Terug naar nieuwsoverzicht

Ronde 7 interne competitie op 27-10-2026 en ronde 3 KNSB op 31-10-2026 tegen Krimpen aan den IJssel

Tegen Michael Houweling kreeg Jaco Vonk een interessant koningsgambiet op het bord. Michael had zich goed voorbereid, omdat hij de vorige keer in dezelfde opening had verloren. Hij pakte het goed aan met Ph5 om de pion op f4 te ondersteunen. Waar moest Jaco zijn koning in veiligheid brengen? Hij durfde niet kort te rokeren, maar dat bleek prima te kunnen. Maar ja, zo’n computer na afloop kiest wel vaker een “ijskoude” voortzetting, waarvoor bij mensen de zenuwen van onvoldoende krachtig staal zijn gemaakt, zelfs dus bij Jaco, die koos voor 10. Kd2 wat door Fritz als een misser werd gezien. Michael reageerde echter niet goed en de stelling bleef daardoor in evenwicht, ondanks zijn pion extra. Op zet 14 speelde Jaco nog een verkeerde zet (Pe4), maar ook op dat moment verzuimde Michael voordeel te pakken. Met zijn Dxh4 luidde hij hierna zijn eigen ondergang in.
De partij tussen Eddy Korevaar en Tony Else zal niet de boeken ingaan als de meest foutloze van hun onderlinge confrontaties. Op zet 8 bood Tony een paard aan en als Eddy iets verder gekeken had, dan was het 2 stukken tegen een toren en +0,7. Eddy kreeg nu een open d-lijn en een dubbele e-pion. Op zich ook niet erg als hij op zet 14 niet had overzien dat Tony een e-pion straffeloos kon nemen met ook nog de dreiging van kwaliteitswinst. Maar Tony raakte vervolgens de weg kwijt door zijn paard rond te laten huppelen en uiteindelijk weer op d7 aan te laten landen en zijn loper op c8 in de weg te staan. Hierna sloeg hij op c5 wat zijn verlies inleidde en Eddy met Lb6 een vol stuk opleverde, waarna Tony de strijd staakte. En hiermee staan Eddy en Jaco weer duidelijk bovenaan de ranglijst met een miniem verschil ten faveure van Eddy.
Het lukte Gerard de Gans niet om het Gela Nikoladze moeilijk te maken. Zwart kreeg een mooie loper op b5 en kon met zijn vrije a-pion oprukken tot a2 en promotie was niet meer te verhinderen. Een vlotte overwinning van Gela. Henk Boot speelde tegen Hans Karelse en er kwam een andere opening dan gebruikelijk op het bord. Hans stelde zich soliede en zelfs wat “terughoudend” op met veel van zijn stukken op de 7e en 8e rij. Echt voordeel kon Henk er niet uit trekken en na ruil van een flink aantal stukken stond Hans wat beter. Maar dat is wel vaker zo geweest en meerdere malen glipte de partij hem dan toch nog door de vingers. Dat verklaarde zijn remiseaanbod op zet 24. De stelling was niet erg ingewikkeld en Henk zag niet hoe hij Hans nog in problemen kon brengen en nam het aanbod dus aan. Arnold van Es overzag tegen Christian Boudewijn een “petite combination” die hem een pion kostte en ook opzadelde met een slechte stelling. Christian liet zich het voordeel niet ontglippen, vergrootte het voordeel en won.
Bert van Geldere en André van Wingerden speelden een partij waarop de computer wel wat had aan te merken. In het begin was het vrij rustig en ging het gelijk op. Zo werd pas rond 22.00 uur op zet 22 de eerste pion geslagen. Diagram na 22. … e5xf4.

Maar nu was het gelijk met de rust gedaan en sloeg de vlam in de pan. De stelling werd door André met Pxe4 en even later Txe4 opengebroken. Na gelijk een zwart Lh3-f5 had geleid tot beslissend voordeel, maar André meende hier nog even mee te kunnen wachten. Niet dus, maar Bert miste dat hij na 26. …Tb6? 27. Lxf8 Lxf8 nu de toren op e4 wel kon slaan, omdat hij dan na Lf5 de tussenzet Df3 ter beschikking had! Diagram na 26. Lxd6?

Maar na deze gemiste kans trok André de partij snel over de streep. In de partij tussen Edwin Morks en Martijn Stam werden er steeds meer stukken geruild. Uiteindelijk resteerde een pionneneindspel, waarbij beiden dezelfde 3 pionnen op de koningsvleugel hadden. Remise was een logische uitslag. Louis Rutgers kruiste de degens met Arjan Uittenbogaard. Louis kreeg mooi spel met een paard op c6 en een witte loper die zich kon richten op de zwarte lopoer op b7 en toren op a8. Dat leverde kwaliteitswinst op en dat kon Louis uitbouwen naar winst.
In de partij tussen Shiyar Allo en Martijn Meerkerk was de opening van beide kanten niet vlekkeloos, maar toch kwam niemand echt in de problemen. Echter na 12. Le2 waren er voor zwart mogelijkheden om de slechte positie van de witte koning uit te buiten. Na ruil op e2 had zwart de mogelijkheid tot een onmiddellijk 13. …Pxd5. Diagram.

Maar er volgde Te8 en na 14. 0-0 dus alsnog Pxd5. Het winnen van deze pion betekende volgens de computer direct een aanzienlijk voordeel. Enkele zetten later viel er nog een witte pion en werd de stelling wel erg lastig te spelen. Er volgde nog kwaliteitswinst en Martijn forceerde afwikkeling naar een gewonnen pionneneindspel met 2 pionnen meer.
Martijn Koutstaal kwam tegen Madelon Dane steeds beter te staan en wist de partij te winnen. Datzelfde gold voor Rob van Driel tegen Huig Visser. Jan Troost speelde een “wat” onregelmatige partij tegen Kyriakos Gelinos. Eerst stond hij gewonnen maar na een misgreep van Kyriakos streek hij met de hand over zijn hart en moest dat nog bijna met verlies bekopen. Kyriakos zag de winnende zet niet en Jan trok vervolgens toch aan het langste eind.
Zaterdag 31-10 mochten we in een wat wisselende mist naar Krimpen aan den IJssel. Zij hadden de eerste 2 wedstrijden nogal ongelukkig gepresteerd zo viel te lezen op hun site. Qua rating staan zij overigens ook boven ons. Drie jaar geleden speelden we ook tegen elkaar in de 3e ronde en kregen toen met 6,5-1,5 ruimschoots klop, dus hoe zou het nu gaan? Van dat team speelden er nog 4 spelers mee, bij ons een zestal. Teamleider Henk kende bovendien een aantal Krimpenaren van eerdere TATA-toernooien. Ditmaal was de opening voor Hemmo Mulder op bord 4. Hij speelde een mij volstrekt onbekende openingsvariant die hij vroeger regelmatig had gespeeld, ongeveer eenmaal per 5 jaar, en vaak met succes. Zijn tegenstander stelde zich soliede en erg voorzichtig op en forceerde niets. Hemmo moest wel stevig nadenken om het evenwicht te bereiken en dat viel na een wel erg drukke werkweek niet mee. Maar het lukte en de vrede werd vrij snel getekend.
Hierna bleek het niet goed te gaan bij Tony Else op bord 6. De koningstelling rond zijn kort gerokeerde koning oogde erg tochtig na een vroeg h6 uit te grote angst voor een wit Pg5. Bovendien werd hij ernstig gehinderd door een ingesloten loper op c8. De gebrekkige coördinatie in zijn stelling brak hem al snel op, verlies dus. Achteraf had Tony voordeel kunnen krijgen met 13. … Txf3! ipv h7-h6. Jammer!! Diagram.

Hierna konden we wat terugdoen, als eerste was dat Hans Karelse op bord 7, die een vol punt scoorde. Maar dan levert de analyse na afloop nogal eens verassingen op. Zo meldt hij de volgende dag: “Op de terugweg dacht ik nog louter behoorlijke zetten gespeeld te hebben. Maar nee, toen mijn tegenstander in een mindere stelling met 18….La6-c4? een vluchtveld voor zijn paard had vrijgemaakt, diagram na La6-c4,

had ik toch beter een toren op de c-lijn kunnen plaatsen. Na 19. Lxc4 Dxc4 20. Tc3 Db5 21. Db3 Da5 22. Txc8 Txc8 23. Ld2 won ik wel een stuk. Mijn tegenstander wist van geen opgeven, ook niet toen ik na afruil van de zware stukken zijn resterende stukken allebei in de hoek gejaagd had. In de slotstelling kon hij mat in 1 slechts voorkomen door zijn loper te geven. Diagram na 40. Lb6-a7:”

Bij Henk Boot op bord 3 zat er niet zoveel muziek in de stelling en nadat dames en torens waren geruild resteerde een eindspel met 3 lichte stukken en beiden hadden 2 pionnen op de damevleugel en 3 op de koningsvleugel. Diagram.

Maar dankzij het loperpaar en de open stelling was het begrijpelijk dat zwart het witte remiseaanbod afwees. Henk kon zijn beperkte nadeel wegwerken en zijn paarden op de mooie velden c5 en d5 plaatsen, maar voordeel had hij zeker niet. Zwart stuurde met 32. … Pd7 aan op paardruil, maar daar voelde Henk niet voor, Met 33. Pe4 voorkwam hij dat en nu had zwart met La6+ weer een klein voordeeltje kunnen pakken, maar hij verslikte zich met Lb7, waarmee Henk met Pd6+ een stuk in de schoot geworpen kreeg en zwart gaf op. Diagram.

Een flinke meevaller dus, deze 2,5-1,5 voorsprong, maar hiermee waren de meevallers voor ons team wel op zo bleek later. Bij Gela Nikoladze zag het er op bord 5 wel goed uit. Vanuit de opening liep de witte koning naar het veilige h2, terwijl zwart op de damevleugel geen potten kon breken. Gela concentreerde zich op de thematische opmars e4-e5. Dat leverde ruimtevoordeel op en er ontstond een stelling met alleen zware stukken, waarin zwart toch meerdere resources had. En de samenwerking tussen de witte stukken kraakte en dat kostte Gela op een gegeven moment in een moment van schaakblindheid een toren. Hoewel hij daarna nog wel wat probeerde, was een nederlaag niet meer te voorkomen.
Vandaag lukte het bij Jaco Vonk op bord 1 niet zo goed. Tegen zijn sterke tegenstander die zijn eerste twee wedstrijden had gewonnen ging het in de opening wat moeizaam, maar tegelijk was er weinig aan de hand. Zwart stond weliswaar ietsje beter, maar niet meer dan -0.5. En ook voor de langslopende toeschouwers was het niet duidelijk hoe hij iets tegen de soliede zwarte stelling kon uitrichten. Zijn vele diepe gedachten kostten overigens (te) veel tijd en het lukte hem vandaag niet zijn verdediging op orde te houden. En hij liet zich dit keer vrij gemakkelijk beetnemen toen hij in tijdnood kwam. Hiermee kwam Krimpen weer op voorsprong (3,5-2,5) en het was niet goed te zien hoe uit de resterende partijen van Eddy en Louis op dat moment nog 1,5 punt te peuren zou zijn. De volgende uitslag kwam van Eddy Korevaar op bord 2. Tot zet 25 ging het eigenlijk prima. Ook Lichess beoordeelt het allemaal in evenwicht en Eddy dacht op dat moment f6 te moeten spelen om allemaal problemen te voorkomen en vervolgens staat het met 1 zet ineens +4.2 voor wit! Het werd een dodelijke tochtstrip van d5 naar g8 zo bleek later. Vervolgens kwam het niet meer goed. Zijn tegenstander begreep de stelling beter. en wist het fraai tot winst te voeren. Eddy bood op zet 26 nog remise aan, maar had dat wellicht 2 zetten eerder moeten doen….. Nu sloeg zijn tegenstander het natuurlijk af, vond de juiste zetten en wist het fraai tot winst te voeren. Hiermee had Krimpen de overwinning binnen en restte alleen nog de wedstrijd van Louis Rutgers op bord 8. Louis speelde soliede, kwam goed te staan, maar het vinden van het juiste vervolg was niet eenvoudig. Langzaam aan kreeg wit de overhand en in een eindspel met 4 torens en een witte loper tegen een zwart paard won wit een pion op de damevleugel. Iedereen meende dat het voor Louis verloren zou zijn, maar hij verdedigde zich taai. De torens hadden inmiddels het strijdtoneel verlaten, de damevleugel was een verlaten gebied geworden. En het leek erop dat er voor Louis toch weer remisekansen boven water kwamen. Een bijkomend voordeel was dat wit een witte loper had van de verkeerde kleur. Tenslotte miste Louis de directe weg naar remise met Pg4+ of zelfs Pxg2! Diagram.

Hij koos voor Pf1, hoewel de weg naar remise nu meer verborgen was na een wit h4+. Hiermee verdwenen de witte h- en zwarte f-pion van het bord, maar zoals Hans Karelse later aangaf, was er toch nog geen vrije doortocht voor de witte g-pion. Louis zag dat helaas niet en gaf op in remisestelling! Heel zuur na een lange, taaie verdediging. Maar hij is hiermee overigens in “goed” gezelschap, want zelfs Timman is dit wel eens overkomen. Maar goed, een “duidelijke” nederlaag, waarbij één gelukkig plusje bij Henk, niet opwoog tegen de nederlagen van Tony, Gela, Jaco, Eddy en Louis. Hopelijk gaat het de volgende keer beter tegen het roemruchte HSG uit Hilversum dat samen met ons in de onderste regionen van de poule bivakeert.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *