Terug naar nieuwsoverzicht

Verlag ronde 26 interne competitie en wedstrijd De Giessen en Linge 1-Rivierenland 2

Vanwege de externe wedstrijd van het eerste SOS-team waren er betrekkelijk weinig wedstrijden in de interne competitie.
Bram Capelle herstelde zich goed van zijn “zeperd” van vorige week, dat was althans hoe hij zelf achteraf tegen die partij aankeek. Hij kreeg tegen Bert van Hees eerst ruimtelijk voordeel en won vervolgens een kwaliteit en pion. Daarna was de winst niet moeilijk meer. Huig Visser heeft dit jaar een goed seizoen. Hij staat niet voor niets met afstand bovenaan in het “ELO-stijgers” klassement. Ook nu stond hij al snel beter, won een pion en vervolgens de partij tegen Johan van der Heijde. Ook Mark Couwenberg draait een goed seizoen. In het klassement van de “ELO-stijgers” is hij opgeklommen naar de derde plaats. Blijkbaar heeft zijn grote inzet voor de jeugdafdeling ook een positief effect op zijn eigen schaakprestaties. Ditmaal speelde hij tegen Bert van Geldere en ook die kwam tegen Mark in de verdrukking en moest uiteindelijk het hoofd buigen. Henry Houweling, die nog niet zo lang lid is, is bezig met een goede serie. Ook tegen een ander nieuw lid, Peter van Gaalen kreeg hij een overwegende stelling, bouwde zijn voordeel uit en won ook deze partij. Binnenkort wachten hem tegenstanders van steeds zwaarder niveau, zodat we benieuwd zijn hoe hij dan zal scoren. Gijs Bos verloor thuis van Rob van Driel. De langste en meest “wild-west” partij werd gespeeld door Ernst Delwel en Wim Rietveld. Na een bekende opening zag uw verslaggever pas een stand op het bord, toen er al heel veel gebeurd was en er sprake was van een zeer ongelijke materiaalverhouding. Maar eerder had zo bleek en vertelde Ernst later hij een goede kans op een mataanval laten liggen. Maar Wim kwam daarna met sterk spel terug in de wedstrijd en kreeg hij een vervaarlijk initiatief. Zo had wit een dame, loper en ver opgerukte pionnen op de g- en h-lijn. Zwart daarentegen had ver opgerukte pionnen op de d- en e-lijn, een ver in de witte stelling doorgedrongen toren en zwarte loper, terwijl van afstand ook een witte loper de opgerukte pionnen ondersteunde. De centrale vraag was of wit het zwarte aanvalsgeweld zou kunnen neutraliseren en vervolgens met zijn pionnen op promotie af kon gaan. Ernst speelde op een gegeven moment een vrij verdedigende loperzet (Le3-f2) en zag toen een geweldige aanval op zich af komen. De beste stuurlui, die zich zo laat op de avond ook hier keurig op de walkant ophielden, zagen een mooie zet, Le3-f4 ipv Lf2, waarbij de zwarte loper op e5 gepend zou worden en mogelijk “opgehaald” na een schaakje met Df6+. Zoals het nu ging, was Ernst wel gedwongen zijn dame (terug) te offeren, maar hoewel hij de dame op verschillende manieren in de “aanbieding” kon doen en ook deed, wilde Wim hem niet onmiddellijk hebben. Ernst liep door met zijn pionnen. Na het activeren door zwart van zijn witte loper, sloeg Ernst gewoon deze loper eraf met zijn dame (driemaal is scheepsrecht dacht Ernst waarschijnlijk bij dit “dameoffer” op d5, omdat hij aansluitende op g8 kon promoveren met schaak. Hiermee was duidelijk dat Wim zijn kansen had gemist. Teleurgesteld gaf hij tegen het middernachtelijk uur op, hoewel hij gezien de beperkte tijd voor beiden zeker nog wel spartelkansen had en Ernst ook nog de nodige goede zetten had moeten vinden om de winst veilig te stellen. Natuurlijk is uw verslaggever en het overige gehoor benieuwd naar de analyse met behulp van de computer, omdat die in dit soort tactische stellingen vaak allerlei verborgen wendingen naar boven kan brengen.
De externe wedstrijd tegen Rivierenland 2 begon met de nodige handicaps. Wim Rietveld wilde liever niet extern spelen en ook kopman Jaco Vonk moest zich vanwege werkverplichtingen excuseren. Hiervoor waren als vervangers Henk Boot en Eddy Korevaar beschikbaar. Tenslotte moest ook Jeroen Brandsma wegens ziekte afhaken, maar hij werd waardig vervangen door Chris Tromp.
Het eerste teleurstellende resultaat kwam van André van Wingerden op bord 6. Hij kwam met wat ruimtelijk overwicht uit de opening, maar zwart viel akelig binnen op de witte koningsvleugel en de dreigingen door de witte torens richting g7 waren onvoldoende om het naderende onheil af te wenden: 0-1 achter. Vervolgens speelde Chris Tromp op bord 7 remise. Na een ogenschijnlijk normale opening kwam wit weliswaar een pionnetje voor, maar dit ging ten koste van een totaal versnipperde pionnenstructuur met twee geïsoleerde dubbelpionnen rond zijn koning wat (ruim) voldoende compensatie bleek. Vervolgens werd de stand door Hans Kooy op bord 5 gelijk getrokken. Na de opening stond hij moeilijk met een lastige verdedigende pionnenstructuur in het centrum en positioneel leek wit hier een flink aantal troefkaarten te bezitten. Echter, deze werden niet uitgespeeld, zodat Hans er geheel onverwacht met de volle buit vandoor kon gaan: 1,5-1,5. De stand op de andere borden lieten nog veel strijd zien, hoewel het er op bord 3 bij Hans Karelse en bord 4 bij Louis Rutgers wel goed begon uit te zien, maar op bord 1 had Henk Boot het moeilijk tegen zijn tegenstander. Helaas ging er vanuit een inmiddels mooie stelling bij Louis Rutgers iets vreselijks mis, een blunder zoals hijzelf zei, en dat werd dus een zure nul. Gelukkig trok Arjan Uittenbogerd op bord 8 de stand weer gelijk. Bleef er dus de strijd aan de hoogste drie borden. Op bord 3 had Eddy Korevaar weliswaar een pionnetje buitgemaakt, maar het was een nogal open stelling waarin wit de nodige resources had, die helaas door Eddy onvoldoende naar waarde werden ingeschat, een nederlaag was het gevolg. Ook bij Hans Karelse op bord 2 ging het mis. Met goed spel had hij op de damevleugel een pionnetje buitgemaakt. Het leek erop dat hij in het toren-loper eindspel goede kansen had, maar wel het nodige geduld moest betrachten en zijn koning naar de damevleugel brengen om de opmars van zijn b-pion te ondersteunen. Helaas raakte hij zijn pluspion weer kwijt en er resteerde een pionneneindspel, waarin Hans weliswaar de verste vrijpion had, maar de zwarte koning een betere positie innam dan zijn witte collega. Een remiseaanbod van Hans werd door zwart afgeslagen en helaas ging het in het pionneneindspel vervolgens ook nog mis, ook hier een nederlaag. Bij Henk Boot op bord 1 ontwikkelde de strijd zich langzaam. Henk maakte op de 20e zet wel een fout, die wit met een bepaalde afruil een pion en groot voordeel had kunnen opleveren. Zo ging het niet, de door wit gekozen afruil leverde een ongeveer gelijke stelling op, al lag het initiatief nog steeds bij wit en moest Henk verder nauwkeurig spelen. Wit creëerde weliswaar een verre vrije b-pion, ondersteund door zwaar geschut (torens op b1 en b2 en dame op a6), maar toen Henk zijn paard naar b4 ertussen kon spelen werd de vrijpion vervolgens door Henk smakelijk verorberd. Henk ging er eens goed voor zitten om zijn overigens beperkte voordeel te vergroten. Beiden hadden nog maar zo’n 10 minuutjes voor de rest van de partij. Henk ruilde handig nog een stel torens af en sloeg het remiseaanbod van wit op zet 46dan ook resoluut af. Hij maakte plannen om zijn vrije c-pion naar voren te brengen, toen wit ernstig misgreep. Hij pakte de dame en wilde die naar een “verkeerd” veld zetten en pakte vervolgens Henk’s paard vast om het recht te zetten, echter zonder de “bezweringsformule” “j’adoube”. Henk claimde dus de partij omdat het gedwongen Dxb4 wit zijn dame zou kosten. Een wat bizar slot, want het zou Henk nog heel wat moeite hebben gekost de vis op het droge te krijgen. Echter, hoewel de wedstrijdleider van de tegenstander de claim in eerste instantie nog bestreed, was de claim gewoon terecht. Zo heeft Tiviakov in het open kampioenschap van Nederland in Dieren ook eens een dame verspeeld hoorde ik een dag later. Overigens, dit resultaat kon de (zure) 3,5-4,5 nederlaag niet meer voorkomen. Hopelijk gaat het de volgende keer beter!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *