op de ranglijst naar de 3e plaats.
Een andere partij met spektakel die niet al te laat eindigde, was het duel tussen Huig Visser en Gerard de Gans. Eerst zag uw verslaggever dat zwart een stuk in de plus stond, later was er een kwaliteit meer voor wit. De stukken van de zwarte damevleugel hadden een verlate start en wit profiteerde van gaatjes in de zwarte koningstelling en ging er met de winst vandoor. Tussendoor gebeurde er nog van alles, maar dat onttrok zich grotendeels aan mijn waarneming.
Jan Post en David Carlsson kozen voor een vooral in het verleden erg populaire opening en bewandelden bekende wegen. Tot de 20e zet ging het gelijk op, maar Jan overzag dat zijn dame overbelast was. Via torenruil veroverde David een stuk en bouwde een gewonnen stelling op. De wurggreep die Jan al voelde, kende nog een venijnig gaatje: een familieschaakje leverde Jan een dame tegen twee stukken op. Het eindspel was nog niet zo eenvoudig en na afloop gaf Wim Rietveld als kibitzer aan dat er nog wel remisekansen voor zwart waren geweest. Helaas voor David, zo schrijft Jan, wist hij David in de tijdnoodfase te verschalken. Hij vond het sneu voor David, die de eerste fase van de partij uitstekend had gespeeld. Maar ja, zo besluit Jan, een oude rot geeft niet zomaar op en zo kreeg hij een “onverdiend” punt, niet voor het eerst dit seizoen! Een oud adagium is dan ook: “opgeven kan altijd nog”….
Een partij met meerdere gezichten werd gespeeld door John Dessens en Arjan Uittenbogaard, waarbij het venijn, niet ongebruikelijk natuurlijk, in de staart zat. Tot ± zet 30 leek het allemaal redelijk gelijk, al gaf de “naschouwer Fritz 18” de voorkeur aan de zwarte stelling. Wit greep mis met 28. f4, waarna zwart met Dxg4+ een pion confisceerde. Diagram na 27. ,,, e5-e4.

Maar hierbij blijft het niet. De tocht wordt akelig guur voor de witte koning, want zwart dringt na 36. … Lh4+, 37. Ke2 Tg2+ binnen in de witte stelling (diagram)

en peuzelt een loper op b2 op. Gewonnen voor zwart zou je denken, maar John zocht en vond nog mogelijkheden voor verzet, en hoe!! Na 39. f6! blijkt de zwarte loper op h4 ten dode opgeschreven en werken de resterende zwarte stukken niet goed samen. John profiteert optimaal en trekt alsnog aan het langste eind! John schrijft: De partij nadert zijn einde. Zwart heeft een pion meer en een toren op de 2e rij is ook gevaarlijk. In arren moede speel ik 44. Ph3 met de dreiging Ph3-f4-g6+ en damewinst! Arjan “voorkomt” dat met Th2, maar de truc kan nog steeds, maar John bezet eerst “eventjes” de g-lijn. Arjan werkt vervolgens mee met Kf7?, waarna de partij door John even later mooi wordt besloten met Dg4-c8+. Zoals hij schrijft: een mooi begin van het nieuwe jaar!

Egbert Visser speelde tegen Wim Rietveld. Een witte aanvalspoging met Pg5 leverde eigenlijk niets op. Wim kwam een kwaliteit en pion voor en besliste de partij in zijn voordeel. Bert van Geldere rukte met nogal wat pionnen op op de damevleugel en wist de zwarte loper terug te dringen naar a7 en daar opgesloten te houden. Hij speelde dus feitelijk met een stuk meer. Het leek mij dat daar wel winnend voordeel uit te fabriceren was. En dat bleek een juiste conclusie.
Bert van Hees koos tegen Rob van Driel voor een rustige opbouw. Hij raakte op a3 echter een pion achter en had Rob het initiatief op de damvleugel. Blijkbaar is het voor hem ergens ontspoord, want uiteindelijk trok Bert toch aan het langste eind.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *